Analyse
De euro: één tegen allen! 4 jaar geleden - woensdag 4 december 2013

Voor- of nadeel? Voor de economie? Voor de belegger?

Vandaag de dag is de euro vrijwel de laatste sterke munt ter wereld. Een negatief punt voor de Europese economieën maar voor u als belegger kan dit wel eens positief uitpakken: profiteer ervan om financiële activa buiten de eurozone in te kopen tegen een interessante prijs!
Meer details over de strategie die wij u aanraden, vindt u
hier. 

 

Vroeger was een sterke munt iets waarop een economie trots kon zijn. Een troef die de goede economische en financiële gezondheid van het land weerspiegelde en synoniem was van de grote koopkracht van zowel consumenten als bedrijven.

 

Maar dat was vroeger... Want tegenwoordig hebben de markten het meer voor centrale banken die hun munt devalueren. De redenering is vrij simpel: eens de munt afgezwakt, worden lokale producten plots opnieuw competitiever, zowel op de binnenlandse als op de buitenlandse markt. Een belangrijk gegeven gezien de economische en financiële crisis de vraag in de privésector serieus aantastte. Marktaandeel inpalmen is tegenwoordig een topprioriteit.

 

Resultaat hiervan is dat steeds meer valuta's zowaar opgeofferd worden in naam van die competitiviteit. Zo was er eerst de Amerikaanse dollar en het Britse pond die in het kader van de soepele monetaire politiek van hun centrale banken zwakker werden. En toen het oude continent met de overheidsschuldcrisis werd geconfronteerd, moest ook de euro eraan geloven. Vervolgens was er ook de afzwakking van de yen, de hoeksteen van de strategie van premier Abe, ook wel Abenomics genoemd, die het land uit de crisis moet hijsen.

 

Het probleem is dat een munt slechts afgezwakt kan worden ten opzichte van een andere munt. Maar gezien de huidige tendens om wereldwijd valuta's af te zwakken, neemt het aantal sterke munten fors af. Gevolg is echter dat landen met een gezonde economie hiervan de dupe zijn. Beleggers zijn immers belust op deze sterke munten waardoor hun waarde verder de lucht in schieten. Bijgevolg wordt de competitiviteit van deze landen aangetast en gaat hun economie minder goed draaien.
Het is in deze context dat Zwitserland ervoor koos een minimumkoers in te stellen t.o.v. de euro (bepaald op minimum 1,20 CHF per euro) en dat Noorwegen besloot het leeuwendeel van zijn kapitaal afkomstig uit de oliehandel voortaan in het buitenland te investeren. Ten slotte is ook de Australische centrale bank van plan om de kangoeroedollar aan te pakken.

 

Deel dit artikel