LOCK UP

 

Aandelen waaraan een lock up is gekoppeld, mogen niet worden verhandeld vóór een bepaalde datum die wordt vastgelegd bij hun uitgifte.

 

Bij een beursintroductie, staan niet alleen de kopers te drummen maar ook de bestaande aandeelhouders zoals oprichters, risicokapitaalmaatschappijen, enzovoort. Deze laatsten willen immers hun aandelen, die meestal fors in waarde zijn toegenomen, zo vlug mogelijk verkopen op de markt. Om ervoor te zorgen dat de markt net na de eerste notering van een aandeel niet wordt overspoeld door verkopers en de koers zwaar terugvalt, wordt in het prospectus een zogenaamde lock up bepaald voor die bestaande aandeelhouders. Meestal mogen ze van 90 tot 180 dagen na de beursintroductie of de publicatie van het prospectus niet verkopen. Men wil hiermee bovendien vermijden dat bestaande aandeelhouders, die bijvoorbeeld weten dat er slechts nieuws zit aan te komen of de vooruitzichten zullen verslechteren, het schip zouden verlaten met deze voorkennis. Bestaande aandeelhouders zijn immers insiders die weten waar de klepel hangt. 


Eenmaal de lock up periode is verstreken, mogen de bestaande aandeelhouders hun stukken verkopen. In veel gevallen gaat het einde van deze periode gepaard met verkoopdruk. Volgens verschillende studies doen deze aandelen het gemiddeld tussen de 1 à 3% minder goed dan het marktgemiddelde wanneer de lock up eindigt.