Nieuws
Beleggen in de voedingssector: een must? 1 jaar geleden - donderdag 22 december 2016
Iedereen moet eten en drinken. Het levert de sector van oudsher stabiele inkomsten en een mooi dividendrendement op. Maar zal dit ook zo blijven?
Beleggen in de voedingssector: een must?

Beleggen in de voedingssector: een must?

Misschien. Momenteel zijn de aandelen uit de voedingssector verre van goedkoop.
Wij raden u dan ook af om nog nieuwe posities te nemen. Sommige aandelen mag u zelfs van de hand doen.

Sinds het dieptepunt van de financiële crisis (maart 2009) kenden de waarden uit de voedingssector een spectaculaire groei op de beurs. Zowel de voedingsbedrijven als de drankenindustrie deden het daarbij een pak beter dan de wereldwijde aandelenbeurzen.

In 2016 heeft de voedingssector het moeilijker: slechts +1% winst, terwijl de beurzen 8% hoger staan. Te wijten aan de tegenvallende beursprestaties van – vooral – de Europese drankensector. Giganten als AB InBev (-12%) en Heineken (-9%), sterk aanwezig in de fondsenportefeuilles, verloren al heel wat beursterrein in 2016.

Is de tijd aangebroken om het schip te verlaten? Niet helemaal. De aandelen beschikken over voldoende troeven. Maar zelfs na de recente relatieve zwakkere prestaties blijven ze veelal te duur gewaardeerd.

De voedingssector, een defensieve sector bij uitstek, maar...

De activiteit van de sector is als vanouds weinig gevoelig voor de stuiptrekkingen van de economie. Toch vertonen de alom gekende multinationals zoals AB InBev, Coca-Cola, Danone, Nestlé, Kraft Heinz, enzovoort tekenen van ademnood.

– In de ontwikkelde landen weegt de druk op de prijzen en de volumes door op de activiteit. De eigen distributiemerken in de supermarkten oogsten daarentegen succes.
– De groeilanden, die benadeeld worden door de zwakke grondstofprijzen, zijn minder monter dat tot voor kort, wat de expansie van de middenklasse en dus ook van de toename van de aankoop van producten van grote merken afremt. Ondanks het feit dat economie er jaarlijks met 6,7% groeit, wordt China bovendien niet langer aanzien als een eldorado.

Sectorreuzen trachten zich aan te passen

Paradoxaal genoeg leggen ze zich daarbij voornamelijk toe op het ontwikkelen van duurdere ('premium') en rendabeler producten via innovatie. Op die manier willen ze een groter deel van hogere middenklasse, dat minder verzwakt is door de crisis, voor zich winnen. Om daarin te slagen, aarzelen ze niet om af te wijken hun gebruikelijke specialisatie.

Zo interesseert Nestlé zich voor 'nutraceutica' (voedingsmiddelen met heilzame effecten op de gezondheid), terwijl Danone zich toespitst op bioproducten.

En wanneer de organische groei te laag blijft, profiteren ze van het geld dat momenteel goedkoop is om over te gaan tot fusies en acquisities waardoor ze schaalvoordelen kunnen verwezenlijken en zo hun internationale overwicht op hun markten kunnen consolideren.

Een belangrijk voorbeeld daarvan in de afgelopen maanden was brouwerij AB InBev die haar grootste concurrent SABMiller overnam om zo onder meer te profiteren van de groei van de Afrikaanse markt. Toch is het opletten dat voor dergelijke deals niet te veel betaald wordt. En dat is volgens ons het geval bij AB InBev.

Voedselconglomeraat Mondelez International zag uiteindelijk af van de overname van chocolatier Hershey, die als te duur werd beschouwd.

Aan de andere kant doen de ondernemingen nog te moeilijk afstand van activiteiten waarvan de vooruitzichten niet meteen veelbelovend zijn. Zo blijft Unilever binnen zijn voedingstak vasthouden aan haar margarines, die structureel onderhevig zijn aan een daling.

Rendabiliteit en dividenden

Of het is nu is door de verkoopprijzen te ondersteunen door middel van innovatie of door besparingen na te streven door middel van overnames, de multinationals in de sector weten nog altijd te verrassen met hun vermogen om hun rendabiliteit te verdedigen. Zich bewust van het feit dat de bijzonder sterke groei van de groeilanden voorbij is, bouwen ze er hun investeringen af zonder er zich echter volledig terug te trekken. Zo heeft Danone recent zijn investeringen in China en Rusland verminderd.

Een groot deel van de winst verwezenlijkt in de sector kan dus worden besteed aan de dividenden (en zelfs aan de inkoop van eigen aandelen), die vaak groeien.

Kraft Heinz verhoogde bijvoorbeeld zijn kwartaaldividend met 4,3% tot 0,60 dollar per aandeel. Ook Mondelez International was genereuzer voor zijn aandeelhouders: voortaan krijgen ze een kwartaaldividend van 0,19 dollar per jaar, wat neerkomt op een stijging van 12%.

Toch is het goed om te weten dat de uitbetaling van het dividend in de sector weliswaar veilig is, maar dat het dividendrendement van 2,4% bruto onder het globale marktgemiddelde ligt (2,6%). Te wijten vooral aan de Europese voedingsindustrie die op dat vlak de riem wat heeft aangehaald. Het is een van de elementen die ervoor gezorgd hebben dat de beursappetijt voor dat soort aandelen dit jaar wat is afgekalfd.

Wat met de beurzen?

De sector is weinig riskant (regelmatigheid van de gegenereerde cashflows), maar voor die kwaliteit moet u betalen en tegen de huidige koersen zijn er naar onze mening geen koopjes meer te doen.

Sinds het dieptepunt van de financiële crisis van 2008-2009 vierden de aandelen van de voedingssector hoogtij, met een klim van 270% (in euro, dividenden inbegrepen). Wereldwijd gingen de beurzen 'slechts' 235% hoger. De beleggers, die eerst verleid waren door het defensieve karakter van de sector, werden vervolgens gerustgesteld door het vermogen van de groepen om hun dividenden intact te houden in de huidige tijden van bijzonder lage tot zelfs negatieve rentes.

Vandaag zijn de beurswaarderingen van de bedrijven over het algemeen correct, ook al vinden we tal van (dure) uitzonderingen. De groeivooruitzichten, die momenteel nogal vaag zijn, blijven niet te verwaarlozen op lange termijn en dat dankzij de wereldwijde demografische groei die verwacht wordt voor de komende decennia.

Fondsen

Er bestaan heel wat gespecialiseerde beleggingsfondsen die mikken op wereldwijde of Europese aandelen uit de voedingssector. Denk bijvoorbeeld aan Lyxor UCITS ETF Stoxx Europe 600 Food & Beverage en NN (L) Food & Beverages.
Dat soort fondsen mag u behouden.

Aandelen

Verkoop volgende aandelen:
AB InBev, Danone en Miko. Deze zijn simpelweg te duur om nog in te beleggen.

Volgende aandelen mag u houden:
Coca-Cola: goede rendabiliteit en verbetering van de activiteit in Noord-Amerika
Nestlé: goede weerstand in een moeilijke context, besparingsplannen in de groeilanden
Kraft Heinz: ligt voor op zijn kostenbesparingsplan; om de groei weer op gang te brengen, worden ook inspanningen geleverd om de productenportefeuille te verjongen; zal wellicht zijn doelstellingen halen.
Mondelez International: gaf blijk van een zekere financiële discipline door af te zien van de overname van Hershey. Kan zich nu opnieuw toespitsen op eigen prestaties. De rendabiliteit is te danken aan kostenbesparingen en aan de daling van de financiële lasten. Daarnaast profiteert de groep van de goede resultaten van Jacobs Douwe Egberts, wereldleider in de koffiesector waarin ze een belang heeft van 44%.

Deel dit artikel