Analyse
Obligaties: enkel buiten de eurozone op winst 5 jaar geleden - dinsdag 13 december 2011

In november zagen we zeer grote verschillen tussen de obligatiemarkt in euro en de rest. Twee redenen speelden in het voordeel van de niet-euro obligaties.

De euro presteerde relatief slecht tegenover andere munten waardoor de prestaties van de obligatiefondsen in vreemde munt, na omzetting in euro, sterk werden bevoordeeld. Zo waren de fondsen in obligaties in Japanse yen de uitblinker bij de obligatiefondsen vorige maand met een gemiddelde winst van 3,8 %. Fondsen als KBC Renta Yenrenta en Parvest Bond JPY beleggen in Japanse staatsobligaties en dankten hun prestaties louter aan de sterke yen. Hetzelfde verhaal bij de fondsen in obligaties in Amerikaanse dollar (gemiddeld: +3,5 %). We zijn geen koper van beide types van obligatiefondsen.

 

Terwijl de rentevoeten in de eurozone fors hoger gingen en die obligaties een hak zetten, was dat niet het geval in de rest van de wereld. Daar zagen we veeleer een ontspanning van de obligatierente waardoor de obligaties ook in lokale munt hoger gingen. Zo komt het dat de fondsen in obligaties in Brits pond zoals Threadneedle Sterling Bond tot 4,8 % konden aandikken, terwijl het pond slechts 1 % won.

 

Een categorie die ook profiteerde van de gedaalde obligatierente was die van de fondsen in Zweedse obligaties. Zo klom KBC Renta Sekarenta 1,2 %, terwijl de Zweedse kroon 0,7 % prijsgaf in euro. Het KBC-fonds, het enige dat uitsluitend mikt op de Zweedse obligatiemarkt, mag nog gekocht worden. De Zweedse kroon is fors ondergewaardeerd in euro en het land staat er economische gezien goed voor.

 

Obligaties in euro: zware klappen

Vorige maand was er geen respijt voor de fondsen in obligaties uit de eurozone en dat ongeacht hun type. Zowel staatsobligaties (-2,5 %), als bedrijfsobligaties (-3,5 %), als inflatiegebonden obligaties (-4 %) verloren fors terrein. Beleggers dumpten massaal schuldpapier uit de eurozone, waardoor de rentevoeten door het dak gingen. Zelf Duitse emissies (-1 %) kwamen onder druk door hun al te karige rentevergoeding.
De rente op middellange termijnobligaties steeg met meer dan een half procent (van 3 % naar 3,6 %). De gevolgen waren niet om aan te zien in de obligatieportefeuilles. Degroof Bonds Euro, een fonds in staatsobligaties met een restlooptijd van zowat zes jaar, verloor 3,1 %, BNP P L1 Bond Euro Long Term (H) dat mikt op langetermijnobligaties ging zelfs 3,8 % lager. Ook de fondsen die mikken op kortetermijnobligaties verloren tot 0,7 %. Dat was het geval voor Dexia Sustainable Euro Short Term Bonds. Op dit moment zijn we geen koper van staatsobligaties in euro. We vinden dat er betere opportuniteiten elders te vinden zijn.
De dramatische rentestijging van vorige maand kende een abrupt einde in de laatste week van november. Sindsdien zagen we een spectaculaire daling van de obligatierente en een remonte van de obligatiekoersen).

 

De fondsen in inflatiegebonden obligaties waren uiteindelijk de kop van Jut in de eurozone. Zo verloor Horizon Petercam Bonds Inflation Linked EUR B 5,5 %. De reden voor de zwakke prestatie van dat fonds en de categorie in het algemeen hoeft u niet ver te zoeken. In de portefeuille steken relatief meer Italiaanse overheidsobligaties dan elders en die beleefden vorige maand niet echt een hoogmis (-7 %). Inflatiegebonden obligatiefondsen vinden we koopwaardig als spreiding binnen een obligatieportefeuille.

Lees onze analyse.

 

Deel dit artikel