Analyse
Na de Amerikaanse verkiezingen: de obligatiemarkten onder vuur… 1 jaar geleden - dinsdag 22 november 2016
Beleggers die vreesden voor een vlucht naar meer veiligheid bij een overwinning van Trump, hadden het bij het verkeerde eind. De Amerikaanse beurs bereikte een hoogtepunt en de beleggers ontvluchten de obligatiemarkten zoals ze al in geen 20 jaar meer hadden gedaan.

Zelfs na de forse stijging van de voorbije dagen zijn de geboden rendementen niet hoog genoeg om Amerikaanse obligaties beleggingswaardig te maken. De Amerikaanse beurzen koppelen wel nog altijd een interessant waarderingsniveau aan goede vooruitzichten. Besteed er 10% van uw portefeuille aan via de aandelenfondsen DPAM Capital B Equities US Dividend, iShares Core S&P 500 ETF en LM CB US Large Cap Growth.

 

Rentevoeten spurten hoger

De stijging van de rentevoeten is op zich niet nieuw. Sinds de historische minima van deze zomer, met een negatieve rentestand in meerdere Europese landen en in Japan, gingen de rentevoeten in de ontwikkelde landen de voorbije maanden al in stijgende lijn.

 

In de VS werd die trend gevoed door de geleidelijke terugkeer naar een monetaire normalisatie en de verwachting dat de leidende rente zou stijgen. In de eurozone is het de vrees voor een stopzetting van de obligatie-inkopen door de ECB, normaal gepland voor maart 2017, die op de obligatiekoersen weegt.

 

De verkiezing van Trump zorgde nu voor een forse versnelling: in een paar dagen tijd zijn de rentevoeten even sterk gestegen als over de voorbije vier maanden samen. De Amerikaanse 10-jaarsrente was tussen haar dieptepunt van 1,36% op 8 juli gestegen naar 1,83% op 7 november, net voor de verkiezingen. Tussen 8 en 14 november spurtte ze naar 2,26%.

 

De stijging van de Amerikaanse rentevoeten sloeg ook over naar de andere obligatiemarkten. De Duitse rente op 10 jaar, begin oktober nog negatief, bereikte tussentijds 0,40%, het hoogste niveau sinds januari. En de Belgische 10-jaarsrente, eind september teruggevallen tot 0,13%, spurtte de voorbije dagen naar 0,74%. De bruuske stijging van de rentevoeten valt te verklaren door het economisch programma van Trump, dat een kentering inluidt t.o.v. het beleid van Obama de voorbije 8 jaar.

 

Inflatiebevorderend programma

Trump wil over meerdere jaren niet alleen 1000 miljard dollar investeren in de Amerikaanse infrastructuur, hij beloofde ook forse belastingverlagingen om de gezinsconsumptie en de bedrijfsinvesteringen te relanceren. Daarnaast liet hij zich gunstig uit over een verhoging van de minimumlonen en wil hij de douanerechten voor sommige producten en sommige landen verhogen om de Amerikaanse werkgelegenheid te beschermen.

 

Uiteraard is er een verschil tussen campagnebeloftes en realisaties, maar ongeacht hoeveel van zijn beloftes Trump zal waarmaken, zijn beleid zal zeker de inflatie stimuleren. Het verhogen van douanerechten en lonen, en het aanwakkeren van de vraag via overheidsuitgaven, consumptie of investeringen, kan immers alleen maar leiden tot hogere prijzen. En die hogere inflatie zit niet verrekend in de rendementen die vandaag door Amerikaans schatkistpapier worden geboden.

 

Het soepele begrotingsbeleid zal ook de staatsschuld doen aanzwellen, die voor het eerst sinds WO II zou kunnen uitstijgen boven de 100% van het bbp (t.o.v. 77% vandaag). Ook die extra schuld zal gefinancierd moeten worden, wat de druk op de obligatiemarkten nog verhoogt.

 

Naar een minder inschikkelijke centrale bank

De budgettaire koers van de nieuwe president zal dus wellicht veel soepeler zijn, maar datzelfde geldt niet noodzakelijk voor het monetaire beleid. De budgettaire relance van Trump zal er de Fed mogelijk toe aanzetten om haar leidend rentetarief op te trekken, zeker naarmate de inflatiedruk toeneemt.

 

De beleggers hebben die nieuwe realiteit al begrepen. Voor de markten is een rentestijging in december inmiddels zo goed als zeker, en wellicht zal die trend zich doorzetten in 2017. Alles bij mekaar verwachten de beleggers dat door de overwinning van Trump en de implementatie van zijn economisch programma de economische groei en de inflatie sterker zullen stijgen, en dat de overheidsschuld en de leidende rente in de VS zullen toenemen. Het is dus logisch dat ze obligaties de rug toekeren en een grotere appetijt tonen voor aandelen.

 

Het gevolg is dat de Amerikaanse beurzen hoge toppen scheren en de rentevoeten stijgen. Tegelijk neemt de dollar, die aantrekkelijker wordt, in waarde toe op de wisselmarkten. Die evoluties zullen aanhouden zolang de rentevoeten niet zo hoog worden dat ze gaan wegen op de Amerikaanse economie en dat ze Amerikaanse obligaties weer echt koopwaardig maken (hoge rendementen). Zover is het op dit moment nog niet: de Amerikaanse 10-jaarsrente staat vandaag op 2,2%, hetzelfde niveau als 12 maanden eerder, en nog altijd onder haar niveau van eind 2013.

 

Deel dit artikel