Analyse
Delft Goliath voor de zesde maal op rij het onderspit? 12 jaar geleden - vrijdag 10 juni 2005

Beleggingsfondsen in kleine aandelen presteerden beter dan de fondsen die mikten op de grote jongens. Een argument waar bepaalde banken handig mee uitpakten.

De laatste maanden krijgt onze dienst “Individuele Hulpverlening” steeds meer vragen in verband met beleggingsfondsen in kleine aandelen, de zogenaamde “small caps”.
Deze interesse is niet onterecht: kleinere aandelen presteerden sinds 2000 en vooral sinds 2003 beduidend beter dan de grote jongens op de beurs, de zogenaamde “large caps”. En dat zowel in Europa als in de V.S.. Hierdoor kaapten veel small capfondsen fondsenprijzen weg en profiteerden enkele financiële instellingen van deze situatie om ze te promoten. Daarnaast droeg ook Euronext haar steentje bij door gespecialiseerde indexen te ontwerpen.
Vraag daarbij is of u zich nu nog moet laten verleiden door een fonds met de term “small” in de naam.

Wat is klein?
· Aandelen kunnen in verschillende categorieën worden onderverdeeld. Een ervan is een opsplitsing naar beurskapitalisatie (= aantal aandelen op de beurs x koers van het aandeel). Zo kunnen we 3 grote categorieën onderscheiden: grote (“large”), middelgrote (“mid”) en kleine (“small”) aandelen. In de V.S. bestaat er nog een vierde categorie: “micro”.
· Hoewel er geen precieze markeerlijnen bestaan tussen de categorieën, kunnen we stellen dat de large caps een kapitalisatie hebben van meer dan 10 miljard dollar/euro. Voor de midcaps ligt dat tussen de 1 en de 10 miljard en de small caps zijn minder dan 1 miljard groot. Microaandelen hebben een kapitalisatie van 250 miljoen euro of minder.
· Passen we deze niveaus toe op de (kleine) Belgische beurs dan zijn er met de beste wil van de wereld slechts 7 Belgische bedrijven als large cap te bestempelen (Fortis, Dexia, Electrabel, KBC, Interbrew, Belgacom en GBL). 20 bedrijven zijn daarnaast mid caps en al de rest kunnen we bestempelen als small of micro.
Dit vonden ze bij Euronext een beetje te veel van het goede, waardoor ze eind februari op de proppen kwam met gespecialiseerde indexen. De gemiddelde marktkapitalisatie van de 33 bedrijven uit de “BEL Mid”-index bedraagt zo’n 1 miljard euro met een minimum van 200 miljoen. De 46 bedrijven in de “BEL Small”-index hebben een gemiddelde kapitalisatie van 126 miljoen euro, met een minimum van 30 miljoen.
· Over het algemeen geldt: hoe kleiner de aandelen, hoe risicovoller gemiddeld genomen. Dit gaat ook op voor de gespecialiseerde beleggingsfondsen. Maar opgelet: net zoals bij individuele aandelen geldt hier dat de verschillen binnen eenzelfde categorie groot kunnen zijn. Uitkijken is dus de boodschap.

Klein doet beter dan groot…
· …maar zeker niet altijd en niet overal! Een blik op de grafieken spreekt hier boekdelen. In grafiek 1 ziet u de evolutie van de Europese small caps en large caps vanaf 2000. Opvallend is dat de kleintjes het elk jaar beter (of minder slecht) hebben gedaan dan de grote broertjes. Na het dieptepunt van 2002 was de klim dusdanig dat alle geleden verliezen bijna zijn goedgemaakt. Dit kan niet gezegd worden van de large caps. In de V.S. is het plaatje zelfs nog positiever voor de kleine aandelen.

GRAFIEK 1: EUROPESE INDEX VAN KLEINE BEDRIJVEN (in het vet) EN GROTE BEDRIJVEN SINDS 2000 (basis 100)

Sinds 2000 doen zowel in Europa als in de V.S. de zogenaamde “kleine aandelen” het veel beter dan hun grote broertjes. Vooral de laatste jaren loopt het verschil op. Dit lokt heel wat beleggers naar dit type aandelen.

· Grafiek 2 nuanceert dit positieve beeld echter. Hier gebruiken we dezelfde indexen, maar dan vanaf 1995. En wat blijkt: tussen 1995 en 1999 deed exact de omgekeerde situatie zich voor. De large caps presteerden elk jaar zelfs zo veel beter dan de small caps, dat de recente meerprestatie van de kleintjes het verschil nog niet heeft goedgemaakt. In deze optiek blijven small caps nog steeds waar voor hun geld bieden, vooral in Europa. In de V.S. is er eerder een correcte waardering tussen beide.

GRAFIEK 2: EUROPESE INDEX VAN KLEINE BEDRIJVEN (in het vet) EN GROTE BEDRIJVEN SINDS 1995 (basis 100)

Laat u niet verblinden door de recente goede prestaties van small caps. Had u begin 1995 belegd in grote Europese aandelen dan boekte u nog steeds een veel beter rendement dan met kleine aandelen. In de V.S. is dit rendementsverschil daarentegen nihil geworden. Small capfondsen kunt u zien als aanvulling voor een al gediversifieerde portefeuille.

· Als we nog verder teruggaan in de tijd dan merken we cyclische bewegingen op. Na een periode van betere prestaties van small caps volgt steevast een periode van betere prestaties van large caps. Op voorhand zeggen wanneer de ene periode begint en de andere eindigt is echter zeer moeilijk en in feite… niet zo belangrijk.

Verschillend gedrag
· Het verschillende gedrag van small caps ten opzichte van de klassieke large caps in dezelfde beursomstandigheden zorgt er immers voor dat de opname van kleine aandelen uw portefeuille beter spreidt. U verkleint hierdoor uw portefeuillerisico zonder dat dit gepaard gaat met een lager potentieel rendement.
· Maar waarom reageren de Davids anders dan de Goliaths?
– Kleine bedrijven worden minder vaak opgevolgd door analisten waardoor de geringste interesse kan zorgen voor stijgende (of dalende) koersen;
– Kleine bedrijven zijn minder liquide. Dit betekent dat u minder snel kunt uitstappen uit het aandeel wanneer het slecht gaat. Dit vereist een extra risicovergoeding;
– Het individuele risico van een small cap is groot. Vele bedrijven hebben vaak een beperkt gamma producten op het schap staan en als er daar iets mee gebeurt, kan het snel op of neer gaan. Ook dit risico moet vergoed worden.
– Door hun kleine omvang hebben kleine bedrijven meer ruimte om te groeien. Ook kunnen ze sneller het voorwerp vormen van een overname.

Calimero in de portefeuille?
· Beleggen in individuele kleine aandelen blijft volgens ons risicovol. Om dit risico te beperken kunt u opteren voor een gespreid fonds dat zowel regionaal als sectoraal belegt.
· Wij rekenen voor de komende jaren niet op een significante meer- of minderprestatie van groot versus klein. Maar door de verschillende karaktertrekken van kleine aandelen ten opzichte van grote, is het volgens ons interessant… om beide types in de portefeuille te hebben.
· Heel wat klassieke fondsen hebben ook een kleine portie small caps in hun portefeuille. Toch kan de aanschaf van een Calimerofonds een aanvulling zijn voor zelfs een gediversifieerde fondsenportefeuille. Beleg er enkel in voor een beperkt gedeelte van de portefeuille (zo’n 5 %) én met een horizon van minimum 5 jaar.
· In de tabel vindt u enkele gespecialiseerde fondsen terug die goed scoren op het gebied van rendement, risico en regelmaat in de prestaties. Deze fondsen vinden wij dus complementair met de meer klassieke large capfondsen uit dezelfde categorie. Niet omdat we denken dat ze beter zullen presteren, maar omdat we denken dat ze anders zullen presteren.

ONZE SELECTIE GESPECIALISEERDE SMALL CAP FONDSEN

Categorie

Naam

Verdeeld door

instap

beheer

Wereldwijd

Axa Rosenberg Global Small Cap Alpha

Axa Bank Belgium

3%

1,5%

Europa

Axa Rosenberg Pan-European Small Cap Alpha

Axa Bank Belgium

3%

1,5%

Europa

Esprit Small Cap Europe

Bank Degroof

1,5%

0,4%

EMU

Dexia Invest EMU Small Cap

Dexia Bank (1)

2,5%

1,4%

V.S.

Parvest US Small Cap

Cortal Consors

2,5%

1,75%

Deze fondsen raden we aan als aanvulling binnen een gediversifieerde portefeuille. Neem steeds een voldoende ruime beleggingshorizon in acht (5 jaar). (1) Dit fonds kan ook gekocht worden bij Keytrade Bank tegen de forfaitaire instapkost van 9,95 EUR per order. Deze kostprijs komt overeen met een order van 400 EUR bij Dexia Bank.

Deel dit artikel