Dossier

Robotmaaiers: uw gras maaien zonder zorgen

28 april 2017
robotmaaiers

28 april 2017

Als u het gras maaien helemaal aan een robot wilt overlaten, kan dat. De initiële installatie vergt wel wat tijd, maar daarna hoeft u zelf niets meer te doen. En de robotmaaiers presteren op niveau. Voor de vele snufjes, de goede prestaties en het grote gemak moet u wel een smak geld op tafel leggen: € 1000 en meer.

De werking

Concreet moet u het maaigebied veelal eenmalig afbakenen met een zgn. grensdraad. Die zendt signalen uit om aan te geven tot waar de maaier mag. De sterkte van het signaal bepaalt hoe ver de maaier zich kan verwijderen van de grensdraad en dus voor welke oppervlakte hij geschikt is (al speelt ook de batterij mee).

Grensdraad aanbrengen

Opdat de robotmaaier de maaiklus helemaal alleen zou kunnen klaren, moet u eerst het werkterrein voor de maaier bepalen door het bewuste gebied af te bakenen met een grensdraad. Met die draad vormt u een lus, bij voorkeur uit een stuk.

De grensdraad legt u op de bodem van het grasperk of graaft u in. De draad gewoon vastzetten met klemmen gaat het snelst. Maar als u uw grasperk wilt verticuteren, is het toch beter om de draad in de grond in te graven tot maximaal 20 cm diep.

In een tuin kunnen heel wat obstakels in de weg staan: een bloemenperkje, een paal, een boom enz. Rond zaken als een bloemperk is het aangewezen om een lus met grensdraad aan te brengen. Bij een boom is dat niet nodig omdat de maaier daar dankzij zijn botssensor zal beseffen dat hij rechtsomkeer moet maken en een ander traject moet nemen. 

Robotmaaiers werken op een herlaadbare batterij. Als een maaier merkt dat zijn batterij bijna leeg is, keert hij terug naar het laadstation. Hij doet dit volledig autonoom aan de hand van een geleidedraad die signalen uitzendt. Bij voorkeur krijgt het laadstation een goed uitgekiende plaats in de tuin.

 

1. Terrein afbakenen met grensdraad 2. De grensdraad met klemmen vastzetten of ingraven. 3. Grensdraad aanbrengen rond een bloemperk; dat is niet nodig rond een boom. 4. De robotmaaier gaat zichzelf opladen in het laadstation. 5. Een kantelsensor voorkomt dat de robot kantelt op een helling.

 Allerlei snufjes

Robotmaaiers kunnen tal van sensoren bevatten:

  • sensoren die opvangen binnen welk gebied de maaier kan opereren;
  • een botssensor om harde obstakels zoals bomen te ontwijken;
  • een kantelsensor die moet beletten dat de maaier kantelt, bv. als de tuin flink afhelt;
  • een tilsensor. Als het toestel plots wordt opgetild, stopt hij vanzelf en komen de maaimessen ogenblikkelijk tot stilstand.

De meeste maaiers zijn bovendien uitgerust met een alarm dat moet afgaan als ze volledig geblokkeerd raken of als ze worden opgetild.

Verder worden de toestellen beveiligd met een pincode. Alleen met de juiste code krijgt u de robot (weer) aan de praat. Die beveiliging is wel zeer relatief. Aan de andere kant kan een dief weinig aanvangen zonder het laadstation en zonder de transformator die normaal gezien is vastgemaakt aan een muur in het huis.

Geprogrammeerd of manueel aansturen

U kunt het toestel programmeren om te bepalen wanneer — lees: welke dagen en uren en hoeveel keer per week — het toestel aan de slag moet. Als u dat te ingewikkeld vindt, kunt u het toestel ook manueel starten. Dan moet u wel thuis zijn.

Sommige toestellen kunt u zelfs besturen met een app op uw smartphone of tablet.

 


Afdrukken Versturen via e-mail