Analyse
Britse vastgoedfondsen zorgen voor lichte paniek 1 jaar geleden - vrijdag 8 juli 2016

Sinds het VK ervoor koos de Europese Unie te verlaten, weten de markten niet goed welke richting uit. Is er slecht nieuws, dan dreigen ze hierdoor onmiddellijk te worden beïnvloed.

Volgens ons is er echter geen reden tot paniek. Bijgevolg blijven we u aanraden om in aandelen te beleggen. Zorg echter voor voldoende diversificatie. Zo mag u blijven inzetten op o.a. het VK, Zweden, Polen alsook op bepaalde groeilanden (China, Indonesië…).
Raadpleeg
onze strategie. 

 

Sinds het Britse referendum lijkt de risicobereidheid op de markten te zijn afgenomen. Bewijs hiervan is de Amerikaanse rente op 10 jaar die vandaag schommelt rond 1,3 % (t.o.v. ±2,3 % eind 2015) en de terugval van de Duitse, Japanse en Britse rente op 10 jaar (deze laatste zakte zelfs tot 0,73 %).

 

Ook stelt de recente evolutie van bepaalde vastgoedfondsen niet gerust. Zo werden een reeks fondsen, die in commercieel vastgoed investeren en over beperkte liquiditeiten beschikken, geconfronteerd met tal van beleggers die halsoverkop hun biezen wilden pakken. Hierdoor moesten de fondsen hun handel stilleggen om de uitstroom te blokkeren. Hadden ze dit niet gedaan, dan waren ze verplicht geweest activa te verkopen. En gezien de huidige onzekerheid was dit wellicht tegen ongunstige voorwaarden gebeurd. Doordat deze drie fondsen ervoor kozen hun handel te bevriezen, wordt nu echter gevreesd voor een kettingreactie.

 

De groeilanden daarentegen doen het goed. Ze profiteren van de goede gezondheid van de Amerikaanse economie, het vooruitzicht van de gehandhaafde lage rente in de VS en de remonte van de grondstofprijzen. Bijgevolg trekken ze opnieuw buitenlandse investeerders aan op zoek naar rendement. De munt die sinds het referendum het forst kon klimmen t.o.v. het Britse pond is de yen, maar ook de Braziliaanse real, de Indonesische roepia, de Chileense peso en de Peruviaanse sol gingen er inmiddels mooi op vooruit.

 

Volgens ons zijn de obligatiemarkten momenteel maar weinig interessant. De rendementen liggen er te laag, rekening houdend met de stijging van de grondstofprijzen (voorteken van een normalisering van het inflatiepeil), het groeiritme van de geïndustrialiseerde economieën en de wereldwijde hoge schuldenberg.

 

Deel dit artikel