Analyse
De autosector onder de loep 8 jaar geleden - maandag 19 januari 2009
De autosector is een bij uitstek cyclische sector. Normaal gezien zijn de autoconstructeurs dan ook voorbereid op slappe periodes.

De autosector is een bij uitstek cyclische sector. Normaal gezien zijn de autoconstructeurs dan ook voorbereid op slappe periodes. Maar deze keer was de crisis blijkbaar zo overrompelend dat de aandelen op de beurs een indrukwekkende oplawaai moesten incasseren. Is het moment  aangebroken om in te zetten op autoaandelen nu de zopas geopende salons (Detroit, Brussel) de verkoopcijfers een duwtje kunnen geven ? Volgens ons niet.

Sector in nood
Het einde van 2008 was een ramp voor de autoverkoop en voor 2009 ziet het er niet veel beter uit. Het jaar is alvast zeer slecht van start gegaan. Rekening houdend met het sombere economische klimaat (dalend consumentenvertrouwen, gebrek aan kredieten, toenemende werkloosheid) is de kans reëel dat er dit jaar in de VS, de grootste automarkt ter wereld, slechts 10,5 miljoen nieuwe wagens verkocht worden, terwijl dat aantal de laatste jaren rond 16 à 17 miljoen schommelde. In Europa zijn de vooruitzichten niet veel beter : voor sommigen West-Europese merken zou de daling tot 20 % kunnen oplopen.
Het feit dat de vraag naar auto’s in de geïndustrialiseerde landen niet groeit, is evenwel niet alleen aan de conjunctuur te wijten. Sommige markten zijn inderdaad verzadigd. Dat is het geval voor Japan, maar ook voor de VS waar ongeveer elke inwoner die oud genoeg is om een voertuig te besturen ook effectief een wagen bezit. De markt wordt dus voornamelijk aangestuurd door een vervangingsvraag. De constructeurs die zich van hun concurrenten willen onderscheiden zullen dan ook in staat moeten zijn om nieuwe niches te ontdekken en te exploiteren.

Gruwelijke overcapaciteit
De forse daling van de vraag confronteert de auto-industrie meer dan ooit met het probleem van de overcapaciteit van haar fabrieken. Dat is zeker geen nieuw zeer, maar de gevolgen ervan waren minder voelbaar toen de sector zoals tussen 2003 en 2007 de wind in de zeilen had. Maar als de markttrend plots omkeert, treedt het probleem weer brutaal op de voorgrond bij alle constructeurs die er geen oog voor hadden toen alles goed ging. De vaste kosten wegen bijgevolg steeds zwaarder door.
De autogroepen die al met een zwakke rentabiliteit kampten toen de economie op volle toeren draaide, zullen 2009 met verlies afsluiten. Dat is o.m. het geval voor Peugeot.
Andere constructeurs zullen de schade dankzij hun ruimere marges kunnen beperken, maar zullen hun winst toch een flinke duik zien nemen, bijvoorbeeld BMW.

Veranderingen onvermijdelijk
Om de conjuncturele en structurele problemen te bezweren zal de auto-industrie soms moeilijke keuzes moeten doen. Om haar leefbaarheid op lange termijn veilig te stellen zal ze diepgaand moeten veranderen en alleen de spelers die daarin slagen zullen als winnaars uit de crisis komen.
Volgens ons komt het erop neer dat de constructeurs zich (meer) moeten specialiseren en zich op bepaalde marktniches moeten toespitsen, bijvoorbeeld luxewagens.
Daarnaast is de kans is groot dat de autoconstructeurs hun krachten zullen moeten bundelen om te kunnen groeien of zelfs maar te overleven. De grote baas van Fiat voorspelt zelfs dat de huidige crisis zal uitmonden in een consolidatiegolf, en dat er daarna nog slechts zes spelers een rol op wereldniveau zullen spelen. Dat valt te bezien. Want tot nu toe waren de fusies en overnames niet altijd succesvol. Denk maar aan het huwelijk tussen Chrysler en Daimler dat op een scheiding uitliep. Bovendien zouden regeringen (internationale) toenaderingen kunnen afremmen om hun kroonjuwelen te beschermen en geen werkgelegenheid te zien verloren gaan.
Anderzijds is het nog niet duidelijk in hoeverre de auto-industrie zelf zal moeten opdraaien voor de financiering van de technologische overgang naar een “propere” auto.

Moeilijke toekomst
Volgens ons zullen de meeste autogroepen hun doelstellingen dit jaar niet halen : de marges staan onder druk door de aanzienlijke vaste kosten en door de herstructureringslasten, de slabakkende vraag weegt op de omzet en de crisis tast het vermogen om liquiditeiten te genereren aan (stocks van onverkochte wagens groeien aan, veel wagens worden met verlies verkocht). Om hun toekomst veilig te stellen zullen de autoconstructeurs ongetwijfeld blijven investeren in de groeilanden en in nieuwe modellen. Maar dat zal wellicht ten koste gaan van de dividenden over 2008 en 2009. Zo zou Renault het dividend over 2008 wel eens volledig kunnen schrappen.

Voorzichtigheid voor alles
Hoewel hun schuldgraad toegenomen is, konden de Europese autogroepen tot nu toe een gezonde balans voorleggen. Vraag is wat de definiteve jaarresultaten 2008 zullen onthullen over de financiële situatie en over de toekomstige strategie. Na de steile val die hij in 2008 maakte, is de autosector niet duur. Maar rekening houdend met de uitdagingen waarvoor de constructeurs zowel op korte als op middellange termijn staan en met het gevaar dat de crisis tot in 2010 duurt, kunnen we alleen maar op veilig spelen.

Voor alle autoaandelen uit onze selectie is ons advies houden.
Eén uitzondering : General Motors dat op de rand van het faillissement balanceert, raden we aan om te verkopen.

Deel dit artikel