Analyse
Interventie in de wisselmarkten 7 jaar geleden - maandag 25 januari 2010
De voorbije jaren hebben verschillende centrale banken ingegrepen in de wisselmarkten. Meestal deden ze dit om hun eigen munt te verzwakken en zodoende de export extra zuurstof te bezorgen. Interventies zijn van alle tijden en behoren ook vandaag tot de mogelijkheden.

Tussenkomst
Het takenpakket van de centrale bank is vrij uitgebreid zoals ondermeer het uitgeven van geld, verzamelen van statistieken en toezicht houden op de financiële sector. Het bepalen van het monetaire beleid met als doelstelling prijsstabiliteit te garanderen is ongetwijfeld de belangrijkste taak. De centrale bank beschikt hiervoor over een heel arsenaal aan ingrepen. Een minder gekende activiteit van de instelling, vooral omdat ze slechts sporadisch voorvalt, is interventie op de wisselmarkten. Het gaat over de aankoop of verkoop van eigen of andere munten met als doelstelling de wisselkoers(en) in een andere richting uit te sturen en de markt te beïnvloeden. Aan de ene kant wordt ingegrepen om de eigen munt te verzwakken zodoende de eigen exporteurs te ondersteunen en hun concurrentiekracht te vergroten. Hoe goedkoper de eigen munt, hoe aantrekkelijker de eigen producten in het buitenland worden. Aan de andere kant grijpt men ook in om de eigen munt te versterken. Een te lage koers van de eigen munt kan tot het importeren van inflatie leiden en aangezien het nastreven van prijsstabiliteit de hoofdbekommernis is van de centrale bank mag dit niet verbazen. Als de eigen munt verzwakt worden buitenlandse producten duurder en moet de consument meer betalen. Niet alleen het product wordt dan ingevoerd maar ook de prijsstijging.

In de praktijk
We kunnen heel wat voorbeelden aanhalen van interventies. Zo kocht de Europese Centrale Bank zo’n tien jaar geleden nog euro’s om de munt te ondersteunen en extra inflatie buiten te houden. De Japanse centrale bank heeft het voorbije decennium meermaals geprobeerd haar eigen munt te verzwakken. Het land van de Rijzende Zon staat of valt immers met zijn export. Hoewel de laatste interventie dateert van 2004, steekt af en toe speculatie over een nakende interventie de kop op. De laatste maanden is dit zeker het geval nu de yen tegenover de euro en vooral tegenover de Amerikaanse dollar terrein wint. Het is ook al gebeurd dat verschillende centrale banken, van de G7 bijvoorbeeld, gezamenlijk optreden in de markten. In minder belangrijke landen op het financiële wereldtoneel zoals Israël, Indonesië…is interventie trouwens schering en inslag. Vandaag wordt vooral gekeken in de richting van de Zwitserse centrale bank. De Zwitserse frank is enorm in waarde toegenomen tegenover de euro, de munt van de belangrijkste handelspartner. De centrale bank wil haar eigen munt verzwakken om de export ademruimte te geven en de (zwakke) economische groei aan te zwengelen. Nu de frank tot onder het niveau van 1,5 frank voor 1 euro is gekomen, is de pijngrens bereikt. De bank heeft recent meermaals gedreigd te zullen ingrijpen.

Effect
De vraag die we ons stellen is of interveniëren een effect heeft op de wisselmarkten? In eerste instantie wel met een stijging of daling van de wisselkoers. Maar uit het verleden is gebleken dat een interventie slechts een pleister op een houten been is. Op de wisselmarkten gaat zo veel geld om per dag dat het voor de centrale banken onmogelijk is de markt naar hun hand te zetten. De dagen na de ingreep vervaagt het gewenste effect meestal alweer. Als een koerswijziging niet lukt, hoopt de centrale bank tenminste de markt te beïnvloeden en aan te tonen dat het welletjes is geweest en aan te geven dat de munt is over- of ondergewaardeerd. Het hoopt met andere woorden de markt tot een ander inzicht te brengen. Deze aanpak heeft meer kans op slagen.

Deel dit artikel