Analyse
Sinds de overwinning van Trump doken veel groeilandmunten lager t.o.v. de dollar 1 jaar geleden - woensdag 7 december 2016
Dit is geen goed nieuws voor hun economieën. Moeten de beleggers het hazenpad kiezen?
Sinds de overwinning van Trump doken veel groeilandmunten lager t.o.v. de dollar

Sinds de overwinning van Trump doken veel groeilandmunten lager t.o.v. de dollar

U hoeft u als belegger de groeilanden niet te ontvluchten maar wees selectief

– China blijft een cruciale speler in de wereldhandel. En dankzij de verdere opmars van zijn grote binnenlandse markt, zal het land wat meer gespaard blijven van de internationale handelsturbulentie. Chinese aandelen zijn goedkoop en mogen nog altijd 10 % van uw portefeuille uitmaken, via het fonds Fidelity China Focus A EUR.
– Indonesië blijft veelbelovend. Het land is economisch en financieel solide en zal garen spinnen bij de hervormingen die opgestart werden. Besteed 5 % aan Indonesische aandelen via het fonds Fidelity Indonesia A of de trackers db x-trackers MSCI Indonesia 1 en Lyxor MSCI Indonesia ETF.
– Koop aandelen uit Brazilië en Zuid-Afrika (telkens 5 %), via de fondsen BNY Mellon Brazil Eq. A en JPM Brazil Equity A EUR, en via de tracker iShares MSCI South Africa. Beide landen beleven turbulente tijden. Maar op termijn zijn ze goed geplaatst om voordeel te halen uit de verwachte heropleving van de grondstoffenmarkten.

De daling is te wijten aan het beleid dat Trump wil gaan voeren

Nog voor de overwinning van Donald Trump officieel was, verloren veel groeilandmunten al terrein op de wisselmarkten. Op 8 november, de dag van de verkiezingen, gaf de Mexicaanse peso in een paar uur tijd 14 % prijs. De Zuid-Afrikaanse rand en de Braziliaanse real vervolledigen het podium van de verliezers, met elk een daling van bijna 10 %. De Chinese yuan bleef wel stabiel en ontsnapte aan de turbulentie door de strakke controle van de Chinese autoriteiten op het internationale kapitaalverkeer. De daling van veel groeilandmunten is te wijten aan het nieuwe economische beleid dat Trump na zijn eedaflegging wil gaan voeren. Zo zou het afsluiten van de Mexicaanse grens een fors negatieve impact kunnen hebben op Mexico. Meer algemeen zal een protectionistischer handelsbeleid in de VS een impact hebben op alle (groeiland)economieën waarvan de ontwikkeling te sterk en te eenzijdig op de export is gebaseerd. Tot slot laten de budgettaire relancemaatregelen in de VS een sterkere groei verhopen, waardoor de VS zelf aantrekkelijker zal worden, ten nadele van de groeilanden.

De kapitaalvlucht weegt op de financiële gezondheid van veel groeilanden

Naast een hogere groei, verwachten de beleggers ook dat het overheidstekort en de inflatie in de VS zullen toenemen. Dat zorgde voor een herallocatie van veel portefeuilles: beleggers keren obligaties de rug toe, ten gunste van aandelen, en op geografisch vlak kiezen ze weer meer voor de VS, ten nadele van de groeilandbeurzen. Die groeilandexodus raakt vooral landen die (zoals Turkije) op de internationale markten financiering moeten vinden voor hun grote handelstekort. Maar ook voor financieel solidere landen zal het moeilijker worden om hun infrastructuurprojecten te financieren. De privésector zal moeilijker toegang krijgen tot krediet, de bedrijfsinvesteringen en de gezinsconsumptie zullen vertragen. De daling van de groeilandmunten verhoogt automatisch het gewicht van de schuld in buitenlandse munt en kan de solvabiliteit van sommige economische spelers in gevaar brengen. Ze wakkert ook de inflatie aan, die al hoog is in veel groeilanden, en ze holt de koopkracht van de gezinnen uit.

Geen vrees voor een financiële tsunami

De conjunctuur pleit voor een monetaire versoepeling, maar als de groeilanden hun rentevoeten verlagen, zullen de beleggers nog sneller wegvluchten en zal hun munt nog meer ontwaarden. Zo moest Mexico ondanks zijn moeilijke economische situatie toch zijn leidende rente optrekken om de peso te ondersteunen. Ook Turkije, dat sterk afhankelijk is van buitenlands kapitaal, verhoogde zijn rentestand om de buitenlandse beleggers aan boord te houden. In Brazilië bedraagt de rentestand nog altijd 13,75 % ondanks de recessie en een dalende inflatie. En ook in Zuid-Afrika en in Rusland blijven de leidende rentetarieven (resp. 7 en 10 %) veel te hoog in verhouding tot de conjuncturele situatie. Zelfs landen die financieel solide zijn en kunnen bogen op een dynamische economie, zullen op monetair vlak voorzichtiger moeten zijn. Gelukkig vertonen de groeilanden vandaag minder grote onevenwichten dan in het verleden en is zowel hun schuldenlast als hun handelsbalans doorgaans beter onder controle. Bovendien waren de groeilandbeurzen en hun munten globaal genomen niet buitensporig gewaardeerd, waardoor er niet meteen moet worden gevreesd voor een financiële tsunami.

 

Deel dit artikel