Analyse
China: geen beurs zoals de meeste andere 1 jaar geleden - donderdag 21 januari 2016

We zijn niet blind voor de economische problemen van China en de gevolgen daarvan voor de wereldeconomie, maar we willen toch graag de huidige paniek rond de correctie van de Chinese beurs wat meer in perspectief plaatsen.

De Chinese autoriteiten zijn nog niet klaar met "experimenteren" inzake het beheer en de openstelling van hun financiële markten. Bijgevolg zal de volatiliteit de komende maanden wellicht hoog blijven.
Maar op basis van het intrinsieke economische potentieel van China, horen Chinese aandelen nog altijd thuis in elke gediversifieerde portefeuille. Besteed er een gewicht van 10% aan via het aandelenfonds
Fidelity China Focus EUR.

 

Geen beurs zoals de meeste andere

De beurs van Shanghai is vandaag de belangrijkste Chinese beurs (vóór Hongkong en Shenzen). Toch zag ze pas in 1990 het levenslicht. En ondanks de geleidelijke internationale openstelling van de voorbije jaren, is ze nog altijd niet volledig toegankelijk voor buitenlandse beleggers en wordt ze nog altijd gemanipuleerd door de Chinese autoriteiten.

 

Haar beste periode beleefde de beurs van Shanghai tussen juni 2014 en juni 2015, toen ze maar liefst 150% hoger klom. De autoriteiten hadden toen een aantal beperkingen opgeheven en de gewone Chinezen fors aangeraden om aandelen te kopen.

 

Er werden dan ook 40 miljoen nieuwe effectenrekeningen geopend. En in tegenstelling tot andere beurzen, waar de dienst vooral wordt uitgemaakt door institutionele beleggers en grootaandeelhouders, komt 80% van de transacties in Shanghai op conto van zowat 100 miljoen kleine beleggers.

 

De meeste daarvan hebben geen enkele langetermijnstrategie, een heel beperkte financiële kennis en een lage scholingsgraad. Ze gingen in op het discours van de regering en de algemene overtuiging die leefde dat snelle winsten verzekerd waren. De meesten hebben dus veel gemeen met speculanten.

 

Trial-and-errorbeleid bij de Chinese overheid

De autoriteiten waren zelf wat overrompeld door de grote beursappetijt bij de Chinezen, en in juni 2015 hebben ze dan ook getracht om de zaken wat in te dijken, o.a. door het kopen van aandelen op krediet te beperken.

 

Dat zorgde voor een golf van paniek en draaide uit op een verlies van 30% voor de beurs van Shanghai over een periode van een maand. Om de koersen te stabiliseren, injecteerde Peking miljarden in de beurs, schortte ze nieuwe beursintroducties op, en legde ze verkoopbeperkingen op.

 

Maar het kwaad was geschied en twijfel had zich meester gemaakt van de Chinezen en toen de autoriteiten in augustus de yuan devalueerden, werd dat beschouwd als een signaal dat de conjunctuur fors was verslechterd en volstond dat om de beurscrash te relanceren: op 24 en 25 augustus dook Shanghai 16% lager.

 

De forse correctie begin 2016 werd opnieuw veroorzaakt door de vrees voor een conjunctuurverslechtering, een depreciatie van de yuan en een onhandig beursbeleid, en is dus in feite de derde crash in acht maanden tijd. Kijken we terug over een langere periode, dan zien we echter dat Shanghai nog altijd 40% hoger staat dan op 1 januari 2014.

 

Beursevolutie niet in verhouding tot economie

De voorbije twee jaar evolueerde de Chinese beurs niet meer in verhouding tot de economische ontwikkelingen. Zo was de steile beursklim in 2015 niet logisch als je weet dat de Chinese economie vertraagde, en ook de drie crashes in de voorbije 8 maanden zijn niet conjunctuurgebonden.

 

Het valt niet te ontkennen dat de groei in China vertraagt en de economische statistieken zijn keer op keer negatief. Zo was er een exportdaling in 2015 en nam de industriële activiteit in december al voor de tiende maand op rij af. De productieprijzen gaan al vier jaar in dalende lijn, wat slecht is voor de winsten van de Chinese industriebedrijven. Maar ook de dienstensector vertoont signalen van zwakte, en de gezinsconsumptie, die na de industrie en de buitenlandse handel de rol van economische groeimotor op zich moest nemen, blijft onder de verwachtingen.

 

Toch is die conjuncturele evolutie geen nieuw gegeven. Nadat China in 2009 aan de wereldwijde recessie kon ontsnappen dankzij grootschalige budgettaire en monetaire maatregelen, vertraagt 's lands economie duidelijk sinds 2010. Maar van een recessie is in de verste verte geen sprake.

 

Buitensporige correctie

We geloven niet in een bruuske crash van de Chinese economie. De landing zal minder zacht zijn dan de autoriteiten hadden verhoopt, maar die laatste hebben nog altijd alle troeven in handen om de economische transitie van hun land tot een goed einde te brengen.

 

De nieuwe duikvlucht van Chinese aandelen bij het begin van dit jaar heeft weinig van doen met de conjuncturele situatie, maar is veeleer het gevolg van ongelukkige manoeuvres van de autoriteiten die paniek hebben veroorzaakt bij de kleine Chinese beleggers.

 

Deel dit artikel