Analyse
Wordt India, die dit jaar zijn 70ste onafhankelijkheidsverjaardag viert, 's werelds 5e economie? 5 maanden geleden - woensdag 23 augustus 2017
Mogelijks. We zien echter weinig redenen voor euforie. De hervormingen laten op zich wachten en er blijven veel uitdagingen.
Wordt India, die dit jaar zijn 70ste onafhankelijkheidsverjaardag viert, 's werelds 5e economie?

Wordt India, die dit jaar zijn 70ste onafhankelijkheidsverjaardag viert, 's werelds 5e economie?

Als de regering in Delhi haar prioriteiten niet bijstuurt, zal de Indiase economie vroeg of laat terugvallen naar een groei van ± 6% (het gemiddelde van de voorbije 25 jaar) in plaats van de 8 à 10% die Modi ambieert. Op dit moment blijven de markten er nog in geloven: de Sensex-index in Bombay bereikte begin augustus een recordniveau en de roepie blijft (erg) duur t.o.v. de euro. Die twee elementen verklaren ook waarom we niet warmlopen voor financiële activa uit India. Niet kopen. En als u er nog hebt, neem dan uw winst.
Voor een evenwichtige samenstelling van uw portefeuille, raadpleeg onze strategie.

Gunstige conjunctuur, (te) weinig hervormingen

Bewandelt India eindelijk weer een weg die het land moet toelaten om zijn immens potentieel te verzilveren? De beleggers lijken alvast te denken van wel en sinds begin dit jaar spurtte de beurs van Bombay al 21,9% hoger (+15,9% in euro). Om financiering te vinden op 10 jaar moet India maar rentevoeten van 6,5% meer bieden, wat aantoont dat het vertrouwen toeneemt. En hoewel de roepie in 2017 zowat 6% verloor t.o.v. de euro, blijft de munt sterk overgewaardeerd.

Het is inderdaad zo dat de conjunctuur sinds de komst van Narendra Modi, de minister-president die in 2014 aan de macht kwam, nog nooit zo gunstig was. In tegenstelling tot veel andere groeilanden is India niet rijk aan grondstoffen en het land profiteert bijgevolg van de matige grondstoffenprijzen (i.h.b. olie), waardoor ingevoerde producten goedkoop blijven. Dat effect wordt nog versterkt door het vormpeil van de roepie, die duur is t.o.v. de euro en de dollar.

Een gunstig moessonseizoen zorgt ervoor dat de opwaartse druk op de voedingsprijzen beperkt is. De inflatie klokte in juli af op slechts 2,4%, een eind onder de doelstelling (4%) van de "Reserve Bank of India", die de kans dan ook aangrijpt om haar leidend rentetarief verder terug te schroeven. Begin deze maand verlaagde ze haar rentetarief al voor de 7de keer in 2 jaar tijd (naar 6%, het laagste niveau sinds 2010).

Tot slot is Modi erin geslaagd om toch een paar hervormingen goedgekeurd te krijgen: de invoering van één btw-stelsel voor het hele land (de vele lokale taksen vormden een belemmering voor het binnenlands handelsverkeer ); een hervorming van de wet op de faillissementen, en het afschaffen van de subsidies voor brandstof (wogen zwaar op de overheidsfinanciën).

En nu maar op de lauweren rusten?

Ondanks de gunstige conjunctuur en de mooie groeicijfers (of misschien net daardoor?) lijkt de hervormingsijver van Modi ernstig bekoeld. Veel andere broodnodige hervormingen (o.a. van justitie, van de arbeidswetgeving en van het eigendomsrecht) blijven immers uit. En zelfs de invoering van het eengemaakte btw-stelsel blijkt extreem moeizaam doordat de regering ervoor gekozen heeft om niet met 1 maar met 6 verschillende percentages te werken in functie van de product- of dienstencategorie.

Een andere, in het oog springende maatregel, was de demonetisatie van de economie. De biljetten van 500 en 1000 roepie (goed voor 86% van alle cash geld in omloop) werden uit circulatie gehaald, en dat in een economie waar 90% van alle transacties cash afgehandeld wordt. Uiteraard woog zo’n maatregel op de economische activiteit en op de investeringen. In het 1ste kwartaal van 2017 viel de groei terug tot 6,1%, het laagste cijfer onder Modi tot dusver, en vooral ook lager dan de 6,9% waarmee China uitpakte.

Investeringen sputteren

Het is evenwel te kort door de bocht om de lagere investeringsgraad en de mindere economische prestaties uitsluitend toe te schrijven aan die demonetisatie. De (vooral buitenlandse) investeringen blijven een heikel punt in een land waar hervormingen uitblijven en waar de autoriteiten weigeren om nieuwe vrijhandelsakkoorden af te sluiten en zelfs terugkeren op bestaande akkoorden.

En dan is er nog de gezondheid van de Indiase banken, voor het overgrote deel nog altijd in handen van de overheid. Die banken hebben jarenlang tomeloos kredieten verstrekt maar kampen nu, ondanks de gunstige conjunctuur, met steeds meer wanbetalers. Eind 2016 was voor 16% van alle leningen de terugbetaling problematisch, en die trend neemt nog toe. Voor het eerst in 20 jaar is de evolutie van de kredietverstrekking aan de industrie negatief.

De industriële sector, en de economie in haar geheel, profiteren dus maar in beperkte mate van de daling van de rentevoeten doordat de kredietverlening strakker is geworden. Diverse infrastructuurprojecten, van vitaal belang om het potentieel van India te ontginnen, liggen stil. Zelfs voor de grootste troeven van het land, met name de gunstige demografie en de overvloed aan arbeidskrachten, blijft er werk aan de winkel: een voldoende hoog opleidingsniveau waarborgen, een betere integratie van vrouwen op de arbeidsmarkt, een arbeidswetgeving die ondernemen stimuleert en die voorkomt dat miljoenen Indiërs hun heil zoeken in het zwarte circuit. Te veel potentieel, dat er onmiskenbaar is, gaat m.a.w. verloren.

Deel dit artikel