Analyse
Holdings zeker niet oninteressant 7 jaar geleden - woensdag 13 oktober 2010

Een beursgenoteerde holding kan niet over dezelfde kam worden geschoren als een aandeel van een bedrijf en heeft heel wat bijzonderheden. Een holding kan heel wat te bieden hebben voor een belegger.

 

Ruime definitie

In onze selectie prijken verschillende holdings zoals NPM en GBL uit de sfeer van Albert Frère maar ook Brederode, Gimv, Ackermans & Van Haaren en Sofina. Zelfs groepen zoals CFE en D’Ieteren kunnen we als holdings beschouwen. De bekendste holding is ongetwijfeld Berkshire Hathaway van superbelegger Warren Buffett. Bijzonder aan holdings is dat ze tot doel hebben om te investeren in andere bedrijven en om winst te boeken via meerwaarden en dividenden. Het kan ook dat ze via een strategische participatie controle over een bedrijf of groep van ondernemingen beogen (al jaren een beproefde strategie van Frère) of bepaalde families een manier te geven het patrimonium te beheren (Sofina).

 

Over het algemeen bevinden holdings zich in rustig vaarwater. Ze worden beheerd door een handjevol personen met een bepaalde visie, hebben een zeer stabiele soms beperkte portefeuille met weinig verschuivingen of transacties (de hoofddoelstelling is niet te traden) en meestal een zeer stabiele aandeelhoudersstructuur. In alles primeert een langetermijnvisie en stabiliteit.

 

Risicospreiding

Wat zijn nu de voordelen voor de belegger in een holding? De ruime diversificatie en spreiding van de portefeuille en het risico is ongetwijfeld één van de belangrijkste pluspunten. Zeker voor beleggers met een kleine portefeuille kan een holding de spreiding flink uitbreiden. Dit geldt trouwens ook voor beleggingsfondsen. Het verschil met deze laatste is dat de meeste holdings ook private equity of niet-beursgenoteerde participaties in de portefeuille hebben. Het risico wordt extra gespreid terwijl ze voor kleine beleggers een gesloten markt openen. Voor Brederode bijvoorbeeld is het percentage private equity 41 % en voor Ackermans & Van Haaren (oa. Deme, Bank van Breda…) en GIMV zo’n 85 % als we de cashpositie niet meerekenen.

 

Een extra voordeel is dat holdings geen Belgische voorheffing op dividenden betalen en in sommige landen zoals in Frankrijk een gunsttarief krijgen. De Belgische privé-belegger ontsnapt hier niet aan. Meestal kan men een portefeuille kopen tegen een korting wat bij een fonds niet kan. Het komt er op aan een holding te kopen als deze korting boven het historische gemiddelde ligt.

 

Meestappen in het verhaal

Bovendien krijgt men de kans om in de voetsporen te stappen van een belegger met een goede staat van dienst, Warren Buffett, of van een filosofie zoals bij GIMV dat al jaren de kaart trekt van biotechnologie. Men gaat mee in een bepaalde langetermijnstrategie en kiest voor zekerheid, stabiliteit en een gestaag groeiend dividend. Dit kan tegen een relatief lage kost. De jaarlijkse kosten om de holding te runnen liggen meestal niet hoger dan de jaarlijkse beheerskost van een fonds.

 

Men moet er wel rekening mee houden dat over het algemeen holdings achterblijven bij sterk presterende beurzen en beter presteren bij zwakke beurzen. Dit komt door de spreiding, het aanhouden van cash en het stijgen of dalen van de decote.

 

Gebrek aan transparantie

Toch is niet alles rozengeur en maneschijn. Bij sommige van de holdings is er een manifest gebrek aan transparantie zoals bij Sofina of is er niet altijd duidelijkheid over de gevolgde strategie. GBL investeerde bijvoorbeeld in 2006 in Pernod Ricard. Een vrij verrassende belegging. Deze stap werd volgens ons vooral ingegeven door de nauwe band van Frère met de topman van Pernod Ricard en het feit dat er geruchten over een mogelijk bod op de drankengroep de kop had opgestoken. Bepaalde beslissingen van de beheerders zijn met andere woorden niet altijd met het oog op de maximalisering van aandeelhouderswaarde. Daarnaast is er rond het gedeelte niet-beursgenoteerde participaties niet altijd een volledige transparantie.

 

De decote kan ten slotte ook in het nadeel van de belegger werken. Stel dat u een holding hebt gekocht met een discount van 15 % die daarna vrij snel is opgelopen tot 25 % en al geruime tijd op datzelfde niveau is blijven hangen, dan moet er met de onderliggende portefeuille al veel gebeuren, wil u eindelijk winst maken op uw belegging. Vandaar dat beleggen in holdings niet voor de korte termijn is.

 

Interessant

Het kleiner lijstje van nadelen weegt evenwel niet op tegenover de voordelen zoals de extra risicospreiding, zeker als u een holding kan kopen waarvan de discount hoger ligt dan het historische gemiddelde. Een belegger die voor jaren wil meegaan in het verhaal of de filosofie van de holding mag zeker instappen.

Voor het ogenblik schuiven we Brederode en GIMV naar voor als koopwaardig.

 

Deel dit artikel