Voeding en gezondheid onder de loep van logo TA
Dossier

Hoe houden we onze geneesmiddelen betaalbaar?

26 februari 2021
prijs van geneesmiddelen

De prijzen die farmaceutische firma's aanrekenen voor geneesmiddelen zijn onhoudbaar voor de gezondheidszorg. Als dit zo verder gaat, komt de terugbetaling van waardevolle behandelingen in gedrang. De overheid moet dringend maatregelen treffen om de spiraal van stijgende prijzen te doorbreken.

Hoeveel moet je betalen voor een coronavaccin?

De prijzen die we hiernaast vermelden zijn gebaseerd op tal van bronnen zoals berichten van de firma's zelf, berichten in de media, contracten in de VS ... De concrete prijs die Europa afspreekt en we dus zullen betalen is op dit moment geheim.

In de apotheek zul je niets moeten betalen. De kostprijs voor de verschillende vaccins zal volledig worden terugbetaald door de ziekteverzekering. Betekent dit dan dat het coronavaccin volledig gratis is voor de bevolking? Neen, integendeel. Voor klassieke geneesmiddelen betalen we al tweemaal, maar met de kaarten die nu op tafel liggen, zullen we voor de coronavaccins mogelijk driemaal moeten betalen.

Eerste maal voor onderzoek en productie

De coronavaccins komen uiteraard niet plots uit de lucht gevallen. Voor zo’n vaccin in jouw apotheek terecht komt, is er onnoemelijk veel wetenschappelijk onderzoek en ook logistiek werk verricht. Doordat het hele ontwikkelingsproces voor de coronavaccins flink wat versneld verloopt, nemen farmaceutische firma’s dan ook heel wat risico’s die ze in normale tijden niet zouden nemen. Ze investeren immers in de productie van een vaccin zonder al degelijk zicht te hebben op de werkzaamheid en veiligheid ervan. Daarom zijn er stevige subsidies vrijgemaakt op Europees niveau. Grofweg kunnen we zeggen dat Europa bijspringt voor de kosten van de voorinvesteringen die fabrikanten moeten doen om straks op grote schaal een coronavaccin te kunnen afleveren. Concreet maakte Europa hiervoor maar liefst 2,7 miljard euro vrij. Hoeveel iedere firma daarvan krijgt wordt vastgelegd via contracten. Toch blijven wij met enkele vragen zitten.

Wat staat er in de contracten?

De Europese Commissie onderhandelt in naam van alle lidstaten met de verschillende farmaceutische firma’s die in de running zijn voor een coronavaccin. Wanneer een contract is afgesloten, heeft iedere lidstaat vijf werkdagen de tijd om te beslissen of het al dan niet intekent. Zij dragen nadien ook zelf de kosten voor de aankoop van de vaccins. In ons land gebeurt de evaluatie van deze contracten door een speciaal comité binnen het geneesmiddelenagentschap (FAGG). Zij verleent advies aan de Interministeriële Conferentie Volksgezondheid om al dan niet een contract te ondertekenen. Doordat Europa nu voor alle lidstaten samen onderhandelt, gaan de gesprekken over grotere bestellingen, waardoor er betere prijzen en voorwaarden kunnen worden afgedwongen. Een goede zaak dus.

In zo’n contract wordt onder meer bepaald welk bedrag Europa op tafel zal leggen als voorinvestering. Ook andere voorwaarden bijvoorbeeld over de leveringsschema's, aansprakelijkheid, de prijs die zal worden gevraagd, de intellectuele eigendom etc worden in dit contract vastgelegd.

Er zijn twee mogelijke contracten:

  • Bindend contract: Iedere lidstaat die intekent op zo’n contract is nadien, indien het vaccin op de markt komt, verplicht om het gereserveerde aantal vaccins ook daadwerkelijk te betalen. Op dit moment is er zo’n akkoord met AstraZeneca, Johnson & Johnson, Moderna, Curevac en BioNTech/Pfizer. Ons land tekende reeds in voor het vaccin van AstraZeneca voor 7,5 miljoen dosissen, voor dat van Johnson & Johnson voor 5 miljoen dosissen, en dat van BioNTech/Pfizer voor 12.5 miljoen dosissen, voor dat van CureVac voor 2,9 miljoen dosissen en voor dat van Moderna voor 5,8 miljoen dosissen.
  • Contract met recht van aankoop: Bij dit contract tussen de Europese Commissie en de fabrikant, kan iedere lidstaat zelf in een latere fase van de ontwikkeling van het kandidaat-vaccin, beslissen om al dan niet in zee te gaan met de firma. Doet het land dat, dan gelden de voorwaarden die Europa besproken heeft met de fabrikant. Zo’n contract werd gesloten met Sanofi/GSK voor 7,5 miljoen dosissen.

De inhoud van de contracten blijft echter grotendeels geheim. Verschillende contracten werden wel gepubliceerd na grote maatschappelijke druk, maar de belangrijkste informatie werd erin gecensureerd. Nochtans zijn die contracten de enige manier om zicht te krijgen op hoeveel belastinggeld er nu eigenlijk naar de ontwikkeling en de productie van de coronavaccins is gevloeid en of het risico dat de farmaceutische firma’s nemen gelijk verdeeld is tussen de overheid en de firma’s zelf. Ook over wie de onderhandelaars zijn en of deze dus volledig onafhankelijk zijn, is weinig geweten.

Hoeveel krijgt iedere firma?

In Europa worden de contracten grotendeels geheim gehouden. Hoeveel geld er van Europa naar iedere firma vloeit en welke voorwaarden aan die financiering gekoppeld zijn, blijft dus koffiedik kijken. Maar uiteraard pompen ook elders in de wereld overheden massaal geld in deze vaccins, vooral in de Verenigde Staten. Zij communiceren wel iets opener, en publiceren de toegekende bedragen, alsook in grote lijnen waarvoor deze worden gebruikt. Hieronder een overzicht van de investeringen voor de koploper-vaccins.

CEPI is een internationale alliantie (hoofdzetel in Oslo) die in 2017 werd opgericht om de ontwikkeling van nieuwe vaccins tegen infectieziekten te versnellen.

       

Zijn er voorwaarden voor publiek gefinancierd onderzoek?

Bij de ontwikkeling van de coronavaccins wordt immers beroep gedaan op onderzoek dat in het verleden al is gebeurd, dikwijls deels met publiek geld. Zo maakte Johnson & Johnson voor zijn vaccin gebruik van dezelfde technologie als het ebolavaccin, dat destijds stevige subsidies kreeg, en werd dat van AstraZeneca ontwikkeld aan de Universiteit van Oxford, een publiek gefinancierde instelling. Door de regel worden er weinig voorwaarden opgelegd aan zo’n (deels) publiek gefinancierde onderzoeken, wat erg te betreuren valt. Zo moeten firma’s zich bijvoorbeeld niet engageren tot het vragen van een betaalbare prijs.

In het kader van het coronavaccin werd er wel vastgelegd dat lidstaten staatssteun mogen verlenen aan vaccinontwikkelaars voor onderzoek en ontwikkeling, maar dat deze dan nadien verplicht zijn om te werken met niet-exclusieve licenties, met andere woorden andere bedrijven mogen het vaccin aan het einde van de rit ook produceren. De Universiteit van Oxford sloot bijvoorbeeld een overeenkomst met AstraZeneca voor de verdere ontwikkeling van haar vaccin. Of dit een niet-exclusieve is, is niet geweten. De universiteit weigert alleszins om ze vrij te geven.

Een ander extreem voorbeeld van dergelijke publieke investeringen is het kandidaat-vaccin van Moderna, dat voor een flink stuk door de Amerikaanse belastingbetaler werd gesponsord. Het bedrijf werkt al enkele jaren rond onderzoek naar de nieuwe vaccin- en geneesmiddelentechnologie mRNA. Daarvoor kreeg het de afgelopen jaren van internationale en Amerikaanse organisaties al miljoenen subsidies. Voor de ontwikkeling van hun coronavaccin, dat gebaseerd is op deze technologie, konden ze dus profiteren van deze publiek gefinancierde kennis uit het verleden. Hun coronavaccin werd overigens mee ontwikkeld door onderzoekers van het publiekgefinancierde National Institute of Health en de preklinische en klinische studies werden quasi volledig gefinancierd door de Amerikaanse overheid. Deze legde hiervoor zo’n 836 miljoen euro op tafel.


Tweede maal voor ziekteverzekering

Wanneer we straks een coronavaccin gratis meekrijgen in de apotheek, dan heb je dat te danken aan de tegemoetkoming van de ziekteverzekering (Riziv). Maar de kas van het Riziv moet natuurlijk worden gespijsd. En dat gebeurt met onze sociale bijdragen en belastinggeld. In 2019 moest het Riziv zo’n 4,66 miljard euro ophoesten voor de terugbetaling van geneesmiddelen. Dat is gemiddeld ruim € 400 per inwoner.

Derde maal voor schadeclaims

De farmaceutische firma’s trachten de aansprakelijkheid voor hun kandidaat-vaccins door te schuiven naar de overheden. En met succes zo blijkt. Afhankelijk van de prijs die de firma’s voor hun vaccin vragen, zullen de overheden bijspringen voor de kosten voor schadeclaims over bijwerkingen die nog niet gekend waren op het moment van commercialisatie. Kortom, als belastingbetaler zul je dus ook hier de kosten mee voor dragen.