Analyse
Europa inschikkelijker t.a.v. de overheidsfinanciën van diverse lidstaten 1 jaar geleden - dinsdag 31 mei 2016

Goed of slecht nieuws?

De minder strakke budgettaire discipline is geen goed nieuws voor de beleggers, die obligaties uit de eurozone maar beter blijven mijden. Gezien de belachelijk lage rendementen zijn ze immers geenszins interessant. En ondanks de budgettaire mildheid van Europa en het flexibele monetaire beleid, blijft de economie weigeren om echt op te veren.
Voor een evenwichtige portefeuille, raadpleeg
onze strategie. 

 

Nieuwe steun voor Griekenland

Met een begrotingstekort van 7,2 % van het bbp in 2015 en een overheidsschuld van 176,9 %, blijven de Griekse overheidsfinanciën de belabberdste van de hele eurozone. De budgettaire situatie van Athene blijft onhoudbaar, drie reddingsplannen en een gedeeltelijke schuldkwijtschelding ten spijt.

Maar hoewel er ruim 10 uur nodig was om op 25 mei jl. tot een akkoord te komen, verlopen de gesprekken tussen Athene en de andere Europese hoofdsteden nu toch in een serenere sfeer. De Griekse politieke autoriteiten hebben hun best gedaan om tegemoet te komen aan de eisen van de Europese schuldeisers.

Dat eisenpakket werd op 22 mei aanvaard door het Griekse parlement.
Naast het verhogen van een aantal belastingen, de oprichting van een nieuw fonds om overheidsactiva te valoriseren en verkopen, zijn er ook de zogenaamde "contingency measures" waarbij er automatisch in de uitgaven wordt gesnoeid (excl. sociale zekerheid) indien het begrotingstekort niet binnen bepaalde grenzen blijft.

In ruil maakt Europa 10,3 miljard euro vrij waarmee Athene kan voldoen aan zijn schulden die op vervaldag komen deze zomer en herfst. De Europese ministers van financiën zijn het ook eens geraakt over het principe van een Griekse schuldverlichting.

 

Meer tijd geven

Het akkoord van 25 mei zet bakens uit om de houdbaarheid van de schuldenlast te bewaken. Als de financiering van die schuld (terugbetalen van schulden op vervaldag en uitbetalen van intresten) boven bepaalde drempels uitstijgt, kan Athene van bepaalde aanpassingen genieten. Het mag ook de meerwaarden recupereren die de ECB realiseerde op Griekse overheidsobligaties in 2014, goed voor 1,8 miljard euro. En de “oorlogskas” van 20 miljard euro (nog niet gebruikt om Griekse banken te herkapitaliseren) zou kunnen worden gebruikt om oudere effecten met te hoge intrestverplichtingen terug te kopen. Tot slot zullen de vervaldagen van leningen die aan Griekenland werden verstrekt door zijn Europese partners mogelijk worden uitgesteld. Die langere looptijden zouden het land meer tijd geven om zijn schuldenlast beter onder controle te krijgen.

"Meer tijd geven" lijkt wel het nieuwe motto van Europa, zo mochten ook Spanje en Portugal ondervinden. Met in 2015 een tekort van 4,4 % van het bbp in Portugal en van 5,1 % in Spanje, werd de vooropgestelde drempel van 3 % ruim overschreden, en volgens het nieuwe verdrag sinds 2013 (dat meer discipline invoerde) zouden er dan eigenlijk sancties in werking moeten treden. Maar zowel Spanje als Portugal konden rekenen op Europese genade, en ook voor Italië, dat zijn schuld niet terugdringt (132,7 % van bbp), wordt een oogje dichtgeknepen. Zelfde verhaal voor Frankrijk, dat recentelijk de terugkeer naar een begrotingstekort van max. 3% van het bbp weer wat verder voor zich uit schoof.

 

Noodgedwongen blijven controleren

Die meegaandheid van Europa heeft veel te maken met de electorale kalender in diverse lidstaten. Vlak voor belangrijke verkiezingen wil Europa sommige regeringen niet nog kwetsbaarder maken. En dankzij de inspanningen van de ECB, die de rentevoeten naar historische minima heeft gebracht, veroorzaakt het uitstel van de budgettaire sanering weinig reactie op de obligatiemarkten.

Anderzijds zijn de Europese overheidsfinanciën volledig afhankelijk geworden van het monetaire beleid van de ECB. In amper een paar jaar tijd heeft het flexibele beleid van de ECB de rentelasten voor de eurolanden met ruim 45 miljard doen dalen. De daling van de overheidstekorten is voor een derde alleen maar te danken aan de instorting van de rentevoeten. Maar ondanks die geleidelijke daling van de overheidstekorten klokt de schuldenlast van de eurozone nog altijd af op ruim 90 % van het bbp, t.o.v. 70 % vóór de crisis.

In die context kan de kleinste stijging van de rentevoeten de financiële situatie van diverse lidstaten ernstige schade toebrengen en zou er snel een nieuwe schuldencrisis kunnen ontstaan. De ECB heeft dus geen andere keuze dan er alles te blijven aan doen om de rente op bodemkoers te houden, anders is een crash van de obligatiemarkten in de eurozone onafwendbaar.

 

Deel dit artikel