Analyse
Europa : het plan van de laatse kans 7 jaar geleden - maandag 17 mei 2010
Het reddingsplan heeft de gemoederen bedaard maar zeker niet alle problemen opgelost.

Om het besmettingsgevaar van de Griekse crisis op andere landen uit de eurozone tegen te gaan, hebben de Europese autoriteiten 750 miljard euro op tafel gelegd en de mogelijkheid geboden aan de ECB om op de obligatiemarkten in te grijpen. Het is een illusie te denken dat hiermee alle problemen van de baan zijn.

Europa langs de kassa, IMF oogje in het zeil
Het Europese reddingsplan verbaast vooral door zijn omvang. Het bestaat uit 440 miljard euro aan garanties aangeboden door de 16 leden van de eurozone waar zich tevens Zweden en Polen hebben bij aangesloten. Daarnaast is er 60 miljard EUR extra vrijgemaakt voor het fonds dat is opgericht eind 2008 om de Baltische staten en Hongarije ter hulp te snellen. Dit fonds, opgericht door de 27 leden van de Europese Unie, is open voor alle landen met financiële problemen. Het Internationaal Muntfonds (IMF) ten slotte heeft zich bereid verklaard om tot 250 miljard EUR aan deze landen te lenen. In ruil gaat het IMF van dichtbij opvolgen hoe de sanering van de overheidsfinanciën verloopt. De Europese autoriteiten hopen hiermee een sterk signaal naar de markten te sturen en de euro, waarvan het bestaan zelfs in vraag werd gesteld, te verdedigen.

Afgewogen tussenkomst van de ECB
Even belangrijk in het hele verhaal is de rol van de Europese Centrale Bank (ECB). Ze heeft namelijk beslist om op de obligatiemarkten tussen te komen indien deze niet meer correct functioneren. De ECB is met haar tussenkomsten gestart op de markt voor Grieks staatspapier omdat die al enkele weken op apegapen lag. Ze kocht staatspapier aan en dreef door de extra vraag de obligatiekoersen op en de rentevoeten lager. Hoewel de impact van haar optreden vrij ingrijpend was, bleven de ingezette bedragen vrij beperkt waardoor de ECB de geldpers niet heeft moeten doen draaien. Deze interventie moet gezien worden als een injectie van liquiditeiten vergelijkbaar met deze van eind 2008 toen de interbancaire kredietmarkten waren bevroren. Men is echter nog een eind verwijderd van het gebruik van de geldpers om tegen eender welke voorwaarden staatsobligaties te kopen, zoals de Bank of England en de Amerikaanse Fed hebben gedaan. De ECB houdt hiermee wel een belangrijk wapen achter de hand dat ze enkel zal inzetten indien het echt nodig is, gezien het risico op een verdere verzwakking van de euro. Ondanks deze relatieve voorzichtigheid, werd de interventie van de ECB niet unaniem gesteund door haar leden. Ze kwam enkel tot stand omdat verschillende landen enkele beloftes rond hun fiscale politiek deden. Het IMF zal hieromtrent een oogje in het zeil houden.

Buikriem aanhalen !
Terwijl de financiering van de meest verzwakte landen op korte termijn verzekerd is, blijft de enorme schuldpositie wel bestaan en liggen de inspanningen die moeten geleverd worden om deze schuld af te bouwen niet voor de hand. Het mag dan ook niet verbazen dat het initiële enthousiasme snel heeft plaatsgemaakt voor scepticisme. De met schulden overladen landen zullen de schuldpositie beheersbaar moeten maken door ze te stabiliseren en idealiter te verminderen. De nodige fiscale maatregelen, zullen die landen echter in een recessie duwen. En wanneer de economie krimpt, zullen de staten, bij ongewijzigde belastingsvoeten, minder inkomsten genereren waardoor het nog moeilijker wordt om de situatie om te tornen. Grootscheepse besparingsplannen met een draconische vermindering van de overheidsuitgaven en diepgaande fiscale hervormingen zijn de enige oplossing. Gezien de sociale onrust die dergelijke ingrepen met zich mee kunnen brengen, zullen ze billijk en rechtvaardig moeten zijn. De koopkracht van de gezinnen zal eronder lijden en bedrijven riskeren zelfs twee maal de dupe te worden. Aan de ene kant zal het moeilijk zijn te groeien in een omgeving waar de koopkracht daalt. Dit laatste zal ongetwijfeld op de marges wegen. Aan de andere kant zullen ze hogere belastingen moeten betalen op de geboekte winsten. Deze extra belastingsdruk zou trouwens heel Europa kunnen treffen. De overheidsschuld kan nog verder verslechteren aangezien de babyboomers massaal op pensioen gaan en de bevolking verder vergrijst. Het herstel van de overheidsbegroting zal uiteindelijk iedereen aanbelangen.

Conclusie
Het Europese steunplan alleen lost niet alle problemen op. Ze biedt wel een extra levenslijn aan de met schulden overladen landen om orde op zaken te stellen maar dit gaat gepaard met zeer strikte voorwaarden en een nauwgezet toezicht van het IMF. Elke steunaanvraag zal moeten gevolgd worden door belangrijke ingrepen en zal een kost met zich meebrengen. Het gaat niet om vrij beschikbare middelen zonder voorwaarden. De schuldcrisis is verre van gedaan en alle economische actoren zullen hun steentje moeten bijdragen. Voor de landen uit het zuiden is het reddingsplan misschien wel de laatste kans.

Deel dit artikel