Analyse
Veilig, veiliger, veiligst ? 8 jaar geleden - donderdag 13 november 2008
Een thesauriefonds zorgt voor extra spreiding van uw cash. Op voorwaarde juist te kiezen.

Geldmarktfondsen in euro worden geacht veilig te zijn. De financiële crisis bewees echter het tegendeel. Toch werpen de fondsen zich op als een goed alternatief voor cash en zijn ze bestemd voor diegenen die hun geld niet enkel op een spaarrekening wensen te zetten. Voorwaarde is te kiezen voor de écht veilige fondsen en daarbij rekening te houden met kosten en fiscaliteit. De crisis scheidde alvast het kaf van het koren.

Geldmarktfondsen zijn opnieuw in. Volgens EFAMA, de Europese belangenorganisatie van de fondsenindustrie, waren dat type fondsen de enige die dit jaar konden rekenen op succes bij de beleggers. Hun marktaandeel dikte met meer dan 10 % aan. En dat in tegenstelling tot aandelenfondsen (slechte beurzen, verlies marktaandeel: - 21 %), obligatiefondsen (stijgende obligatierentes, - 11 %) en gemengde fondsen (-10 %) die geld uit hun portefeuilles zagen stromen. Veel (grote) beleggers parkeren op dit moment dan ook hun hebben en houden in die kortetermijnfondsen in afwachting van betere marktomstandigheden. Cash meer dan ooit koning dus.

WAT ZIJN GELDMARKTFONDSEN?
Thesauriefondsen in euro, ook wel kortetermijnfondsen of geldmarktfondsen genoemd, staan – terecht – geboekt als de meest veilige vorm van beleggingsfondsen. Ze hebben niet voor niets risicocategorie 0 op de CBFA-BEAMA-risicoschaal. En die gaat tot en met zes. Wat betekent dat de evolutie van hun inventariswaarde niet echt op een roetsjbaan gelijkt. Integendeel, de inventariswaarde van een klassiek geldmarktfonds klimt jaar in, jaar uit gestaag. Logisch, want de portefeuille bestaat hier uitsluitend uit geldmarktinstrumenten, liquiditeiten en obligaties uitgedrukt in euro, met een gemiddelde looptijd van één jaar of minder, die daarenboven vaak worden uitgegeven door een staat of supranationale instelling. En wordt er al eens belegd in een obligatie in niet-euro, dan worden de wisselkoersrisico’s afgedekt. Kortom, gedegen en een tikje saai zelfs. Althans, dat was de situatie tot voor kort.

HEBZUCHT
· Over de laatste drie jaar boekten de gespecialiseerde fondsen een gemiddeld jaarrendement van 2,6 %. Stijgende obligatierentes over die periode beletten de fondsen om beter te doen. Voor tal van beheerders waren de geboden rendementen op kortlopende producten van staatsgarnituur echter (te) laag. Zij gingen op zoek naar meer renderende alternatieven en kwamen zo terecht in de wondere wereld van de forward rate note (zie kader). Omdat de FRN’s lange tijd mooie rendementen boden, blonken de thesauriefondsen met die producten in portefeuille dan ook uit. Een goed voorbeeld is Petercam L Liquidity EUR (vette lijn in grafiek), dat het daarom beter deed dan broer Petercam Liquidity EUR (dunne lijn in grafiek) dat als vanouds meer traditioneel belegde. En toen barstte de financiële crisis uit.
· Door de toegenomen risicoaversie en de problemen bij de banken daalden de koersen van de FRN’s. Daarenboven droogde de markt op en raakten de fondsen ze als het ware niet meer aan de straatstenen kwijt, tenzij ze er een hoge kostprijs voor wilden betalen.

PETERCAM L LIQUIDITY EUR (vet) EN PETERCAM LIQUIDITY EUR (basis 100)

Hoewel beide Petercam-fondsen thesauriefondsen zijn, beleggen ze niet in dezelfde vijver. Het Luxemburgse fonds (vet) hanteert iets meer risico in de hoop meer winst te behalen. Met succes. Tot de crisis roet in het eten gooide.

· De prestaties van sommige thesauriefondsen logen er niet om. In september, zowat de slechtste maand uit de geschiedenis van die fondsen, verloor Petercam L Liquidity EUR 4 %. DL (L) Short Term Euro ging 1,5 % lager. De reden was de forse belegging in de FRN van … Fortis Bank (zie kader). Door de ontwikkelingen rond Fortis verloor de koers van die obligatie meer dan de helft van haar waarde. Gemiddeld gingen de fondsen 0,2 % lager. In oktober normaliseerde de situatie zich deels en boekten de fondsen opnieuw een winst van zowat 0,4 %.

From hero to zero

Forward rate notes (FRN) waren lange tijd de ‘geldkoe’ van de geldmarktfondsen. Het zijn in feite obligaties waarvan de coupon gekoppeld is aan een dagelijks wijzigende geldmarktrentevoet. Hun grote voordeel is dat ze in alle geuren en kleuren komen want uitgegeven door tal van verschillende soorten emittenten en dat ze weinig onderhevig zijn aan intrestrisico. Stijgen de rentevoeten, dan stijgen de coupons van de FRN’s waardoor ze zelfs bescherming bieden in een slecht, lees klimmend, renteklimaat. Hun grote nadeel is echter dat ze sterk onderhevig zijn aan kredietrisico. Komt de uitgever van de FRN in problemen, dan daalt de koers van de FRN fors in waarde. Dat is wat er de laatste maanden ook gebeurde. De geringe liquiditeit vergrootte het probleem want de stukken konden niet meer worden verkocht zonder daarvoor een stevige prijs te betalen.

OP ZOEK NAAR EXTRA SPREIDING
· We hadden het er in het vorige nummer al over. Beleggingsfondsen vallen weliswaar niet onder het Beschermingsfonds voor deposito’s en financiële instrumenten, maar hun aard zorgt ervoor dat een faillissement onmogelijk is. Enerzijds komt dat omdat een beleggingsfonds een aparte solvabele vennootschap is en daarom losstaat van een financiële instelling. Problemen bij die laatste hebben weinig tot geen impact op een fonds.
Anderzijds moet een fonds over een portefeuille beschikken die voldoende gespreid is. Gaat een belegging uit de portefeuille failliet, dan heeft dat maar een beperkte impact op de totale portefeuille. Dat geldt des te meer indien het fonds het geld steekt in tientallen, zo niet honderden kortlopende vastrentende producten.
· Geldmarktfondsen moeten optornen tegen de fiscaal vriendelijke spaarrekening. Ze zijn dan ook vooral bestemd voor beleggers die hun cash op een veilige manier willen spreiden, buiten het spaarboekje om. Omdat het ene thesauriefonds het andere niet is, dringt een keuze zich op.

KIES VOOR VEILIGHEID BOVEN RENDEMENT
· De afgelopen maanden waren er uiteraard niet alleen verliezers in het thesauriekamp. De meeste beheerders blijven zweren bij rechttoe rechtaan veilige en liquide beleggingen en die voelden de crisis bijna niet. Fondsen zoals ING L Renta Cash Euro, KBC Money Euro, Parvest Short Term (Euro) en SGAM Money Market Euro A bleven hun kleine winstjes uitspuwen. En ze zijn niet van plan die strategie te wijzigen. Mooi zo.
· De financiële crisis zorgde alvast voor een lavement binnen de categorie. De fondsen die, in ruil voor een kleine potentiële meeropbrengst, veel debiteurenrisico op zich hebben genomen, verloren terrein. Dat was niet minder dan een shock voor beleggers in dat type ‘veilige’ fondsen.
· Voor onze keuze van fonds mikken we dan ook uitsluitend op de meest veilige portefeuilles die in het verleden geen verliezen geboekt hebben.

KOSTENBEHEERSING CRUCIAAL
Een tweede belangrijke factor in onze keuze is de kostenstructuur. Elke kost weegt immers zwaar door op een belegging die mikt op vastrentende kortetermijnproducten. Vergeet niet dat dit type belegging dient op te tornen tegen de gratis spaarrekening.
– De instapkosten mogen zeker niet meer dan 0,5 % bedragen. Daardoor vallen tak 23-producten uit de boot. Die rekenen vaak hoge instapkosten aan naast de wettelijke verzekeringstaks van 1,1 % bij intekening.
Belangrijk om te weten, is dat de instapkosten vaak onderhandelbaar zijn. Zeker wat thesauriefondsen betreft.
– De totale kostenratio (TER) van de fondsen bedraagt gemiddeld 0,64 %. Dat is te veel. Wij kiezen dan ook voor de fondsen die minder totale kosten aanrekenen. De spits wordt daarbij afgebeten door Hermes Euro Cash (Bank Delen) met een TER van 0,52 %.

LET OP DE FISCALITEIT
· Kiezen voor een distributiedeelbewijs = betalen van roerende voorheffing. Omdat het gros van de fondsen een Luxemburgs paspoort hebben, gelden twee percentages. Op de dividenden van de fondsen gelanceerd vóór 1994 is er een roerende voorheffing van 25 %. Dat is bijvoorbeeld het geval voor Dexia Money Market EUR, ING (L) Renta Cash Euro en KBC Money Euro. Fortis L Money Market Euro is opgericht in 1998 en valt onder het 15 %-stelsel. Net als fondsen van Belgische makelij zoals Petercam Liquidity EUR. Bij gelijke beheerskwaliteiten genieten de fondsen met de laagste voorheffing de voorkeur. Zo is het Belgische KBC Multi Cash Euro (15 %) interessanter dan het Luxemburgse KBC Money Euro (25 %).
· U betaalt 0,5 % beurstaks op de totale inventariswaarde bij de verkoop van uw fonds van het kapitalisatietype. Op de verkoop van fondsen van het distributietype is er geen beurstaks. De kostprijs van de eenmalige beurstaks dient dus te worden afgewogen tegenover de te betalen roerende voorheffing op de dividenden. Zo loont het voor ING (L) Renta Cash Euro de moeite om te kiezen voor het kapitalisatiedeelbewijs indien u van plan bent om het fonds langer dan 1 jaar en 2 maanden bij te houden. Voor KBC Multi Cash Euro ligt die grens op 1 jaar en 3 maanden.
· Geldmarktfondsen vallen onder de meerwaardebelasting voor fondsen die meer dan 40 % vastrentend beleggen. Voorwaarde is dat het fonds over een Europees paspoort beschikt én de opbrengsten kapitaliseert. Is dat zo, dan betaalt u voorheffing op de meerwaarde (intresten + winsten) bij de verkoop van uw fonds. Op fondsen van het distributietype betaalt u enkel voorheffing op de intresten. Vooral fondsen van het kapitalisatietype zonder paspoort zijn daarom interessant. Voorbeelden zijn ING (L) Renta Cash Euro, KBC Multi Cash Euro en Hermes Cash Euro.

KBC MULTI CASH EURO KAPITALISATIE (vet) EN KBC MONEY EURO KAPITALISATIE (basis 100)

Beide KBC-fondsen zijn elkaars evenknie … op papier. In de praktijk vermijdt u echter de roerende voorheffing bij verkoop door te kiezen voor KBC Multi Cash Euro (vet), een fonds zonder Europees papsoort.

HET RESULTAAT
Indien we rekening houden met alle criteria komen we uit bij een lijst van vier fondsen: Hermes Euro Cash Kap. (ISIN: BE0126623389), ING (L) Renta Cash Kap. (LU0042858240) of Dis. (LU0042858596), KBC Multi Cash Euro Kap. (BE0171265607) of Dis. (BE0171264592) en Petercam Liquidity EUR Dis. (BE0058190878). Ze brachten het afgelopen jaar zowat 4 % op en zijn kwalitatief evenwaardig. Mik op het fonds dat voor u het gemakkelijkst gekocht kan worden.

Deel dit artikel