Analyse
Onder de loep : sector voeding en drank 9 jaar geleden - maandag 2 juni 2008

Wat betekent de stijging van de grondstofprijzen voor bedrijven die actief zijn in de voedings- en drankensector ? Is het predikaat “defensief” nog van toepassing ?

Niet onderuit…
Voedings- en drankenproducenten zijn uiteraard gevoelig voor de evolutie van de landbouwproducten die ze als grondstof gebruiken, maar ook voor de olieprijs die een weerslag heeft op de transportkosten en op de prijzen van plastic verpakkingen. Voor graan en andere basisproducten lijken de ergste prijsstijgingen nu achter de rug, maar ze blijven relatief duur. Aan de klim van de petroleumprijzen lijkt voorlopig geen einde te komen. De ondernemingen uit de sector, die in onze selectie zijn opgenomen brengen het er vrij goed af. Zo is de index van de Europese voedingsaandelen sinds begin 2008 met 8,4 % gedaald, terwijl het gemiddelde van de Europese beurzen met ruim 9 % acheruitging.

EUROPESE VOEDINGSAANDELEN

O.m. dankzij het behoorlijke dividendrendement deden houden de aandelen uit de Europese voedingssector relatief goed stand.

… want niet onvoorbereid
Dat de voedings- en drankenproducenten er niet onder door gaan door de plotse prijsstijging van de basisproducten sinds 2007, komt doordat vele onder hen al een strategie uitgedokterd hadden om hun rentabiliteit te vrijwaren of zelfs te verbeteren.

· Focus op toegevoegde waarde
Groepen zoals Nestlé en Danone hadden al vroeg begrepen dat ze de concurrentie van de “witte” producten het best konden bestrijden door het (kwaliteits)verschil met hun eigen producten te vergroten en in de verf te zetten. Ze begonnen meer premiumproducten met een hoge toegevoegde waarde te produceren met het accent op gezondheid en wellness, die vooral bestemd zijn voor een gegoed publiek. Dankzij deze strategie daalde het aandeel van de grondstofkosten in de totale productiekosten. Tegelijk kregen de bedrijven meer ruimte om hun verkoopprijzen zo nodig op te trekken. Voor de brouwerijgroepen lijkt deze premiumstrategie minder goed te werken. Terwijl consumenten vlot een hogere prijs neertellen voor gezonheidsdrankjes zoals Actimel (Danone), aarzelen ze bij een pintje...

· Expansie in groeilanden
Daarnaast hebben heel wat ondernemingen uit de sector de laatste jaren of zelfs decennia fors geïnvesteerd in de opkomende landen waar de economische groei een stuk hoger ligt dan in de Westerse wereld. Bij sommige genereren deze groeizones al meer dan een 1/3 van de omzet. Deze strategie heeft bijvoorbeeld Unilever en Coca-Cola geen windeieren gelegd. En het is nog maar een begin : naarmate de koopkracht in deze landen stijgt, zullen ze niet alleen méér, maar ook duurdere producten kopen, wat de winstgroei van de voedingsbedrijven een aardige boost kan geven.

· Besparingen
Tot slot hebben de bedrijven de ruimte om de commerciële en algemene kosten terug te dringen benut. Producten met een te lage rentabiliteit worden uit de portefeuille verwijderd, er worden blockbusters ontwikkeld, producten die jaarlijks een omzet van meer dan 1 miljard dollar opbrengen, of er worden via overnames of fusies kostenbesparende synergieën gecreëerd. Specialisten terzake zijn InBev en Pernod-Ricard. De brouwer zou zelfs opnieuw een bod op een grote concurrent, het Amerikaanse Anheuser Busch of het Zuid-Afrikaanse SAB Miller, overwegen. De groep heeft haar kunnen wel al bewezen, maar alles zal afhangen van de prijs en de financieringsmetode.

Besluit
De voedingssector mag zijn traditioneel defensieve imago voorlopig nog eer aan doen, helemaal immuun voor conjunctuurrsico’s is hij toch niet. Indien de voedingsprijzen de komende maanden en jaren fors blijven stijgen en/of de wereldeconomie in een duurzame malaise wegzinkt, dan zal de sector er natuurlijk niet uitgeschonden uitkomen, waarbij de zwakste merken nog meer onder de bloei van de witte producten zullen lijden. Maar wij geloven niet in zo’n rampenscenario. We zien de basisvoedselprijzen, weliswaar op een hoog niveau, eerder stabiliseren. Anderzijds zou de wereldeconomie in 2008 en 2009 met respectievelijk 3,4 en 3,8 % toenemen, met name dankzij de groeilanden.

Advies
De voedingsaandelen houden vrij goed stand. Dat is o.m. te danken aan hun doorgaans aandeelhoudersvriendelijke politiek. Zo heeft InBev zijn dividend recent fors opgetrokken. Het gemiddelde dividendrendement voor de sector bedraagt zowat 3 % bruto. En sommige bedrijven kopen eigen aandelen in, zoals Nestlé dat gespreid over drie jaar voor 25 miljard Zwitserse frank kapitaal (12 % van de beurskapitalisatie) wil terugkopen.

De sector is door elkaar genomen niet goedkoop. Van de aandelen die we volgen zijn er vier duur : Danone, Heineken, Pernod Ricard, en Unilever.  Die aandelen verkoopt u best.

Cadbury, Coca-Cola, Diageo, InBev, Miko, en Nestlé  zijn correct gewaardeerd en mag u houden.

Kraft Foods prijkt als enige op ons aankooplijstje. Het aandeel is goedkoop en de groep die nog maar sinds 2007 als onafhankelijke onderneming bestaat, heeft volgens ons nog een inhaalbeweging te goed inzake internationalisering, kostenbesparingen, innovatie... en ze heeft de (financiële) middelen om haar ambities waar te maken.

Deel dit artikel