Analyse
Hoop gevestigd op centrale banken 6 jaar geleden - dinsdag 7 september 2010

Nu het economisch herstel nog een versnelling lijkt terug te schakelen, hoopt men zowel in de VS, Japan als een aantal Europese landen dat de centrale banken – opnieuw – zullen tussenkomen om de economie nieuw leven in te blazen. Maar is dat wel realistisch ?

 

Kredietgroei en economische groei hand in hand

Door hun fors verslechterde overheidsfinanciën zijn veel industrielanden niet meer in staat om nog eens krachtige maatregelen te nemen om hun economie aan te wakkeren. De ordewoorden van de dag zijn saneren en bezuinigen, voor fiscale hefboomeffecten is er nog nauwelijks ruimte, en velen vestigen hun hoop dan ook op de centrale banken en het monetaire beleid om de groei aan te jagen. Een andere vaststelling is dat in de industrielanden goedkoop krediet een absolute voorwaarde voor economische groei is geworden. De forse winststijgingen van bedrijven sinds de jaren 1980 zijn deels te danken aan een stijging van de productiviteit, maar deels ook aan het beteugelen van de personeelskosten. In normale omstandigheden zouden die decennia van loonmatiging geleid hebben tot een vertraging van de gezinsconsumptie, maar dat was niet het geval omdat de gezinnen dankzij vlot en goedkoop krediet mee konden profiteren van de economische groei. De stijging van de vastgoedprijzen versterkte die trend, maakte lenen populairder en droeg bij tot de ogenschijnlijke rijkdom van de gezinnen. Een droomscenario voor de economie, want de recordwinsten van de bedrijven werden ook nog eens ondersteund door een forse vraag van de gezinnen, die volop consumeerden. Helaas is de strategie om inkomsten te vervangen door geleend geld niet eindeloos houdbaar, want vroeg of laat wordt de schuldgraad te hoog. De financiële crisis van 2008-2009, en het  onmiddellijk daaropvolgende einde van goedkoop krediet, hebben in feite het onvermijdelijke alleen maar versneld.

 

Stimuleringsmaatregelen niet zonder succes...

Onmiddellijk na de crisis pleitten velen voor het milderen van de consumptie en om het uitgavenpatroon van de gezinnen beter af te stemmen op hun reële inkomsten. Maar noodgedwongen grijpt men al snel terug naar het oude recept: zonder krediet blijft de economische groei erg laag, het saneren van de financiële situatie van de gezinnen weegt immers op de consumptie. Veel overheden geven dan ook prioriteit aan het verlagen van de rentevoeten, om consumeren aan te moedigen en sparen af te raden. Daarnaast injecteren de centrale banken massa's geld in het financiële systeem, om zowel landen als banken in staat te stellen zich goedkoop te financieren. En die stimuleringsmaatregelen hebben ook succes: ondanks erg hoge overheidsschulden kunnen de grote industrielanden en hun consumenten nog altijd erg goedkoop lenen.

 

... maar gezinnen blijven voorzichtig

Helaas volstond dit niet om de economische groei weer duurzaam op de rails te krijgen. Na het einde van de stimuleringsmaatregelen moesten de gezinnen het overnemen als motor voor de economische groei. En daar lijken ze vooralsnog niet toe in staat: geconfronteerd met een stagnerend inkomen, het vooruitzicht van een hogere fiscale druk, strakkere kredietvoorwaarden bij de banken, een terugval van de vastgoedmarkt, en nog altijd erg hoge werkloosheidscijfers, tonen ze zich begrijpelijkerwijs erg voorzichtig. En bij gebrek aan een sterke vraag draaien de bedrijven niet op volle kracht, wat een heropleving van de investeringen en van de tewerkstelling in de weg staat. Geconfronteerd met die vicieuze cirkel hoopt men nu dat de centrale banken opnieuw zouden tussenkomen, nog meer geld in de economie zouden pompen, en indien nodig nieuw geld zouden bijdrukken. Dat moet het mogelijk maken de rente nog verder te laten dalen. De rentevoeten op alle looptijden zijn echter al historisch laag, zonder dat zich dat vertaalt in een heropleving van de consumptie. Als er nog meer "vers kapitaal" bijkomt, kan dat inderdaad helpen om de landen te financieren, maar is het wel een goed idee om overheden ertoe aan te zetten nog meer uit te geven als hun financiën nu al donkerrood kleuren ? Misschien stevenen we dan af op een scenario zoals in Japan, dat er ondanks 15 jaar van extreem lage rente en ongebreidelde overheidsuitgaven nooit is in geslaagd om zijn groeiritme van weleer terug te vinden. De enige mogelijke winnaar van een nieuwe reeks kapitaalinjecties door de centrale banken zou weleens de financiële sector kunnen worden. De banken, gedurende lange tijd verzekerd van lage rentevoeten en overvloedige liquiditeiten, kunnen dan immers zelf goedkoop geld blijven lenen en het tegen veel hogere rentevoeten weer uitlenen op de markten.

 

Conclusie

Kort samengevat verwachten we dus dat de rente nog geruime tijd laag zal blijven, maar we vrezen dat die lage rente er niet zal in slagen om de economie op korte termijn fors te doen opveren. Zowel de overheden als de privésector moeten eerst de excessen van het verleden uitzweten (lees: hun hoge schuldenlast afbouwen) en pas dan kan het herstel duurzaam aantrekken.

Deel dit artikel