Voeding en gezondheid onder de loep van logo TA
Nieuws

Heupprotheses: te veel verscheidenheid

09 juni 2011
te veel verscheidenheid

09 juni 2011

Er is nood aan wetenschappelijke evaluatie van heupprothesen. Test-Aankoop eist een verplicht heupregister om dit te verhelpen.

Momenteel worden meer dan 1 000 combinaties van protheseonderdelen gebruikt. Bij vele van deze implantaten heeft men evenwel nog geen zicht op de resultaten op lange termijn. Deze grote verscheidenheid is een probleem voor de kwaliteit van zorg en mee verantwoordelijk voor verschillen in resultaten tussen ziekenhuizen.

Reglementering is te laks

In België zijn alleen implantaten met een CE-label toegelaten, ook al is dit geen waarborg voor kwaliteit. Voor "medische hulpmiddelen" zoals heupprotheses geldt niet zo’n strenge reglementering als voor geneesmiddelen. Ze komen dus heel snel op de markt, zonder grondige tests. Massa's nieuwe modellen worden snel aan de man gebracht, met het risico dat ze van inferieure kwaliteit zijn. Dat kan tot gevolg hebben dat de prothese vroegtijdig mankementen gaat vertonen.

Een heupregister

Om problematische implantaten vrij snel op te sporen, hebben een aantal landen een kwaliteitscontrolesysteem in het leven geroepen: een nationaal heupregister. Daarin houdt men informatie bij over alle heupprotheses. Het gaat om gedetailleerde en individuele gegevens over de operatie: geslacht en leeftijd van de patiënt, gestelde diagnose, prothesetype, fixatietechniek, chirurgische techniek, revisies achteraf. De registers leveren ook betrouwbare gegevens over de efficiëntie op lange termijn (minstens 10 jaar) en over de kwaliteit van de implantaten.

Een dergelijk register bestaat ook in België, maar functioneert helemaal niet goed omdat weinig artsen eraan meewerken.

Wildgroei aan protheses

Volgens een studie van de Christelijke Mutualiteit werden er in 2008 niet minder dan 1 092 prothesecombinaties gebruikt. Voor een aantal van deze implantaten zijn er geen gegevens over de resultaten op lange termijn. Bovendien moet de chirurg met elk nieuw prothesetype leren werken, waardoor de resultaten in het begin minder goed riskeren te zijn. Ook tussen ziekenhuizen is er een groot verschil qua keuze van protheses. In sommige ziekenhuizen planten de artsen bij al hun patiënten hetzelfde type in, in andere ziekenhuizen gebruiken ze meerdere modellen. Waarom is een raadsel …

Te grote verschillen tussen ziekenhuizen

Dezelfde studie van de CM toont aan dat er ook grote verschillen bestaan in resultaten tussen de ziekenhuizen: de beste ziekenhuizen geven zes keer betere resultaten dan het nationale gemiddelde, de zwakste scoren bijna vijf keer slechter.  Eenzelfde vaststelling geldt voor de prijs van een ingreep, waar grote verschillen tussen de ziekenhuizen en soms tussen de patiënten van een en hetzelfde ziekenhuis vastgesteld worden. België is overigens duurder dan de andere Europese landen, zowel voor de ingreep als voor het implantaat zelf.

Wij eisen

  • Heupprotheses moeten grondiger worden getest vóór ze op de markt komen. De commercialisering moet verlopen volgens een gestandaardiseerde procedure. 
  • Wij pleiten voor een verplicht nationaal register dat de gedetailleerde gegevens van alle heupoperaties bijhoudt: geslacht en leeftijd van de patiënt, gestelde diagnose, prothesetype, fixatietechniek, chirurgische techniek, revisies achteraf.
  • Men moet de voorkeur geven aan implantaten die goede resultaten hebben opgeleverd, zowel bij klinische tests op lange termijn als in de registers.
  • Men dient kwaliteitsindicatoren te ontwikkelen en te publiceren per ziekenhuis, om de consument te informeren.

Afdrukken Versturen via e-mail