Voeding en gezondheid onder de loep van logo TA
Nieuws

Ongezond transvet: waar blijft de wet?

30 oktober 2012
graisses trans

30 oktober 2012

Houdt u van koekjes, gebak, luxebroodjes, en gefrituurde lekkernijen? U hebt (letterlijk) geen idee hoeveel ongezonde transvetten erin zitten …

Er zijn verzadigde en onverzadigde vetzuren, en er zijn ook transvetzuren. Deze laatste zijn veel schadelijker voor onze gezondheid dan de verzadigde vetzuren. Toch worden ze zelden vermeld op het etiket. De Hoge Gezondheidsraad vraagt meer transparantie, en pleit voor een bindende wetgeving.

Het ene vet is het andere niet

Vetten in onze voeding zijn essentieel. Niet alleen voor de smaak, maar ook voor onze gezondheid.
Maar het ene vet is het andere niet. Sommige vetten zijn gezond, terwijl andere vetten schadelijk zijn.

Verzadigde vetten zijn schadelijk voor het lichaam. Ze verhogen het slechte cholesterolgehalte (of LDL-cholesterol) en mogen daarom niet meer dan 10% van onze dagelijkse calorietoevoer uitmaken. 
Onverzadigde vetzuren hebben een positief effect wanneer ze voorkomen in hun natuurlijke vorm. In dat geval spreken we van cisvetzuren. Ze verminderen de slechte cholesterol (LDL) en verhogen de goede cholesterol (HDL). 
Tijdens fabricageprocédés (hydrogenering, frituren, grillen) kunnen cisvetzuren worden omgevormd tot transvetzuren. Die zijn nog schadelijker dan verzadigde vetzuren: ze verhogen de slechte cholesterol (of LDL-cholesterol) en verlagen de goede cholesterol (of HDL-cholesterol). Gevolg: een nog hoger risico op hart- en vaatziekten.

Natuurlijke en industriële transvetten

Een kleine hoeveelheid van de transvetzuren die we binnenkrijgen, komt uit vlees en zuivelproducten afkomstig van herkauwers. Dit zijn echter natuurlijke vetzuren die koeien en schapen aanmaken tijdens de vertering in de pens. Voor zover bekend, vormen ze geen gevaar voor de volksgezondheid. 

Het merendeel van het transvet in onze voeding komt uit geharde of gehydrogeneerde vetten. Dit zijn in feite zachte onverzadigde vetten (vloeibare plantaardige oliën) die industrieel werden omgezet in harde verzadigde vetten. U vindt ze terug in koekjes, gebak, luxebroodjes, gefrituurde voeding, en bepaalde margarines.  

Industrieel geharde vetten vormen wél een probleem voor uw gezondheid. Toch zijn fabrikanten niet verplicht om ze te vermelden op het etiket. Als consument weet u dus niet hoeveel transvet u binnenkrijgt.

Transvetten aan banden

In 2003 publiceerde de Wereldgezondheidsorganisatie de aanbeveling om de aanvoer van transvetten te beperken tot maximaal 1% van de totale energieaanvoer. Sommige landen gaven daar gehoor aan. In Denemarken bijvoorbeeld mag het totaal aantal vetten in voedingsmiddelen, van andere oorsprong dan melkproducten en vlees, maximaal 2% transvetzuren aanvoeren.

België blijft achter. In onze publicaties drongen we er meermaals op aan om het voorbeeld van Denemarken te volgen. Het verheugt ons dat de Hoge Gezondheidsraad onlangs hetzelfde advies heeft geformuleerd. Dit wetenschappelijk adviesorgaan van de overheid denkt dat een bindende wetgeving doeltreffender is dan overleg met de industrie of etikettering.
Wij dringen er bij de bevoegde overheidsinstantie op aan om deze gelegenheid aan te grijpen en werk te maken van een wetgevend kader inzake transvetzuren. 


Afdrukken Versturen via e-mail