Dossier

Mobiele bijverwarming

26 oktober 2017
mobiele elektrische verwarming

26 oktober 2017
Bijverwarming kan handig zijn in het tussenseizoen of om snel een ruimte te verwarmen. Een gas- of petroleumkachel is echter niet aan te raden in leefruimten. Wat dan wel?

Is mobiele bijverwarming nuttig?

Is het tijdens bepaalde periodes niet voordeliger om een apart verwarmingstoestel te gebruiken in plaats van de ketel of de centrale verwarmingsinstallatie te laten draaien?

Jazeker, als je maar één ruimte kort wilt verwarmen, bijvoorbeeld de badkamer net voor het babybadje of je thuiskantoor om snel nog iets af te werken. Om meerdere ruimtes of langere tijd te verwarmen (bijvoorbeeld tijdens een thuiswerkdag), maak je beter gebruik van de klassieke verwarming, bijvoorbeeld je centrale verwarming op aardgas of stookolie. Een elektrische radiator is immers erg duur in gebruik: tegenwoordig kost elektriciteit maar liefst drie tot vijf keer meer dan aardgas of stookolie.

In het najaar puilen de winkelrekken van elektrowinkels en doe-het-zelfzaken uit met elektrische verwarmingstoestellen. Kiezen is dan ook niet gemakkelijk. Daarom overlopen we de aspecten waarmee je rekening moet houden.

Convectie of straling?

Het basisprincipe van een elektrische radiator is eenvoudig: lucht passeert langs een warmte-element en wordt opgewarmd. Er bestaan twee (soms gecombineerde) manieren om die verwarmde lucht af te geven: via straling of convectie. De ene manier is niet beter dan de andere. De keuze hangt af van je behoefte.

Bij convectie wordt de lucht opgewarmd. Het verwarmingstoestel zuigt koude lucht aan. Die koude lucht passeert langs een weerstand of warmtewisselaar, waarna de verwarmde lucht zich weer in de ruimte verspreidt, hetzij op natuurlijke wijze (warme lucht stijgt vanzelf), hetzij op mechanische wijze (door middel van een ventilator). Uiteindelijk omringt de warme lucht ook de bewoners, die het zo warm krijgen. Elektrische convectoren en blazers werken volgens dit principe.

Bij straling worden mensen en voorwerpen tot op zekere afstand opgewarmd door infraroodstralen, zoals van de zon. Doordat de opgewarmde elementen (meubels, muren, mensen enz.) de opgenomen warmte weer afgeven, stijgt ook hun omgevingstemperatuur enkele graden. Als je dichtbij of vlak voor een stralingspaneel staat, krijg je het dus aangenaam warm in een ruimte waarin de temperatuur (nog) niet zo hoog is. Op 1 meter van het toestel kan de gevoelstemperatuur maar liefst 3°C hoger liggen dan de kamertemperatuur. Kwartsradiatoren, stralingspanelen en halogeenradiatoren werken via straling. Olieradiatoren werken via een combinatie van convectie en straling.

Hoewel persoonlijke voorkeur ook een rol speelt bij je keuze, is een toestel dat (vooral) stralingswarmte geeft het meest geschikt als je dicht bij het verwarmingstoestel blijft, het maar kort gebruikt – zo niet kun je zelfs last krijgen van hoofdpijn – en/of als je je moet uitkleden (bv. in de badkamer). In deze omstandigheden zijn sommige convectoren met een ventilator ook een goed alternatief. 

 
Voor de badkamer of leefruimten?

Zoek je een elektrisch verwarmingstoestel voor de badkamer, neem dan in ieder geval een model dat spatwaterbestendig is (herkenbaar aan de vermelding van de IP-beschermingsgraad, die minstens IPX1 moet zijn). Dit is bij heel weinig radiatoren het geval. Logisch, want voor de badkamer wordt eerder aanbevolen om het verwarmingstoestel tegen de muur te bevestigen.

Elektrische radiatoren voor de badkamer zijn gewoonlijk duurder dan andere. 

Prijs

Er zijn elektrische radiatoren in alle prijsklassen te vinden, van slechts € 10 tot zowat € 400! De prijs verschilt naargelang van het type (blazers zijn vaak het goedkoopst), de uitrusting (afstandsbediening, digitaal display…), het merk enz.

Aangezien deze toestellen bedoeld zijn voor occasioneel gebruik (vanwege de hoge verbruikskosten), lijkt het ons niet nodig om voor een duur en bijzonder gesofisticeerd model te kiezen. Voor leefruimten volstaat een toestel van € 10, voor de badkamer één van € 20.

Vermogen
Het vermogen van het toestel bepaalt hoe snel de ruimte warm wordt. De meeste elektrische radiatoren hebben een vermogen van 2 000 W. Er zijn echter ook modellen van maar 1 000 W of zelfs 250 W op de markt. Die doen er veel langer over om het gewenste warmtegevoel te geven en voldoen dus mogelijk niet aan je verwachtingen. Aangezien er meer dan genoeg toestellen met een "hoog" vermogen te vinden zijn voor minder dan € 30, kies je dan ook beter daarvoor. Tenzij je elektriciteitsinstallatie misschien zodanig verouderd is dat ze geen 2 000 W aankan. Maar dan is het tijd om die te vernieuwen!
Met of zonder thermostaat ?

Een thermostaat regelt de werking van de radiator om de kamertemperatuur constant proberen te houden. Als je het toestel langer dan enkele minuten gebruikt, zorgt een thermostaat voor meer comfort, minder verbruik en op een bepaalde manier zelfs meer veiligheid. 

Elektrische radiatoren zonder thermostaat werken dus constant op hetzelfde vermogen. Dat is niet verrassend bij bepaalde stralingstoestellen, die veel warmte moeten afgeven gedurende een meestal korte tijd. Maar als je voor een blazer of convector kiest, neem je beter een model met een thermostaat.