Analyse
Beleggen in de eurozone: eendracht maakt macht? 7 jaar geleden - woensdag 15 september 2010

Loont het de moeite te beleggen in een regio met zowel goede als slechte leerlingen?

Aan fondsen geen gebrek, maar hoe zit het met de kwaliteit ervan?

 

Kwantiteit aanwezig …

Aan de fondsenindustrie zal het alvast niet liggen. Met zowat 150 zijn ze, de unieke beleggingsfondsen die gespecialiseerd zijn in aandelen uit de eurozone en die naar uw hand dingen.

 

Veel keuze dus op het eerste gezicht, maar schijn bedriegt. Blikken we in de portefeuilles van de fondsen, dan valt al snel op hoe sterk de meeste op elkaar gelijken. En dat ondanks het feit dat de fondsen in de praktijk puren uit het volledige aandelenaanbod op zowat 12 beurzen.
Dat komt omdat het gros van de fondsen in feite uitsluitend mikken op de ‘grote’ jongens, dat wil zeggen de aandelen met een grote beurskapitalisatie. Dat doen de beheerders vanuit zowel economische als praktische overwegingen. Niet alleen vertegenwoordigen de grote beurskapitalisaties de bedrijven die de grootste zijn in hun land, het zijn tevens ook de vlotst verhandelbare aandelen op de beurs. En dat is een interessante eigenschap voor een fonds dat vaak grote hoeveelheden aandelen verhandelt.

 

… Maar kwaliteit?

Net omwille van die keuze voor grote aandelen valt de gemiddelde kwaliteit van de fondsen over de afgelopen vijf jaar tegen. Daarmee doen ze het slechter dan tal van beursgenoteerde trackers en fondsen die louter de brede marktindex volgen. Dat komt omdat die vaak oog hebben voor de kleinere aandelen en die hebben relatief goed gepresteerd.

 

Toch is het niet al huilen met de pet op. Een fonds zoals BlackRock Euro-Markets Fund kan perfect zijn mannetje staan door een goede aandelenkeuze. Zo durft de beheerder minder dan gemiddeld te beleggen in het geteisterde Spanje of wordt de financiële kaart minder getrokken. Zo’n fondsen blijven wel uitzonderingen.

 

Twee snelheden

De hamvraag is of het de moeite loont om vandaag de steven te wenden richting regiofondsen die louter mikken op de eurozone. Wij denken het niet. En dat heeft veel te maken met de eurozone op twee snelheden waarmee we nu geconfronteerd worden:

– Er is het noorden, met motor Duitsland op kop en Benelux, Oostenrijk en Finland. Landen waarin veel gespaard wordt en waar werk wordt gemaakt van de sanering van de overheidsfinanciën.
– De angel zit echter in het zuiden en westen: Griekenland, Ierland, Portugal, Spanje en Italië torsen vaak niet alleen relatief hoge schulden met zich mee, ze leefden ook jaren boven hun stand en hebben het nu bijzonder moeilijk om schoon schip te maken in hun financiën.

 

Daarbovenop is er sinds de invoering van de euro een groot verschil in concurrentievermogen ontstaan tussen de twee blokken. Duitsland en consorten voeren al jaren een loonmatiging door. De combinatie met productiviteitswinsten bezorgde hen een voorsprong tegenover de zuiderburen die in feite de omgekeerde weg bewandelden. In het zuiden stijgen de lonen immers al een tijdje richting niveaus uit het noorden. Maar dat gaat daar helaas niet gepaard met de nodige productiviteitswinsten waardoor die landen dus sterk moesten inboeten op het vlak van concurrentievermogen. Omdat ze niet langer kunnen schermen met fors lagere lonen en kosten is het nog niet zeker wanneer die landen uit de problemen zullen geraken.

 

Nog tijd nodig

De komende jaren zal de eurozone werk moeten maken van de sanering van de overheidsschulden. Hoe? Niet alleen zullen de overheidsinvesteringen worden beperkt, de kans is ook groot dat er (nieuwe) belastingen zullen worden geheven. Dat zal zowel het geval zijn voor de bedrijven als voor de consument. Dat zal hun besteedbare inkomen verminderen, wat dan weer zal wegen op de economische groei van de regio.

Een land als Duitsland, de grote voorstander van de financiële buikriem, zal daarmee weinig problemen hebben. Onze efficiënte oosterbuur doet die inspanning immers al jaren en profiteert daarbovenop van de zwakke euro om sterk te groeien (+3,7 % jaarlijkse groei in het tweede kwartaal). De landen uit het zuiden zullen het echter lang niet zo eenvoudig hebben.

 

Kortom, beleggen in de eurozone is net dat ietsje moeilijker geworden en het zal een tijdlang duren vooraleer de meeste landen opnieuw zullen aanknopen met de groeivoeten uit het verleden. Dat geduld leggen we niet voor de dag. Beleggen in individuele aandelen of in andere regio’s (zoals de Aziatische) en landen (Zoals Zwitserland en Canada) genieten dan ook onze voorkeur.

 

Deel dit artikel