Analyse
Kapitaalvermindering: nieuwe mode 6 jaar geleden - woensdag 22 juni 2011

Het lijstje met bedrijven die een kapitaalvermindering hebben doorgevoerd is lang: Kinepolis, Telenet, vastgoedgroep VGP, holding Bois Sauvage, IT-groep Softimat... Waarom zetten de bedrijven precies deze stap?

Fiscaal gunstig

Een kapitaalvermindering is een uitstekende manier om middelen op een fiscaal gunstige manier uit het bedrijf te halen. In tegenstelling tot een dividenduitkering, die onderworpen is aan een roerende voorheffing (25 %), wordt de uitkering van een kapitaalvermindering niet belast. De aandeelhouder krijgt dus het volledige bedrag uitbetaald. Een voorwaarde is wel dat het uitgekeerde kapitaal uit werkelijk gestort kapitaal bestaat. Een kapitaalvermindering doorvoeren, kan dus niet te veel gebeuren en is meestal maar eenmalig omdat het kapitaal nu eenmaal een beperkte omvang heeft en niet tot in het oneindige kan worden verminderd.

 

Tijdrovend

Daarnaast is het een tijdrovende zaak die enkele maanden in beslag neemt. Na de aankondiging van de kapitaalvermindering moet een algemene vergadering worden georganiseerd waar de aandeelhouders de kapitaalvermindering moeten goedkeuren. Indien er op die vergadering geen 50 % van de aandelen vertegenwoordigd zijn, moet er een tweede algemene vergadering worden samengeroepen die ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde aandelen rechtsgeldig over de kapitaalvermindering kan beslissen. Daarna moet de akte worden neergelegd bij de griffie van de rechtbank van koophandel en verschijnt het besluit in het Belgisch Staatsblad, een extra te volgen stap in het proces. Ten slotte kunnen bestaande schuldeisers binnen de twee maanden na publicatie in het Staatsblad indien nodig bijkomende zekerheden eisen voor de terugbetaling van de schulden. Pas na die periode van twee maanden en indien geen enkele schuldeiser bezwaar heeft aangetekend, kan tot de effectieve terugbetaling van kapitaal worden overgegaan.

 

Te veel cash

De meeste bedrijven voeren een kapitaalvermindering door omdat ze over te veel cash (lees: een te groot eigen vermogen) beschikken. Dit is zeker zo als er te weinig investeringsopportuniteiten zoals overnames, nieuwe productielijnen zijn. Het geld kan met andere woorden niet op een productieve manier aan het werk worden gezet. Het staat maar te staan op een laagrentende rekening. Ze willen ook niet dat de aanwezigheid van veel cash het management in de verleiding zou doen komen om veel te dure overnames of onnodige aankopen, zoals de aanschaf van een privé-vliegtuig voor het management, te doen. Een bedrijf met te veel cash op de balans is daarom ook niet sexy voor een potentiële belegger.

 

Bij te veel cash op de balans kan men ook in het vizier komen van private equity spelers. Deze laatste kunnen dan het bedrijf overnemen en de cash eruit halen, een beetje zoals is gebeurd met Metrologic.

 

In sommige gevallen gebruikt de hoofdaandeelhouder het bedrijf als een soort kaskoe. Telenet is daar een mooi voorbeeld van. We gaan ervan uit dat hoofdaandeelhouder Liberty Global (50,3 % van Telenet in handen) om zijn eigen kapitaal te spekken al verschillende jaren een kapitaalvermindering bij Telenet heeft doorgevoerd. Telenet stapelt ondertussen de schulden op.

 

Cashkoe

Hoe komen bedrijven nu aan een te veel aan cash? Het kan zijn dat de activiteiten heel veel cash genereren terwijl de belangrijke investeringen achter de rug zijn. Dit is zeker het geval bij Kinepolis en Telenet. Beide hebben na hun opstart zware investeringen gedaan in respectievelijk cinemacomplexen en infrastructuur. De zwaarste investeringen zijn nu achter de rug maar de inkomsten blijven echter op regelmatige basis binnenrollen. Daarbij komt nog dat over het algemeen bedrijven tijdens de crisis en ook er na kostenbesparingen hoog in het vaandel hebben gedragen. Toen de economie herstelde en opnieuw begon aan te trekken waren bedrijven ‘lean and mean’ (het overtollige vet was verdwenen). Ze plukten volop de vruchten van hun afslankingskuur en raapten de cash en winst binnen.

 

Een andere mogelijkheid is de verkoop van onderdelen of filialen van het bedrijf. Hierdoor zit de onderneming in kwestie op een berg cash waar het niets concreets mee kan aanvangen. Softimat (ex-Systemat) en Bois Sauvage vallen onder deze categorie. Softimat verkocht zijn belangrijkste softwareactiviteit en werd min of meer een vastgoedgroep. De groep kon niet meteen een nieuwe bestemming geven aan de opbrengst van de verkoop en besloot dan maar het geld aan de aandeelhouders over te maken. Holding Bois Sauvage van zijn kant verkocht enkele grote participaties en zag niet meteen opportuniteiten op de markt.

 

Deel dit artikel