Analyse
Hoge coupon = interessante obligatie? 6 jaar geleden - donderdag 12 april 2012

Een obligatie van General Electric biedt een coupon van 4,25 %. Een andere van HSH Nordbank geeft 1,875 %. Is degene van General Electric dus aanbevolen? Niet noodzakelijk.

Coupon zegt niet alles

Het ligt voor de hand dat in een periode van lage rentevoeten zoals vandaag beleggers op zoek gaan naar obligaties die een hoge coupon bieden. Het gevolg is dat de sterke vraag naar deze effecten de koers stimuleert. De obligatie van General Electric noteerde begin april tegen 109,75 %. Dit houdt in dat wanneer u een coupure van 1 000 euro koopt, u 1 097,75 euro voor één effect moet ophoesten terwijl u op de vervaldag slechts 1 000 euro zal terugkrijgen. Het verschil tussen de aankoopprijs en het bedrag dat u op de vervaldag krijgt terugbetaald, beïnvloedt het rendement van de belegging. Daarnaast mag u niet uit het oog verliezen dat de coupon van 4,25 % wordt berekend op de nominale waarde van de obligatie (1 000 euro) en niet op de betaalde prijs (1 097,50 euro). Rekening houdend met deze elementen bedraagt het reële rendement van de obligatie van General Electric niet 4,25 % maar 2,14 % (bruto).

 

De obligatie uitgegeven door HSH Nordbank en haar lage coupon (1,875 %) trekken veel minder beleggers aan en dit is te zien aan haar koers. Begin april kon de obligatie worden gekocht tegen 99,89 % van haar nominale waarde. Aangezien het bedrag dat zal worden terugbetaald op de vervaldag hoger ligt dan de som die men moet neertellen om de obligatie te kopen en rekening houdend met de uitbetaalde coupons, bedraagt het reële rendement 1,90 % (bruto), een beetje hoger dus dan de coupon (1,875 %).

 

Hou rekening met fiscaliteit

De reële rendementen van deze twee obligaties verschillen dus nauwelijks en dit zou men afgaande op de nominale rentes niet direct vermoeden. De obligatie van General Electric (rendement van 2,14 %) blijft hoe dan ook interessanter dan deze van HSH Nordbank (1,90 %).
Maar ook deze conclusie lijkt te voorbarig. Want men moet rekening houden met de roerende voorheffing op de geïncaseerde coupon. Een voorheffing die 21 % bedraagt (op voorwaarde dat uw roerende inkomsten dit jaar niet boven de 20 020 euro uitkomen want anders moet een bijkomende 4 % worden opgehoest). De roerende voorheffing op een coupon van 4,25 % ligt evenwel hoger dan op een coupon van 1,875 %. In het eerste geval zal de fiscus 0,89 % binnenrijven, in het tweede 0,39 %.
Wanneer we rekening houden met de fiscaliteit, stellen we vast dat de obligatie van HSH Nordbank 1,50 % netto biedt, een hoger rendement dan hetgeen General Electric geeft, namelijk 1,29 % netto. In ons voorbeeld biedt de obligatie met de lage coupon en die onder de emissieprijs noteert een hoger rendement aan de belegger.

 

Coupon, emissieprijs, fiscaliteit: elk van deze elementen moet op individuele basis worden bekeken om daarna de juiste keuze te kunnen maken. Om de twee obligaties te kunnen vergelijken, moet men zich baseren op het reële nettorendement dat rekening houdt met al deze elementen. U mag zich niet blindstaren op obligaties die een hoog nettorendement bieden. Want in sommige gevallen staat een hoog rendement voor hoog risico, door de aard van de emittent of de valuta waarin de obligatie is uitgedrukt. Na de obligaties te hebben vergeleken op basis van hun reëel nettorendement, is het ook noodzakelijk om het risico van de effecten te bekijken.

 

Deel dit artikel