Nieuws

Elektrische verwarming: wonderen bestaan niet

03 maart 2020
elektrische verwarming infrarood convector

Verschillende stands op Batibouw prijzen elektrische verwarmingssystemen aan. Zo worden onder meer infraroodverwarming en verwarming met lage inertie als performante oplossingen naar voren geschoven. Weet echter dat je met dit soort elektrische verwarming geen spectaculaire besparingen zult kunnen verwezenlijken.

Qua prestaties lijken alle systemen van elektrische verwarming op elkaar. Radiatoren, convectoren of andere systemen die gebruikmaken van elektriciteit, zullen ongeacht hun technologie of hun vorm een identiek maximaal rendement hebben. Er blijft voor elektrische systemen nauwelijks ruimte over om zich qua efficiëntie te onderscheiden.

Afgifte- en regelverliezen inperken

De prestaties van een verwarmingssysteem kunnen hooguit een beetje verbeteren als ervoor kan worden gezorgd dat de warmte precies daarheen gaat waar en wanneer zij nodig is. Zo kunnen er warmteverliezen optreden als de warmte bijvoorbeeld achter een radiator verdwijnt, als warme lucht tegen het plafond blijft hangen of als er op bepaalde uren sprake is van oververhitting. Deze verliezen liggen voor klassieke elektrische verwarmingssystemen rond 5 à 10 %, of in de meest ongunstige situaties 20 %.

Je kunt die warmteverliezen tegengaan door de muren achter de radiatoren te isoleren, de warmte naar de te verwarmen personen te richten of een goede thermostaat te plaatsen.

Sommige verkopers van elektrische verwarming beweren dat hun systemen die verliezen fors kunnen verminderen en je 30 % tot 50 % laten besparen in vergelijking met een klassieke verwarming op gas of stookolie of een concurrerende elektrische verwarming. Maak je geen begoochelingen: meer dan enkele procenten winst zit er niet in.

Infraroodverwarming: een oplossing voor de badkamer

In de buurt van een infraroodverwarming voel je hoe de straling ervan je direct verwarmt, althans als je er vrij dicht bij staat of zit. Maar je lichaam wordt dan slechts aan één zijde verwarmd, wat niet erg comfortabel is over een langere duur.

Bij langdurig gebruik in een woonkamer zal infraroodverwarming dan weer ook de muren en vervolgens onrechtstreeks ook de lucht verwarmen. Dan is de situatie vergelijkbaar met die als je verwarmt met elektrische convectoren. Dat je niet de hele kamer hoeft te verwarmen, is dan geen (verkoops)argument meer om te besparen.

In de praktijk kan elektrische stralingsverwarming veeleer een oplossing zijn in de badkamer, waar je direct een warm gevoel kunt krijgen (langs één zijde). Grote besparingen zijn niet aan de orde, zeker niet bij langdurig gebruik.

Verwarming met lage inertie: moeilijk af te regelen

Inertieverwarming is gekend van bij vuurvaste stenen die hun warmte geleidelijk afgeven. De techniek wordt vooral gebruikt bij zware toestellen met hoge inertie die ’s nachts warmte opladen tegen het voordeliger nachttarief en dan overdag hun warmte afgeven.

Maar dit soort verwarming verhoogt de afgifte- en regelverliezen. Zo blijf het bijvoorbeeld ’s nachts warmte afgeven wanneer het niet nodig is en je anders je verwarming zou uitschakelen, of het accumuleert te veel warmte voor de volgende dag, als die plots warmer uitvalt dan verwacht.

Sommige fabrikanten bieden lichte radiatoren met lage inertie aan. Maar ook die zijn moeilijk nauwkeurig af te regelen en de vereiste warmte moet toch door de elektrische weerstand worden geproduceerd. Je hoeft ook hier niet op wonderbaarlijke besparingen te rekenen.

In ons dossier “Verwacht geen mirakels van elektrische verwarming” vind je enkele voorbeelden van straffe beweringen die wij ontkrachten.

Naar ons dossier Elektrische verwarming

Elektrisch verwarmen: een voorlopig dure keuze

Elektrisch verwarmen blijft een dure oplossing, zeker qua verbruik. Elektriciteit is momenteel 4 tot 5 maal zo duur als gas of stookolie. Vanuit financieel oogpunt is er geen reden om een verwarmingsketel op fossiele brandstoffen in te ruilen voor een elektrisch verwarmingssysteem.

Wil je toch elektrisch verwarmen, dan bestaat er alsnog een efficiënt systeem: de warmtepomp. In principe verbruikt die zowat drie keer minder dan een klassiek elektrisch systeem. Maar het is dan wel noodzakelijk dat je woning goed geïsoleerd is.

De investering in een warmtepomp zul je niet zo snel terugverdienen wegens de dure stroomprijs. Je investeert dus in een CO2-armere technologie, maar op eigen kosten. Tenzij de overheid maatregelen zou nemen om de CO2-armere technologieën meer kansen te geven en de kloof met de prijzen van fossiele brandstoffen zou verkleinen of wegwerken.