Dossier

Groepsverzekering: hoeveel je eraan overhoudt

12 juli 2017
assurance groupe

12 juli 2017

Het bedrag dat je volgens de jaarlijkse fiche van je groepsverzekering als aanvullend pensioen zult krijgen, is een brutobedrag. Wij leggen uit hoeveel je daar netto van in handen zult overhouden.

In twee fases

Je moet goed beseffen dat wat je effectief aan je groepsverzekering zult overhouden, een pak minder is dan het brutobedrag dat de verzekeraar naar jou toe communiceert (zie de jaarlijkse fiche van de verzekeraar, www.mypension.be of eventueel de website van de verzekeringsmaatschappij).
Hij zal bij de uitkering zelf automatisch het grootste deel van de heffingen inhouden. En jij zult later via je belastingaangifte nog moeten bijpassen. 

We leggen de regels uit voor het geval een groepsverzekering in de vorm van een kapitaal wordt uitgekeerd, wat de meest frequente hypothese is. 

Eerste fase

De verzekeraar is verplicht om in de eerste plaats sociale bijdragen in te houden op zowel de winstdeelneming die hij je eventueel toekent als op het gewaarborgd kapitaal waar je aanspraak op kunt maken: 

  • een RIZIV-bijdrage van 3,55 %;
  • een solidariteitsbijdrage van 2 % (1 % als het kapitaal minder bedraagt dan € 24 790).

Vervolgens moet hij voor rekening van de fiscus een bedrijfsvoorheffing inhouden op het bedrag dat van het gewaarborgd kapitaal overschiet na aftrek van de sociale bijdragen. Die bronheffing is echter nog maar een voorschot en ze dekt in de praktijk maar uiterst zelden de totale belasting. Er wordt immers slechts in heel beperkte mate rekening gehouden met de gemeentebelasting die je boven op de belasting voor de Staat verschuldigd bent.

Op het deel opgebouwd met jouw eigen bijdragen

De bedrijfsvoorheffing hangt af van het ogenblik waarop je de premie voor de groepsverzekering hebt betaald:

  • 10,09 % op de som verkregen op basis van de bijdragen die je vanaf 1993 hebt gestort;
  • 16,66 % op het deel opgebouwd met de bijdragen die van daarvóór dateren.

Op het deel opgebouwd met de werkgeversbijdragen

De bedrijfsvoorheffing bedraagt in het beste geval 10,09 %. Het basistarief (dus zonder gemeentebelasting) van 10 % is echter alleen van toepassing als je het kapitaal opvraagt wanneer je de wettelijke pensioenleeftijd hebt bereikt, en die is momenteel nog altijd 65 jaar (66 vanaf 1/2/2025 en 67 vanaf 1/2/2030). 
Al wie het geld eerder int, zal veel zwaarder worden belast! Ook geldt die 10 % sowieso alleen als je tot drie jaar daarvoor “actief” bent geweest. Verder meer daarover.

Als werknemer ben je vrijgesteld van belasting op de winstdeelneming. Maar de verzekeringsmaatschappij heeft er al ruimschoots belasting op betaald, alleen zul je daar zelf niets van merken. 

Tweede fase

De eindafrekening volgt na de belastingaangifte. Je moet het kapitaal dat je hebt opgestreken, opnemen in de eerste belastingaangifte die je als gepensioneerde doet. De fiscus zal dan het correcte percentage aan gemeentelijke opcentiemen in rekening brengen, waardoor je in de regel zult moeten bijpassen. 

Een zware fiscale aderlating

In de hypothese dat het basistarief van 10 % van toepassing is en de gemeentebelasting 7 % bedraagt, komt de totale belasting op 10,70 %, en als we daar de sociale bijdragen aan toevoegen die werden ingehouden, zelfs op 15,66 %. In dat geval houd je aan een gewaarborgd kapitaal van € 100 000 slechts € 84 344 over.


Afdrukken Versturen via e-mail