Analyse
Beursintroducties : wees waakzaam ! 7 jaar geleden - maandag 12 april 2010

De geleidelijke terugkeer van het vertrouwen in de economie verleidt sommige bedrijven ertoe om op beursavontuur te trekken. Een opportuniteit ? Niet altijd.

De geleidelijke terugkeer van het vertrouwen in de economie verleidt sommige bedrijven ertoe om op beursavontuur te trekken. Een opportuniteit ? Niet altijd. Een beursintroductie wordt dikwijls beschouwd als een manier om snel geld te verdienen, maar wij zien vooral de gevaren.

Op halve kracht

· Sinds het uitbreken van de crisis kwamen er zo goed als geen bedrijven meer naar de westerse beurzen. Want om de voorwaarden (prijs …) van een beursintroductie (IPO of Initial Public Offering) te bepalen moet de beurs stabiel zijn en moet de evolutie van de economische situatie min of meer te voorspellen zijn. In België bijvoorbeeld zorgde de turbulentie op de beurs er in februari voor dat de beursgang van chemiebedrijf Taminco (waarvoor wij een negatief advies gaven) moest uitgesteld worden.
· De westerse economieën zijn echter uit de recessie aan het kruipen. Bovendien houden de Europese en de Amerikaanse centrale banken de rente erg laag. Een en ander maakt de beleggers minder risicoschuw, waardoor de beursmotor aangezwengeld wordt. Normaal gezien moet dat de terugkeer van de IPO’s inluiden, maar omdat de hausse niet echt overtuigend is, riskeren ze met een sisser af te lopen. Zo verloor het aandeel van Kabel Deutschland, dat op 22 maart tegen 22 EUR op de beurs geïntroduceerd werd, al 5 %. En dat was niet de enige sof. Afwachten wat het wordt met Amadeus, wereldwijd de nummer 1 voor reserveringssystemen voor de reisindustrie, dat zijn nakende terugkeer naar de beurs van Madrid aankondigde.

Mutatie
Maar de crisis legt niet alles uit. De vertraging op de IPO-markt is ook te wijten aan meer structurele problemen. Tien jaar geleden gingen start-ups onverschrokken op de beurs op zoek naar geld. Maar tegenwoordig kost dat zo veel en zijn de wettelijke verplichtingen zo groot dat menig kandidaat ontmoedigt raakt. Kleinere bedrijven doen liever een beroep op private-equityfondsen. Welnu, die fondsen profiteren van het betere beursklimaat om hun participaties naar de beurs te brengen (en met de opbrengst hun schulden aan te zuiveren). De zeldzame IPO’s die nu plaatsvinden, hebben meestal daar hun oorsprong. Zo bestaat de kans dat Quick door zijn eigenaar Qualium Investissement weer naar de beurs gebracht wordt. En ook De Post zou beurskandidaat zijn.

Een buitenkans ?
· In uitzonderlijke gevallen is een IPO niets anders dan het middel dat een belangrijke aandeelhouder gebruikt om er op een zo voordelig mogelijke manier uit te stappen. Normaal gezien is een IPO bedoeld om het geld bijeen te brengen dat het bedrijf nodig heeft om te groeien. Groei is weliswaar niet altijd synoniem van rentabiliteit, maar het is wel zo dat een bedrijf van een zekere omvang van schaalvoordelen profiteert, de concurrentie beter aankan of meer slagkracht heeft wat onderzoek en marketing betreft, allemaal dingen die de rentabiliteit ten goede komen.
· Een belegger die op een IPO intekent, stelt zich voor dat “zijn” bedrijf zich bliksemsnel zal ontwikkelen. Maar ook al levert de eerste noteringsdag dikwijls een aanzienlijke winst op (in de VS bedroeg die eerste-dag-winst tussen 1960 en 2008 ongeveer 17 %), de teleurstellingen zijn legio.
· En ook voor de langere termijn blijkt een IPO zelden een goede belegging. “Jonge” aandelen onderpresteren dikwijls : in de VS lag het rendement van aandelen met een beperkt beursverleden 50 % lager dan het gemiddelde. Dat kan bijvoorbeeld doordat de directie zich te optimistisch toonde wat de toekomstige rentabiliteit betreft. Als de markt zich rekenschap begint te geven van de werkelijke situatie, worden de vooruitzichten neerwaarts bijgesteld en betaalt de bij de introductie overgewaardeerd koers het gelag. De zwaarste misrekeningen vindt men bij de aandelen die naar de beurs kwamen op een ogenblik van hoge activiteit toen het ene record na het andere sneuvelde.

Voetangels en klemmen
Voor beleggers is met kennis van zaken meedoen met een beursintroductie een hele opgave.
· Het prospectus dat informatie moet verschaffen met name over het risico van de onderneming is niet bepaald ontspanningslectuur.
· Als het stormloopt voor de operatie, is de kans groot dat de belegger niet het aantal aandelen krijgt dat hij gevraagd heeft. Gezien het beperkte aantal aandelen dat hij bezit zal een zelfs aanzienlijke stijging van de koers, niet veel aan de totale omvang van zijn vermogen veranderen. Maar als de operatie weinig succes heeft, dan krijgt hij het volledige pakket waarop hij heeft ingetekend. De werkelijke waarde ligt echter van in het begin onder de aankoopprijs.

Tot besluit : omzichtigheid
· Het geringe aanbod aan IPO’s is niet noodzakelijk slecht nieuws voor de particuliere belegger want dergelijke operaties zijn geen waarborg voor een positief rendement op lange termijn.
· De geringe belangstelling voor en de zwakke opbrengst van IPO’s zou kandidaten kunnen aanzetten om betere dossiers voor te leggen, en om aantrekkelijker prijzen vast te stellen.
· Momenteel luidt ons algemeen advies om niet op IPO’s in te gaan, hoe aantrekkelijk de (media)verpakking ook is. Dat zal ons evenwel niet beletten om elk dossier nauwlettend te bestuderen en u desgevallend een interessant geval aan te raden.

Deel dit artikel