Analyse
Onder de loep : Financiële sector in de problemen 9 jaar geleden - maandag 26 november 2007

De subprimecrisis en de aanhoudende koortsachtigheid van de beurzen wegen wereldwijd steeds meer op de banksector.

De subprimecrisis en de aanhoudende koortsachtigheid van de beurzen wegen wereldwijd steeds meer op de banksector. Sinds het begin van het jaar verloor hij 15,9 %, samen met de mediasector (-15,5 %) de zwakste prestatie. De winst van de banken stond in het derde kwartaal zwaar onder druk en de situatie blijft verslechteren. De beleggers verliezen hun vertrouwen omdat de meeste banken geen open kaart speelden over hun reële betrokkenheid. De liquiditeitsproblemen van deze zomer lijken intussen nog verergerd.  
Op enkele uitzonderingen na zijn de financiële waarden uit onze selectie goedkoop. In de huidige context is het echter zaak om erg selectief te zijn.

Een enorme impact
In het derde kwartaal werd er wereldwijd voor een recordbedrag van 40 miljard dollar aan voorzieningen aangelegd met het oog op de mogelijke gevolgen van de subprimecrisis. Maar terwijl in de VS een heel aantal banken rechtstreeks aan de kredietcrisis blootstaat, is dat in Europa enkel voor HSBC het geval. Toch werden ook UBS, Crédit Suisse, Deutsche Bank, Société Générale, Crédit Agricole, Dexia en Fortis erg zwaar getroffen. Enkele andere zoals KBC, Nordea, BNP Paribas, Barclays, Santander of zelfs HSBC stelden de markt gerust.
De turbulenties op de beurzen zorgden daarentegen aan beide kanten van de oceaan voor zwakke resultaten in de zakenbank : sommige activiteiten zoals adviesverlening bij fusies/overnames vertraagden, andere zoals de effectenhandel voor eigen rekening, de afgeleide producten… boekten verliezen. En meer dan één topman werd de laan uitgestuurd, zoals bij UBS of bij enkele Amerikaanse banken. En het is wellicht nog niet gedaan…

Nog moeilijke maanden voor de boeg
In het vierde kwartaal zouden de financiële groepen wereldwijd nog voor 30 miljard dollar waardeverminderingen moeten boeken en in het eerste kwartaal nog eens 40 miljard. Van overal komen er ramingen van de door de crisis veroorzaakte waardeverminderingen en verliezen. Volgens OESO- en andere rapporten zouden de directe gevolgen voor de financiële sector kunnen oplopen tot 250 à 300 miljard dollar en de indirecte tot 150 miljard. De Amerikaanse banken zouden hiervan het leeuwendeel torsen. We moeten hierbij wel voor ogen houden dat waardeverminderingen niet noodzakelijk tot verliezen leiden. Waardeverminderingen zijn boekhoudkundige operaties die een bedrijf verplicht is door te voeren om de waarde van een actief in overeenstemming te brengen met zijn geschatte waarde van dat ogenblik. Ze zullen enkel tot verliezen leiden als het betrokken actief verkocht wordt of simpelweg in rook opgaat. Hoe dan ook, de volgende maanden zullen dus nog moeilijk zijn, temeer daar de getroffen zakenbank- en financieringsactiviteiten tijd nodig hebben om te herstellen. De herstructureringen en het daarbij horende schrappen van banen zijn al van start gegaan en zullen voortgezet worden. Het hoogtepunt van de crisis wordt in 2009 verwacht, maar volgens ons moet het vanaf de tweede helft van 2008 mogelijk zijn om een duidelijk zicht op de situatie te krijgen.

Liquiditeit en vertrouwen
De brutale beursdaling in augustus heeft op de interbankenmarkt een liquiditeitscrisis veroorzaakt. Geconfronteerd met de plotse daling van de waarde van hun activa durfden de banken elkaar geen geld meer te lenen. De centrale banken moesten tussenkomen en enorme bedragen in de markt pompen om het financiële systeem te stabiliseren. Doordat de banken achterdochtig zijn wat de reële betrokkenheid van hun collega’s betreft, blijft de situatie hachelijk. Dit gebrek aan transparantie heeft ook het vertrouwen van de beleggers aangetast, de ideale voedingsbodem voor geruchten. Zo werd er gefluisterd dat Barclays voor 10 miljard pond waardeverminderingen zou doorgevoerd hebben, terwijl het in werkelijkheid om 1,3 miljard ging.

Advies
In een poging om het vertrouwen te herstellen hebben de financiële vennootschappen de beleggers aangaande een mogelijk faillissement proberen gerust te stellen, zonder daar evenwel in te slagen. Uit angst dat er lijken uit de kast zouden vallen en onzeker over de werkelijke draagwijdte van de gevolgen, leggen heel wat directies een overdreven pessimisme aan de dag. Gevolg, er zijn heel wat koopjes te doen op de beurs, temeer daar de voor 2007 en 2008 gemiddelde verwachte brutodividendrendementen van de Europese bankaandelen boven 6 % liggen. Volgens ons zijn de Europese banken niet van plan om hun dividendpolitiek te veranderen, in tegenstelling tot sommige Amerikaanse banken die zwaarder getroffen zijn en die over een minder gezonde financiële situatie beschikken. Maar zelfs als de Europese banken hun dividenden zouden verlagen, dan nog blijven de aandelen volgens ons evaluatiemodel goedkoop.

Deel dit artikel