Analyse
Turkse beleggingen bekoren niet langer 6 jaar geleden - vrijdag 18 februari 2011

Het is tijd om uit Turkse beleggingen te stappen. De Turkse economie staat voor enkele uitdagingen en de munt vertoont tekenen van zwakte. Na de ferme beursrit zijn Turkse aandelen ook niet langer goedkoop. Wij verkiezen andere groeilanden om in te beleggen.

 

Hoge bomen…

Op economisch vlak trok Turkije goed zijn streng na de financiële crisis. In 2009 boerde de economie er nog flink achteruit (-4,7 %), vorig jaar was het herstel een feit. Definitieve cijfers zijn nog niet gekend, maar verwacht wordt dat het land aan de Bosporus met maar liefst 6,8 % gegroeid zal zijn. Geen enkel land binnen de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) doet beter. Die puike groei mag op rekening geschreven worden van zowel de sterke binnenlandse vraag, als de toename van de investeringen, zowel vanuit overheidsmiddens als bedrijfsmiddens.

 

… vangen wind

Een goed draaiende economie botst vroeg of laat op uitdagingen. En dat is nu het geval voor de Turkse. Het helpt natuurlijk niet dat Europa, de grootste handelspartner, het niet zo breed heeft en dat weegt op de export.

 

Maar ook interne indicatoren wijzen op een vertragende groei. De evolutie van de industriële productie kan niet langer bekoren en er is een einde gekomen aan de daling van de werkloosheidsgraad. De problemen van de weinig flexibele arbeidsmarkt en het lage percentage vrouwen aan het werk (zowat 30 %) beginnen daarbij op te spelen. Dat zal wegen op het consumentenvertrouwen.
Ook slaagt de regering er niet in om de bevolking genoeg te laten sparen en blijft de zwarte economie een heikel punt. Verwacht wordt dat de groei dit jaar zal uitkomen op 4,2 %. Niet slecht, maar minder goed dan wat we gewoon zijn van het land. En een pak minder dan wat we terugvinden bij die andere groeilanden China en India.

 

2011 mag dan al een algemeen verkiezingsjaar zijn, de Turkse regering heeft al gezegd geen enkele ‘verkiezingsinspanning’ te doen om de economie extra aan te zwengelen met populistische maatregelen. Verwacht wordt dat de huidige eenpartijregering op post zal blijven. Een ander verkiezingsresultaat kan voor politieke onrust zorgen en investeerders en beleggers uit het land doen vluchten. Maar die kans achten we bijzonder klein.

 

Ook kampt het land met een groeiende inflatie, de klassieke achilleshiel van de groeilanden in het algemeen. In november bedroeg de jaarlijkse inflatie 7,3 %. Te wijten aan hogere energieprijzen en voedingprijzen vooral. Dat ligt boven de doelstelling van 6,5 % van de Turkse centrale bankier.

 

Dure lira spelbreker

Vorig jaar won de lira 4,2 % tegenover de euro. Sinds januari staat hij op een verlies van 6,1 %. Hoewel de tijden dat de munt tientallen procenten steeg, om nadien evenveel te dalen, waarschijnlijk achter ons liggen, blijft de schommelinggraad van de munt indrukwekkend.

 

Een ander nadeel van de munt is de overwaardering tegenover de euro: zowat 30 % als gevolg van de inflatie die een pak hoger ligt dan bij ons. Dat resulteert vroeg of laat in een afkalving van de lira. Die daling zou wel eens kunnen ingezet worden door de nakende kredietopwaardering van ratingbureau Fitch. Een hogere rating laat Turkije toe om minder rente te betalen op zijn overheidsschulden. Dat is echter een tweesnijdend zwaard. De ratingverhoging trekt enerzijds nieuwe beleggers aan waardoor de lokale munt de hoogte in wordt geduwd. Anderzijds is de kans groot dat de centrale bank zal reageren waardoor de munt opnieuw daalt. Zo maakt een lagere rentevergoeding andere munten aantrekkelijker waardoor beleggers uit de Turkse munt zullen vluchten.

 

De kwetsbare munt, de hoge beweeglijkheid en de rente (8,3 %) die amper hoger ligt dan de huidige inflatie (7,3 %) zijn alle elementen die maken dat we geen voorstander meer zijn van fondsen in obligaties in lira.

 

Beurs viert teugels

Een ander verhaal geldt voor de beurs van Istanbul. Door de politieke stabiliteit en het goede economische rapport van de laatste jaren kenden Turkse aandelen gouden tijden. In 2009 klom de beurs nog met 90 %, na omzetting in euro, en vorig jaar dikte ze 34 % aan. Sinds januari werd er 8,1 % afgeknepen, grotendeels te wijten aan de zwakkere lira.

 

Wij zijn van mening dat het vet van de soep is. Zoals u hoger kunt lezen, zijn er een paar uitdagingen die ervoor zorgen dat de economie niet langer zal groeien op het tempo van de voorbije jaren. Daarnaast vinden we de lokale beurs niet langer goedkoop én bijzonder volatiel. Dat risico wordt niet langer gecompenseerd door een voldoende hoog potentieel beursrendement. Het moment om te verkopen is dan ook aangebroken.

Deel dit artikel