Analyse
Wie laatst lacht, best lacht 9 jaar geleden - donderdag 11 december 2008
Ooit beschimpt, nu aanbeden. De Japanse yen is terug van weggeweest.

Jarenlang was de Japanse munt de risee op de wisselmarkten. De munt kalfde omzeggens dagelijks af tegenover de euro en andere munten. Dit jaar ontpopte de yen zich echter tot een mooie vlinder die alle andere lik op stuk gaf. Zit er nog voldoende rek in de munt en hoe kunt u ervan profiteren?

Sinds begin 2000 zat de Japanse munt al in een sukkelstraatje. De yen kalfde jaarlijks af tegenover de euro om ten slotte een dieptepunt te bereiken in juli van dit jaar. 100 yen was toen 0,59 euro waard. Ondertussen is de situatie drastisch veranderd en in de tweede jaarhelft wierp de yen zich op als dé munt om in belegd te zijn. Sinds het dieptepunt won de yen al 40 %. Eind november kreeg u voor een 100 yen reeds 0,83 euro. En laat het nu net de financiële crisis en de wereldwijde recessie zijn die de steunpilaren vormen van de huidige munthausse.

CARRYTRADE
De beurscrisis en het wantrouwen op de financiële markten zorgden ervoor dat beleggers en investeerders wereldwijd de broekriem aanhaalden en wegvluchtten uit riskante beleggingen. Een van die riskante strategieën is de carrytrade, al jaren dé gesel van de Japanse munt.
Het is een techniek waarbij beleggers in een laagrentende munt, zoals de yen (JPY), ontlenen om vervolgens te beleggen in een hoogrentende munt, zoals de Nieuw-Zeelandse dollar. Bij een onveranderde wisselkoers levert dat de belegger een winst op die het verschil bedraagt tussen de rentevoeten in beide munten. Zo brachten obligaties in NZD lange tijd 7 % op, die in JPY slechts 0,5 %. De winst: 6,5 %.
In werkelijkheid was de winst vaak nog groter omdat de massale volumes in carrytrades de yen vaak onder druk zetten waardoor die afkalfde. De yen wordt immers verkocht, terwijl een meer renderende munt wordt aangekocht. De munt waarin belegd werd, veerde dan ook meestal op. Opnieuw winst voor de uitvoerder van de carrytrade omdat hij op eindvervaldag van de trade zijn duurdere Nieuw-Zeelandse dollars moet verkopen en goedkopere yens moet terugbetalen. Lange tijd bood die strategie dan ook hoge rendementen en zorgden ze voor een druk op de yen. De economie, die er vooral drijft op export, kon de lage yen echter best pruimen want de situatie bood een concurrentievoordeel. Er kwam dus geen echte tegenwind vanuit overheidswege.

MET DANK AAN … DE CRISIS
De crisis veranderde echter alles. De Japanners, zowel particulieren als bedrijven, die van oudsher veel geld sparen en beleggen buiten Japan wegens de lage vergoedingen op de interne markt repatrieerden massaal hun geld. Ze verkiezen nu immers veiligheid boven rendement. Dat zorgde voor een spectaculaire stijging van de wisselkoers van de yen. Die abrupte hausse zette alle carrytraders in hun hemd. Zij moeten immers ooit hun schulden in yen terugbetalen en zijn dus niet gediend met een (fors) hogere yen. Daardoor wikkelden die beleggers, vaak hedgefondsen en banken, hun posities versneld af, met een nog hogere yen tot gevolg. De hausse die volgde, was dan ook ongezien. Kortom, de carrytrade, dé boeman voor de yen de afgelopen jaren, is nu zijn beste vriend. En het einde is nog niet in zicht. Zolang de crisis duurt, zal de Japanse bevolking geld blijven repatriëren en zullen de carrytrades verder worden afgewikkeld. Daardoor denken we dat de yen de komende maanden zal blijven stijgen. Hij blijft daarom geschikt als defensieve belegging en mag zelfs nog worden gekocht.

EVOLUTIE JAPANSE YEN IN EURO

De comeback van de yen de laatste maanden is ronduit spectaculair. En het vet is nog niet van de soep. Koopwaardig.

KEUZES MAKEN
De vraag is nu, kiest u beter voor Japanse aandelen of richt u de pijlen eerder op obligaties in yen?
· In de huidige context zijn we geen koper van Japanse aandelen. De economie blijft sputteren, de prestaties van de lokale bedrijven springen niet in het oog en de sterke yen duwt de exportsector in het verdomhoekje. De binnenlandse vraag is echter te zwak om de rol van motor van de economie over te nemen. De brede beurs van Tokio, -25 % in 2008, is nog te duur en dichten we te weinig potentieel toe.
· Vastrentende beleggingen blijven dus over. Zoek daarbij niet naar termijnrekeningen of thesauriefondsen in yen, die zult u niet vinden. Het aanbod fondsen die beleggen in obligaties in yen is weliswaar beperkt, maar gelukkig wel hoogstaand. De fondsen leunen heel dicht aan tegen ***. Daarbij kunnen we een onderscheid maken tussen ING L Renta Fund Yen (ISIN: LU0119224144, **) en KBC Renta Yenrenta (LU0140479485, **) enerzijds en Parvest Japan Yen Bond (LU0012182712, **) anderzijds.
· Het gespecialiseerde fonds van ING en KBC belegt quasi uitsluitend in emissies van de Japanse staat of in obligaties uitgegeven door supranationale instelling zoals de Europese Investeringsbank. Er wordt geen enkele toegeving gedaan op het vlak van kredietrisico en daar zijn we wel voor te vinden. Ook kunnen we geen onderscheid maken op het vlak van kosten. Het totale kostenplaatje schommelt bij beide fondsen rond de 0,9 % per jaar. Beide zijn koopwaardig. Probeer wel voor het ING-fonds een instapkost van 2 % tot 2,5 % vast te krijgen.
· Parvest Japan Yen Bond kan ons daarentegen net iets minder bekoren. De beheerder steekt ongeveer 15 % van de portefeuille in obligaties uitgegeven door financiële instellingen zoals Deutsche Bank en Goldman Sachs. En het fonds is daarbovenop iets duurder dan de twee andere (1,1 %). Te behouden.

Deel dit artikel