Analyse
Slechts een letter verschil ? 12 jaar geleden - donderdag 13 januari 2005
Fortis B Pharma Europe wordt op dezelfde manier beheerd als Fortis L Pharma Europe en toch verschilt hun rendement. Hetzelfde geldt voor enkele andere fondsen bij Fortis.

Fortis L Fund Equity Small Caps Europe doet het de laatste vijf jaar een pak beter dan Fortis B Fund Equity Small Caps Europe. Fortis L Fund Equity Finance Europe doet het sinds haar oprichting dan weer slechter dan Fortis B Fund Equity Finance Europe. Nochtans hebben we het hier over beleggingsfondsen die dezelfde aandelen in de portefeuille hebben en op identiek dezelfde manier worden beheerd door dezelfde beheerder. Zelfs de fondsennamen zijn gelijk, op één letter na dan. Enkele lezers vroegen ons met welke letter – “B” of “L” – ze het nieuwe jaar mochten inzetten.

Klonen in theorie…
· Deze identiek beheerde fondsen worden in vaktermen ook wel klonen genoemd. Daarbij wordt het beheer van het ene beleggingsfonds (de moeder als het ware) nageaapt door het andere (de kloon). In dit geval zijn enkele aandelencompartimenten van Fortis B Fund klonen van Fortis L Fund. Over welke fondsen het gaat, leest u in het kaderstuk “Dolly in uw portefeuille”.
· Ook al is er sprake van klonen, het gaat hier wel degelijk om aparte beleggingsfondsen. Zo is Fortis B Fund een beleggingsvennootschap naar Belgisch recht en Fortis L Fund een beleggingsvennootschap naar Luxemburgs recht. Beide hebben daarbij hun eigen aandelenportefeuille, hun eigen aandeelhouders en hun eigen kostenstructuur. Vroeg of laat zorgt dit voor prestatieverschillen tussen het moederfonds en haar kloon. Het is dan aan de beheerder om deze verschillen binnen de perken te houden.

…en in de praktijk
· Een blik op de technische fondsenfiche leert u dat de portefeuille van de kloon vaak subtiel verschilt van die van de moeder. In het kaderstuk “Zoek de verschillen” hebben we als voorbeeld de 5 belangrijkste aandelenposten opgesomd van moederfonds Fortis L Fund Equity Consumer Goods Europe en kloonfonds Fortis B Fund Equity Consumer Goods Europe. U merkt het: dezelfde namen in de portefeuille, maar andere wegingen. Deze wegingen verklaren grotendeels de verschillende prestaties van het moederfonds ten opzichte van zijn kloon over een bepaalde deelperiode. Als Carrefour het bijvoorbeeld uitstekend doet, zal dit vooral in het voordeel spelen van het “L”-fonds omdat dit aandeel sterker in deze portefeuille aanwezig is (6,6 %) in vergelijking met het “B”-fonds (5,9 %).
· De beheerder zal er nu voor zorgen dat de verschillen tussen de posten zo klein mogelijk zijn, maar hiervoor is hij o.a. afhankelijk van een element dat hij zelf niet in de hand heeft, namelijk de in- en uittredingen binnen het fonds. Deze statistiek vindt u terug in het jaarverslag van het fonds. In de meeste gevallen geldt dat hoe groter het fonds, hoe meer aandeelhouders, hoe groter de kans op in- en uittredingen.
Verkopen er veel aandeelhouders van het “L”-fonds hun deelbewijzen, dan zal de beheerder stukken van de portefeuille van het “L”-fonds moeten verkopen. Hij heeft geen andere keus. Kopen beleggers op datzelfde moment echter deelbewijzen van het “B”-fonds dan moet de beheerder de portefeuille spekken door dezelfde aandelen op de beurs bij te kopen.
Voor hij het weet, zit de beheerder dus opgescheept met verschillen tussen de moeder en haar kloon. Deze worden de wereld uitgeholpen via extra transacties, maar dit gebeurt met wat vertraging, zelden tegen dezelfde aandelenkoersen en met de nodige kosten… Het is dus niet zo simpel om er een kloon op na te houden.
· Zowel de moeder als haar kloon hebben elk hun eigen kostenstructuur. Als we kijken naar de totale kostenratio blijkt dat in dit geval de klonen zonder uitzondering een hogere kostenstructuur hebben dan hun moeders. Soms gaat het om kleine verschillen zoals bij Equity Japan, soms om grote verschillen zoals bij Equity Utilities Europe. Tot op heden heeft dit echter (nog) geen significante impact gehad op de evoluties van de prestaties van de fondsen, maar dit is iets om in het oog te houden.

“B” of “L”?
· Dat er verschillen zijn tussen de identiek beheerde compartimenten van Fortis L Fund en Fortis B Fund is dus logisch. De beheerders zorgen ervoor dat op termijn de verschillen zo klein mogelijk zijn.
· Meestal slagen ze hierin. Uitzonderingen hierop zijn Pharma Europe en Small Caps Europe, beide in het voordeel van het “L”-fonds. De grafiek van Pharma Europe leert ons ook iets over klonen: eenmaal er zich een groot rendementsverschil voordoet tussen moeder en kloon (naar aanleiding van grote in- of uittredingen in een van de fondsen bijvoorbeeld) laat de techniek van het klonen niet toe om dit gat snel en efficiënt te dichten. De beheerder kan nu enkel hopen dat er op lange termijn een nivellering is.
· Alle elementen in acht genomen berusten de rendementsverschillen tussen de fondsen vooral op… toeval. De van elkaar verschillende in- en uitstromen van kapitaal in het “B”-fonds en het “L”-fonds kunnen zorgen voor verschillende wegingen binnen de portefeuilles. De ene keer draait dit uit in het voordeel van de kloon, de andere keer in haar nadeel.
· Een keuze tussen “B” of “L” mag dus niet gemaakt worden op basis van rendement.
We hebben wel een voorkeur voor Fortis L Fund:
– het fonds heeft veel meer compartimenten. Indien u ooit besluit te switchen tussen compartimenten is dit handig én vooral goedkoper;
– de “L”-fondsen hebben historisch gezien een (veel) lagere totale kostenratio;
– indien Fortis Bank ooit beslist om een van de twee identieke fondsen op te heffen zal normaal gezien de kloon het slachtoffer zijn. Dit scenario is volgens de bank voorlopig nog niet aan de orde.
· Beleggers met Fortis B Fund in de portefeuille mogen echter op beide oren slapen en deze fondsen behouden. Voorlopig zijn de kosten van een overstap naar het gelijkaardige compartiment van Fortis L Fund te hoog en de verschillen tussen beide fondsen te klein. U vindt daarom voorlopig zowel de compartimenten van Fortis B Fund als van Fortis L Fund in onze tabellen terug.

Dolly in uw portefeuille
Van onderstaande fondsen heeft Fortis Bank zowel een Belgische (B) als een Luxemburgse (L) variant. Daarbij is “Fortis B Fund Equity” de kloon van “Fortis L Fund Equity”:

1. Asia
2. Consumer Goods Europe
3. Finance Europe
4. Japan
5. Pharma Europe
6. Small Caps Europe
7. Technology Europe
8. Telecom Europe
9. Utilities Europe
10. USA

Zoek de verschillen
De technische fondsenfiche is als momentopname een handig hulpinstrument voor elke fondsenbelegger. U vindt er onder andere de belangrijkste portefeuilleposities op terug. Als voorbeeld krijgt u hier de voornaamste beleggingen (in percentage) van Equity Consumer Goods Europe voor beide versies:

Naam aandeel     “L”           “B”
Diageo                  8,3          8,4
Tesco                    8,1          8,2
Reckitt B.              6,7          6,8
Carrefour             6,6          5,9
Nestle                  5,7          5,7

Deel dit artikel