Analyse
Goed of fout ? 12 jaar geleden - donderdag 14 juli 2005

De vakantieperiode is altijd een uitgelezen moment voor wat geestelijk tijdverdrijf. Wij doen dat met 10 “goed-of-fout-vragen” om uw kennis over beleggingsfondsen te testen.

Vragen...

1. Met fondsen neemt u geen risico’s   GOED/FOUT ?

2. Op termijn leveren aandelenfondsen meer op dan andere fondsen   GOED/FOUT ?

3. Het rendement dat fondsen publiceren houdt rekening met alle kosten      GOED/FOUT ?

4. Fondsen kunnen failliet gaan . GOED/FOUT ?

5. Kapitalisatiedeelbewijzen zijn interessanter dan distributiedeelbewijzen   GOED/FOUT ?

6. U betaalt altijd 15 % roerende voorheffing op het dividend uitgekeerd door uw fonds   GOED/FOUT ?

7. Fondsen met kapitaalbescherming leveren op elk moment de begininleg op   GOED/FOUT ?

8. Bij gesloten fondsen geldt altijd: hoe groter de korting, des te beter . GOED/FOUT ?

9. Hefboomfondsen zijn uiterst risicovol  GOED/FOUT ?

10. U kunt enkel fondsen van een bepaalde bank kopen bij diezelfde bank   GOED/FOUT ?

 

Antwoorden…

1. FOUT. Hoewel de spreiding van de portefeuille het risico vermindert , hangen er aan fondsen risico’s vast. Het risico is vooral afhankelijk van de beleggingspolitiek. Zo is een fonds dat belegt in Turkse aandelen risicovoller dan een fonds dat belegt in overheidsobligaties in euro. Kijk dus altijd naar de inhoud en niet naar de verpakking.

ADVIES : Ga na waarin een fonds belegt alvorens het te kopen. Toets dat aan uw risicoprofiel, beleggingshorizon en uw portefeuille.

2. GOED. Uit tal van studies blijkt dat aandelen (en dus ook aandelenfondsen) op termijn meer (moeten) opbrengen dan obligaties . Dit als compensatie voor het hogere aandelenrisico.

ADVIES : Als u uw geld meerdere jaren kunt missen, is het aangewezen minstens een deel ervan te beleggen in aandelen(fondsen). Hou daarbij rekening met uw risicoprofiel. Kunt u de slaap niet vatten omwille van de bewegingen op de beurs, beleg er dan niet in.

3. FOUT. Het rendement houdt uitsluitend rekening met de jaarlijkse kosten zoals beheerskosten en administratiekosten. Instapkosten, eventuele uitstapkosten, kosten voor materiële levering en de beurstaks (indien van toepassing) zitten niet in de inventariswaarde van het fonds verwerkt.

ADVIES : Hou altijd rekening met ALLE kosten. Hoe hoger, hoe moeilijker het is voor de beheerder om het beter te doen dan de concurrentie. Vergelijk daarbij altijd binnen eenzelfde categorie.

4. FOUT. Een fonds mag maar tijdelijk en in zeer beperkte mate schulden aangaan . Het is dus quasi onmogelijk dat een beleggingsfonds op dit vlak in problemen zal geraken. Bovendien is er een strenge controle op fondsen. In ons land gebeurt dat door de Commissie voor het bank-, financie- en assurantiewezen (CBFA). Doordat een beleggingsfonds een aparte vennootschap is, heeft zelfs het faillissement van de uitgevende financiële instelling geen onmiddellijk nadelige gevolgen voor het fonds. Ten slotte kan een aandeel of obligatie in de portefeuille weliswaar zijn of haar waarde verliezen, maar door de spreiding binnen het fonds zal de schade relatief beperkt blijven.

ADVIES : Beleggingsfondsen kunnen niet failliet gaan… op voorwaarde dat ze afdoende gecontroleerd worden. Daarom vindt u in onze tabellen enkel de fondsen terug die erkend zijn door de controle-organismen van de EU-landen. Op de website van de CBFA (www.cbfa.be) vindt u een lijst met alle erkende beleggingsfondsen.

5. GOED. Kapitalisatiedeelbewijzen keren, in tegenstelling tot distributiedeelbewijzen, geen inkomsten uit . Daarom zijn ze niet onderhevig aan de roerende voorheffing (met uitzondering van de fondsen met een gegarandeerde opbrengst en een looptijd van minder dan 8 jaar). De kostprijs hiervoor: een beurstaks bij verkoop van 0,5 %, met een maximum van 750 euro.

ADVIES : Voor uw beleggingen op (middel)lange termijn (meer dan 3 jaar) geeft u best de voorkeur aan kapitalisatiedeelbewijzen. De beurstaks zal gecompenseerd worden door het feit dat er geen roerende voorheffing is. In onze tabellen vindt u bijna uitsluitend fondsen van het kapitalisatietype terug.

6. FOUT. Als u kiest voor een distributiedeelbewijs, dan zult u ofwel 15 % roerende voorheffing betalen , ofwel 25 %. In het eerste geval is dat altijd van toepassing op beleggingsvennootschappen (beveks) naar Belgisch recht en op beleggingsvennootschappen naar buitenlands recht (vooral Luxemburgs recht) indien het fonds ten vroegste op 1 januari 1994 is opgericht. De roerende voorheffing bedraagt 25 % voor fondsen naar buitenlands recht indien de oprichting vóór die datum gebeurde.

ADVIES : Vooral voor obligatiefondsen die vaak een hoge coupon uitbetalen, is dit verschil niet onbelangrijk. Opteert u voor het distributietype van een niet-Belgisch beleggingsfonds, vraag dan altijd welke roerende voorheffing van toepassing is.

7. FOUT. In tegenstelling tot wat vele beleggers denken, kan de waarde van een fonds met kapitaalbescherming dalen onder de startwaarde . Kijkt u maar naar de grafiek. Enkel als u deelbewijzen van zo’n fonds tijdens de inschrijvingsperiode koopt én ze bijhoudt tot de eindvervaldag loopt u geen risico op kapitaalverlies… vóór kosten én in munt van uitgifte.

ADVIES : Als wij u een soortgelijk product aanraden, stap er dan best niet uit voor eindvervaldag.

KBC EQUISAFE COMPUTER TECHNOLOGY 5 (in euro)

Ook de waarde van een fonds met kapitaalbescherming kan fors schommelen. Het gebeurt zelfs dat de waarde kan dalen onder de startwaarde (horizontale lijn). De startwaarde van dit fonds bedroeg 1.000 euro, op een bepaald moment was dit nog slechts 720 euro. De kapitaalbescherming geldt enkel op de eindvervaldag, vóór kosten én in munt van uitgifte.

8FOUT. Vele gesloten landenfondsen noteren inderdaad met een korting tegenover de eigenlijke waarde van de portefeuille. Vele discounts zijn echter historisch en verdwijnen niet zo snel. Een grote korting kan daarnaast ook wijzen op problemen binnen het fonds of een gebrek aan liquiditeit.

ADVIES : Gesloten fondsen louter omwille van de korting kopen, raden wij af. Belangrijker is immers het potentieel van de markt.

9. FOUT. De koersen van de zogenaamde hedgefondsen kunnen sterk beweeglijk zijn… of helemaal niet. Alles hangt af van hun strategie.

ADVIES : Scheer hefboomfondsen nooit over één kam. Het ene fonds gedraagt zich als een thesauriefonds, het andere maakt dagelijks bokkensprongen van jewelste. Een grondige analyse is dus vereist bij de keuze tussen hefboomfondsen.

10. FOUT. Bij demeeste instellingen kunt u nu ook fondsen kopen van andere instellingen . Er wordt weliswaar weinig tot geen reclame rond gemaakt en soms gaat dit gepaard met tegenzin én met extra kosten.

ADVIES : Informeer u! Als u niet bij de bank koopt die het fonds uitgeeft, vraagt u best eerst hoeveel instapkosten u moet betalen en wat het bewaarloon is. U kunt deze kosten beperken of zelfs vermijden door u te wenden tot de uitgevende instelling of tot diverse kleinere instellingen.

Deel dit artikel