Analyse
"Hard times" in het vooruitzicht in het VK 6 jaar geleden - woensdag 2 februari 2011

2011 begint onder een slecht gesternte voor de Britten: de economische groei is nog lager dan werd verwacht, de inflatie is hoog, en ze kijken aan tegen bezuinigingen en een stijging van de belastingdruk. De beurs van Londen, erg liquide en thuishaven van heel wat internationale bedrijven, blijft niettemin interessant.

De gevolgen van de crisis

In het 4de kwartaal van 2010 kromp de Britse economie met 0,5 % t.o.v. het 3de kwartaal en voor heel 2010 klokte de groei af op 1,7 %. De inflatie bereikte in december het zorgwekkende peil van 3,7 %. Het mag dus duidelijk zijn dat 2011 een moeilijk jaar belooft te worden. De lotgevallen van "the City of London", het hart van een financiële sector die goed is voor een derde van de toegevoegde waarde die in het land wordt gecreëerd, hadden zware gevolgen voor de publieke én de private sector. In de overheidsfinanciën werd een gat geslagen door de massale kapitaalinjecties om de banken te ondersteunen, maar ook door de forse activiteitsterugval in de financiële sector, waardoor de fiscale inkomsten sterk zijn gedaald. Na een begrotingstekort van 11,5 % in 2009 en bijna 10 % in 2010, is de staatsschuld opgelopen tot ± 75 % van het bbp (bruto binnenlands product, geheel van goederen en diensten dat op jaarbasis in een land wordt geproduceerd). In 2002 was dat slechts 37,5 %. En niet alleen de overheid kreunt, ook de Britse gezinnen torsen een zware schuldenlast. In 2008, aan de vooravond van de crisis, bedroeg hun spaarquote slechts 2 % van hun beschikbaar inkomen en hun schuldenlast 153 %. Niveaus die op lange termijn onhoudbaar zijn en ook ver boven het gemiddelde voor de eurozone liggen (resp. 14 % en 93 %). Een sanering van zowel de overheids- als de gezinsfinanciën is dan ook onontkoombaar.

 

Op zoek naar nieuwe groeimotor

In die context van saneringen is het moeilijk om te geloven in een stevig economisch herstel in 2011. De overheidsuitgaven moeten drastisch omlaag en bijna een half miljoen ambtenaren zal zijn baan verliezen. De vooruitzichten voor de gezinnen zijn al evenmin opbeurend. De werkloosheidsgraad is hoog, de lonen stijgen trager dan de inflatie, de btw is gestegen van 17,5 % naar 20 %... allemaal factoren die op de koopkracht van de gezinnen wegen en hen niet meteen zin geven om meer te gaan consumeren en zo een herstel van de economie te ondersteunen. Het VK verwacht bijgevolg veel van zijn exporteurs. Die profiteren van het zwakke pond en zagen hun activiteit aantrekken, maar aangezien ook veel van de Britse handelspartners maar een bescheiden economische groei laten optekenen, is het nog maar de vraag of de export alleen in staat zal blijken om de economie te herlanceren.

 

Britse obligaties niet interessant...

Bij gebrek aan fiscale stimuli, proberen de autoriteiten in Londen de economie te ondersteunen via het monetaire beleid. De Bank of England gebruikt alle middelen die ze heeft: ze houdt haar leidende rente al sinds 2009 op amper 0,5 % en aarzelt ook niet om de geldpersen te laten draaien. Er werd al 200 miljard pond (± 14 % van het bbp) gecreëerd om de overheidsschuld te financieren en de rentevoeten laag te houden. Tegelijk viert de centrale bank de inflatieteugels, die op een niveau van 3,7 % in december het eigen inflatiedoel van 2 % ver overschrijdt en het rendement evenaart van Britse staatsobligaties op 10 jaar. Britse overheidsobliglaties zijn dan ook te mijden: niet alleen zal het reële rendement maar een mager beestje zijn, bovendien stelt u zich als belegger bloot aan activa waarvan de prijs kunstmatig wordt ondersteund door de massale interventies van de Bank of England. Het pond is weliswaar ondergewaardeerd t.o.v. de euro, maar ook kwetsbaar voor de acties van de centrale bank en voor inflatie-opstoten.

 

… Britse beurs daarentegen wel

In tegenstelling tot de obligatiemarkt lijkt de Britse beurs ons wel nog altijd interessant. De beurs van Londen kan prat gaan op de grootste beurskapitalisatie in Europa, is erg liquide en fungeert als thuishaven voor heel wat bedrijven die internationaal actief zijn en waarvoor de Britse conjunctuur alles bij mekaar slechts een beperkt belang heeft. Dat geldt onder meer voor BP, Vodafone en GlaxoSmithKline, die we alledrie koopwaardig vinden. Daarnaast hebben veel bedrijven er de goede gewoonte om een hoog dividend uit te keren, wat u als belegger toch een degelijk rendement waarborgt. Tot slot vinden we de Londense beurs globaal genomen erg goedkoop. Al die elementen zorgen ervoor dat Britse aandelen een stevige post vormen in onze portefeuilles (15 % in onze neutrale portefeuille op 10 jaar). We bevelen u onder meer de correct beheerde aandelenfondsen Dexia Equities L UK en SSgA UK Index Equity (Deutsche Bank) aan. Bij de individuele aandelen lijken ons naast de drie bovengenoemde bedrijven onder meer ook Ladbrokes, Logica, Pearson, Psion, National Grid, Sage Group en Sainsbury koopwaardig.

 

Deel dit artikel