Analyse
Palmares 2006 10 jaar geleden - donderdag 11 januari 2007

De grote les uit het verleden. Zoals elk jaar vindt u hier een overzicht van de beste en de slechtste fondsenprestaties van het voorbije jaar.

Zoals elk jaar vindt u hier een overzicht van de beste en de slechtste fondsenprestaties van het voorbije jaar. Interessant, maar we raden u aan om niet te veel belang te hechten aan de cijfers. Het blijft immers een momentopname en ze garanderen niets over de toekomst.

En de winnende fondsencategorieën van 2006 zijn … Chinese, Oost-Europese en Latijns-Amerikaanse aandelenfondsen. Zij gingen gemiddeld meer dan 30 % hoger, na omzetting in euro. Beperken we ons tot de fondsen en verzekeringsproducten opgenomen in de grote tabellen en kijken we naar de individuele fondsenprestaties dan stond er geen maat op de Chinese aandelenfondsen met maar liefst vier fondsen in de top vijf (zie volgende pagina). De winnaar werd uiteindelijk het door ons uitsluitend voor de durvers aangeraden Dexia Equities B Red Chips (****, + 64,1 %). Met dank aan een spurt van maar liefst 15,4 % in december. Bij de trackers trok LyxorETF China Enterprise (HSCEI) aan het langste eind met een klim van 73,2 %. Mooie cijfers.
De grote verliezer bleek de ... winnaar van 2005 te zijn. Turkse aandelenfondsen doken 13,9 % lager.

CHINESE AANDELENMARKT (in het vet) EN WERELDWIJDE BEURSINDEX (basis 100)

Chinese aandelen profiteerden o.a. van de goede economische cijfers, de grote belangstelling voor nieuwe beursemissies en de openstelling van enkele sectoren voor buitenlandse investeerders in het kader van de toetreding tot de Wereldhandelsorganisatie. Beleggers die risico niet schuwen mogen nog steeds kopen.

HOL GEEN RENDEMENTEN ACHTERNA…
· In het jaaroverzicht staan we stil bij de prestaties van de fondsen uit de tabellen maar in de tabel hieronder krijgt u een categorie top vijf en flop vijf. Zo kwam u er op jaarbasis bekaaid vanaf indien u fondsen bezit die beleggen in Japanse en Turkse aandelen of in Amerikaanse, Canadese en Japanse obligaties. Betekent dat nu dat u die fondsen links moet laten liggen om te beleggen in de winnaars van 2006: de aandelenfondsen uit de groeilanden, de nutssector en Scandinavië?
· Driewerf NEEN! Resultaten uit het verleden bieden immers geen enkele garantie voor de toekomst. We moeten de Turkse aandelenbeurs op dat vlak in feite dankbaar zijn. De wanprestatie van de beurs van Istanboel in 2006 is namelijk een perfect voorbeeld van wat we u duidelijk willen maken. In 2005 nog de primus van de klas, vorig jaar de slechtste leerling. Toegegeven, zulke extremen zijn eerder toeval, maar het illustreert dat een beleggingskeuze gebaseerd op rendementen uit het verleden geen goede strategie is. Ook al zullen sommigen onder u wel opmerken dat die vlieger niet opgaat voor andere categorieën zoals Oost-Europese en Latijns-Amerikaanse aandelen. Zij boeken al enkele jaren puike resultaten.
Loont het omgekeerde, kopen wat in het verleden uit de gratie was? Een tegendraadse beleggingsstrategie, zeg maar. Ook niet. Een voorbeeld. Japanse obligatiefondsen deden het zowel vorig jaar (51ste plaats op 52 categorieën) als in 2005 (58ste plaats op 58) slecht. De kneusjes uit het verleden kopen in de hoop op koerswinsten in de toekomst is dus ook geen garantie voor succes.

HOE BRACHTEN DE TOPPERS EN FLOPPERS VAN 2006 HET ER IN HET VERLEDEN VANAF?

Categorie

2006

2005

2004

2003

2002

%

rang (52)

%

rang (58)

%

rang (57)

%

rang (54)

%

rang (52)

TOPPERS 2006

Aandelen - China

38,7

1

28,6

13

-0,6

54

40,3

2

-

-

Aandelen - Oost-Europa

30,8

2

59,7

3

32,1

2

29,5

7

-4,0

3

Aandelen - Latijns-Amerika

30,2

3

75,7

2

26,2

3

40,3

1

-36,3

24

Aandelen - Nutssector

26,1

4

29,0

12

21,9

6

-

-

-

-

Aandelen - Scandinavië

23,0

5

30,9

9

18,7

9

22,6

11

-36,0

48

FLOPPERS 2006

Aandelen - Turkije

-13,9

52

77,8

1

-

-

-

-

-

-

Obligaties - Japanse yen

-12,1

51

-0,2

58

-4,0

54

-9,3

52

-5,3

30

Aandelen - Japan

-10,7

50

46,1

5

4,8

40

8,0

30

-25,8

37

Obligaties - Amerikaanse dollar

-8,3

49

17,3

35

-4,5

57

-15,0

53

-6,5

19

Obligaties - Canadese dollar

-7,6

48

23,8

23

4,8

39

6,4

33

-8,4

21

Een voorbeeld: de Japanse aandelenfondsen verloren gemiddeld 10,7 % in 2006. Daarmee waren ze de op twee na slechtste categorie uit onze tabellen (rang 50 op 52). In 2005 verging het de categorie een pak beter. Toen stonden ze op de vijfde plaats (op 58) met een gemiddelde winst van 46,1 %. Opgelet: wij houden enkel rekening met de fondsen en de categorieën uit onze tabellen op p. 11 en verder. Chinese aandelen werden pas in 2003 opgenomen in de tabellen. Daarom geeft deze categorie geen vermelding in 2002. Ter info: op de zesde plaats vinden we de Belgische aandelen terug met een gemiddelde winst van 22,8 %. Daarmee deden ze het minder goed dan de brede Belgische beurs (+ 23,4 %).

FONDSENPALMARES

De toppers
1. Dexia Equities B Red Chips  (+ 64,1 %)
2. CAF Greater China  (+ 56,6 %)
3. Invesco Greater China Equity A  (+ 44,3 %)
4. Top-Global China  (+ 40,4 %)
5. Templeton Latin America A  (+ 37,7 %)

Vorig jaar zwaaiden de Chinese aandelenfondsen de plak. Sterke economische cijfers (verwachte groei in 2006: 10,5 %), de grote belangstelling van buitenlandse beleggers voor de zogenaamde BRIC-aandelen (staat voor Brazilië, Rusland, India en China, zie F&S 141) en de beursintroductie van publiekslievelingen zoals Industrial & Commercial Bank of China (grootste Chinese bank en grootste beursintroductie ooit, + 32 % in euro sinds eind oktober) zorgden voor vuurwerk. De Chinese beurzen (er zijn er meerdere) klommen met zowat 64 %. De beurs van Hongkong (+ 16,6 %) heeft nog nooit zo hoog gestaan in haar veertigjarige bestaan. Winnaars waren de fondsen die de kaart trokken van de vastelandbeurzen en ietwat minder oog hadden voor de Hongkongse en vooral de technologiegevoelige Taiwanese beurs (+ 8,2 %): Dexia Equities B Red Chips (+ 64,1 %, ****), CAF Greater China (verdeeld door Deutsche Bank, + 56,6 %, *****), Invesco Greater China Equity A (****, + 44,3 %) en Top-Global China (**, + 40,1 %). Langetermijnbeleggers die risico niet schuwen, mogen nog steeds een deel van hun portefeuille beleggen in Chinese aandelenfondsen.
De Latijns-Amerikaanse aandelenfondsen  kunnen puren uit aandelen van een hele regio maar in de praktijk beleggen ze vooral in de Braziliaanse (+ 30 %) en de Mexicaanse (+ 26,5 %) beurs. Vorig jaar was de champagne echter weggelegd voor de Argentijnse aandelen (+ 49,7 %). Maar slechts 5 % van de regioportefeuilles vinden hun weg naar de beurs van Buenos Aires. De hoge grondstofprijzen, de grote binnenlandse vraag naar goederen en diensten en de vlot verlopen verkiezingen ondersteunden de lokale economieën en dreven de beurskoersen hoger. Het beste fonds uit de categorie, Templeton Latin America A (***, + 37,7 %) deed het een pak beter dan de andere. De keuze voor aandelen die profiteerden van het groeiende consumentenvertrouwen zoals Localiza (autoverhuur, + 119,6 %) of Unibanco (bank, + 31 %) bleken een schot in de roos. In tegenstelling tot de Aziatische fondsen vinden we de Latijns-Amerikaanse te riskant om in te beleggen. Ondanks de goede wereldwijde economische gang van zaken blijft de Latijns-Amerikaanse economie een pak trager groeien dan de Aziatische. Daarnaast zijn Latijns-Amerikaanse fondsen ook meer afhankelijk van de grondstofprijzen en van de buitenlandse kapitaalstromen.

Floppers
1. MLIIF Japan Opportunities A  (- 28,4 %)
2. EMIF Turkey  (- 17,8 %)
3. DWS Japan-Fonds A  (- 13,5 %)
4. Parvest Japan  (- 12,3 %)
5. ING (L) Renta Fund Yen  (- 12 %)

Japanse beleggingen (aandelen én obligaties) waren dé ontgoochelingen in 2006. De zwakke munt (- 11,4 %) speelde daar een grote rol in. De yen daalde omdat de Japanse centrale bank minder snel tot renteverhogingen overging dan verwacht. Veel (gerepatrieerd) geld ontvluchtte de markt waardoor de yen neerplofte. De obligatiefondsen zoals ING (L) Renta Fund Yen (***) hadden daar geen verweer tegen. Japanse obligatiefondsen worden daardoor interessanter voor de meer defensieve beleggers met een kortetermijnhorizon. De aandelen hadden dan weer te lijden onder de zwakke binnenlandse consumptie. Daardoor gingen vooral de kleinere bedrijven, die de thuismarkt viseren, lager. Een categorie waarin MLIIF Japan Opportunities A (*, - 28,4 %) gespecialiseerd is. Grote posities in aandelen zoals OMC Card (kredietkaarten, - 67,4 %), Sanken Electric (elektronica, - 31,6 %) en Sky Perfect Communications (televisie, - 30,1 %) deden het fonds geen deugd. DWS Japan-Fonds A (*, - 13,5 %) en Parvest Japan (**, - 12,3 %) beleggen daarentegen vooral in grotere (export)waarden zoals Toyota Motor (+ 15,3 %) en Canon (+ 29,1 %). Zij hebben minder last van de tanende binnenlandse consumptie. Dankzij die grote beurswaarden konden de meeste Japanse aandelenfondsen het verlies nagenoeg beperken tot de muntval. Zelfs na de slechte prestaties blijven we Japanse aandelen vermijden. De economische groei blijft beperkt, de aandelen noteren duur als we kijken naar de klassieke beursratio’s en de prospectieve winstcijfers van de beursgenoteerde bedrijven zijn niet om naar huis te schrijven. Kortom, er is elders beter te vinden.
De Turkse beurs had het niet onder de markt (- 13,1 %) na het boerenjaar 2005. De (buitenlandse) beleggers maakten zich zorgen om de economie (grote werkloosheid en sterk stijgende inflatie) en hadden sterke twijfels over het gevoerde beleid van de centrale bank. De Turkse lira verloor daardoor bijna 15 %. De bedrijven kampen ook met toenemende concurrentie uit de lageloonlanden. EMIF Turkey (KBC, *, - 17,8 %) deed het slechter dan de brede beurs door vooral te kiezen voor bankwaarden (meer dan de helft van de portefeuille) zoals Turkiye Is Bankasi (- 28,8 %) en Akbank (-18,4 %). In de loop van het jaar hebben we onze winst genomen op de Turkse markt. Op dit moment laten we de beurs van Istanboel links liggen.

Deel dit artikel