Server Error
Server Error
Server Error
Server Error

Open brief aan Minister Onkelinx over de databank geneesmiddelen van Test-Aankoop

21 feb 2014

Mevrouw Laurette ONKELINX
Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid 
Hertogstraat, 59-61
1000 BRUSSEL

Brussel,  21 februari 2014

Betreft:  databank geneesmiddelen van Test-Aankoop

Geachte minister Onkelinx,

Een team van artsen en apothekers van Test-Aankoop werkte meerdere jaren aan een grondige analyse van de werkzaamheid en de veiligheid van geneesmiddelen, gebaseerd op gereputeerde onafhankelijke wetenschappelijke bronnen. Sommige beroepsgroepen en instanties ervaren deze analyse van Test-Aankoop als “een brug te ver”, geen zaak voor een consumentenorganisatie, die zich moet beperken tot wasmachines en gsm’s. Want als het over gezondheid gaat, dan kan de consument op zijn twee oren slapen. Arts en apotheker weten immers wat “goed is voor welke patiënt”. Nochtans, in het meest recente rapport van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg over de performantie van ons systeem, leest men dat onze zorgverstrekkers wetenschappelijke richtlijnen onvoldoende volgen.

Test-Aankoop deelde voor zijn analyse alle geëvalueerde geneesmiddelen in een beperkt aantal categorieën: nuttig en beperkt nuttig enerzijds, en betwistbaar nut en af te raden anderzijds. Een dergelijke oefening is geen eenvoudige zaak. Er is dan ook veel overleg en discussie, ook met externe experten, aan te pas gekomen. Deze classificatie heeft het grote voordeel de consument op een laagdrempelige manier te informeren over de waarde van geneesmiddelen. Het is als het ware een consumentvriendelijke vertaling van informatie waarover artsen en apothekers kunnen beschikken via bronnen zoals het Belgisch Centrum voor Farmacotherapeutische Informatie (BCFI), la Revue Prescrire, het Geneesmiddelenbulletin, het Farmacotherapeutisch Kompas enz. Het gezondheidsteam van Test-Aankoop is hierbij zeer zorgvuldig te werk gegaan, en uiteraard zijn ze zich ervan bewust dat een geneesmiddel niet werkt bij alle patiënten, of niet geschikt is voor bepaalde patiënten, en er dus ook producten nodig zijn voor een “tweede- of derdelijnsbehandeling”. Deze geneesmiddelen kregen over het algemeen ook een positieve beoordeling, minstens als “beperkt nuttig”.

De beoordeling van Test-Aankoop is positief voor zo’n 84 % van de 4 000 geëvalueerde geneesmiddelen: 57 % krijgt het label “nuttig”, en 27 % heeft een beperkt nut volgens het expertenteam. Maar over 15 % van de beoordeelde geneesmiddelen stelt Test-Aankoop zich ernstige vragen. Van maar liefst 460 producten (12 %) bestaan er grote twijfels of ze wel werken en/of voldoende veilig zijn. Daarnaast raadt Test-Aankoop het gebruik van niet minder dan 113 geneesmiddelen (ongeveer 3 %) ten stelligste af. Deze medicatie heeft meer na- dan voordelen en moet dan ook van de markt verdwijnen. Het BCFI plaatste deze week overigens een gelijkaardige boodschap op zijn website naar aanleiding van de analyse van Test-Aankoop en stelt “Ook het BCFI is van oordeel dat een aantal geneesmiddelen geen plaats meer hebben.” (1)

Test-Aankoop tilt als verdediger van de belangen van de consument, die ook (af en toe) patiënt is, zeer zwaar aan deze cijfers. Als minister verantwoordelijk voor onze Volksgezondheid, deelt u wellicht onze bekommernissen. We vragen u dan ook met aandrang maatregelen te nemen. Uw interventie lijkt ons des te noodzakelijker na de reacties in de pers van verschillende betrokken stakeholders.

U nam terecht initiatief om apothekers te verplichten tot permanente bijscholing. Deze verplichting kwam er nadat verschillende onderzoeken van Test-Aankoop aantoonden dat de kwaliteit van de farmaceutische zorg van te veel apothekers te wensen overlaat. Klaarblijkelijk is de nood aan wetenschappelijke vorming van deze beroepsgroep hoog. De Algemene Pharmaceutische Bond suggereert in zijn communicatie dat de werkzaamheid van een geneesmiddel af te leiden valt uit individuele ervaringen. Zijn woordvoerder heeft positieve ervaringen met Reflexspray, dus het effect ervan is bewezen, is de redenering. Fout: dit effect kan net zo goed te wijten zijn aan een placebo-effect, of gewoon aan het spontaan verdwijnen van de klachten. De enige manier om aan te tonen dat een geneesmiddel werkt, is via zogenaamde gerandomiseerde dubbelblinde klinische studies, waarbij het geneesmiddel wordt vergeleken met een placebo, of bij voorkeur met de beste beschikbare behandeling voor een bepaalde klacht of aandoening.

We hopen dat het wetenschappelijk gehalte van de bewijzen waarover het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) beschikt van een hoger niveau is, wanneer het stelt dat alle geneesmiddelen op onze markt werkzaam en veilig zijn. Deze bewering is inderdaad geruststellend voor de burger en ook Test-Aankoop vindt het belangrijk dat de consument vertrouwen kan stellen in geneesmiddelen. Maar dat wil niet zeggen dat deze in slaap gesust en dom gehouden moet worden, integendeel. Trouwens, deze stelling valt moeilijk te rijmen met de evaluatie van de Commissie voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik van het FAGG (17 juni 2011) zelf, waarin letterlijk wordt gesteld dat "er geen sterke evidentie is voor de doeltreffendheid van “cold and cough” geneesmiddelen". Deze evaluatie leidde onder andere tot het op voorschrift plaatsen van een aantal hoestsiropen, en het ontraden van het gebruik van sommige producten bij kinderen. Daarnaast besliste het FAGG dat er (vanaf 2015) geen plaats meer is op onze markt voor de zogenaamde “samengestelde hoestsiropen” (2)  Inderdaad, het gaat hier om hoestsiropen zoals Toplexil, Nortussine, Pholco-Mereprine, Saintbois, die in de lijst van Test-Aankoop vermeld staan bij de af te raden medicatie. Is het FAGG dan toch dezelfde mening toegedaan als Test-Aankoop?

Toegegeven, de taak van het FAGG wordt er niet altijd gemakkelijker op gemaakt door de farmaceutische industrie. Haar koepel pharma.be verklaart in haar persbericht met volle overtuiging dat er geen vuiltje aan de lucht is, en dat de overheid sowieso ingrijpt als er zich toch enig probleem zou voordoen.  Ze vergeet hierbij wel te vermelden dat ze het ons Agentschap niet eenvoudig maakt als deze dan toch uiteindelijk maatregelen wil nemen. Zo trokken verschillende firma’s naar de Raad van State tegen de beslissingen van het FAGG met betrekking tot geneesmiddelen tegen hoest en verkoudheden (3).

De daadkracht van het FAGG is te laag: de drempel om in te grijpen ligt te hoog, en wanneer actie wordt ondernomen, dan leidt dit veel te traag tot een concreet resultaat. Een voorbeeld: in mei 2010 schreef Test-Aankoop het Geneesmiddelenagentschap aan in verband met middelen voor een slijmhoest, zoals Siroyxl en Lysomucil. Het Franse Geneesmiddelenagentschap verbood het gebruik ervan voor kinderen jonger dan twee jaar op grond van ernstige verwikkelingen ter hoogte van de luchtwegen. Het duurde 3 jaar (!) vooraleer het FAGG tot dezelfde conclusie kwam (4). En hierbij krijgen de firma’s nog tot begin 2014 om een dossier in te dienen met betrekking tot de gevraagde aanpassingen. Conclusie: bijna 4 jaar later is deze informatie nog steeds niet opgenomen in de bijsluiter van meerdere van deze geneesmiddelen.

Voor deze traagheid kunnen verschillende redenen worden aangehaald, zoals wettelijke procedures die te log zijn, of een gebrek aan middelen voor het FAGG. In zijn officiële communicatie vermeldt het FAGG geen van deze plausibele redenen. Wat scheelt er dan wel, vraagt Test-Aankoop zich af?

De gemiddelde Belg grijpt te snel naar geneesmiddelen voor banale klachten. Daarover lijkt iedereen het eens en dit wordt door alle partijen als een groot probleem ervaren. De schuld wordt hierbij al snel in de schoenen van de consument geschoven. Maar wat is de verantwoordelijkheid in deze van het FAGG en de Algemene Pharmaceutische Bond, die schijnbaar weinig problemen zien in het afleveren van geneesmiddelen die niet méér zijn dan een placebo, met uitzondering van de bijwerkingen dan? En wat is in deze de rol van de alomtegenwoordige reclame voor voorschriftvrije geneesmiddelen, die de verkeerde perceptie van heel wat consumenten alleen meer versterkt? Blijkbaar ervaart het FAGG dat alles niet als problematisch, maar heeft dit Agentschap wel moeite met de onafhankelijke analyse van Test-Aankoop. Begrijpe wie kan.

We eindigen toch graag op een positieve noot: verschillende verenigingen van huisartsen houden er een andere mening op na. Domus Medica, langs Vlaamse zijde, ervaart de reclame voor geneesmiddelen wel als problematisch. In navolging van ons onderzoek vindt het Groupement Belge des Omnipraticiens (GBO) het een goede zaak dat de burger zich kritische vragen stelt bij het nut van geneesmiddelen.

Dr. Martine VAN HECKE, Coördinator Gezondheid   

Ivo MECHELS, Directeur Lobby & Press  

(1) http://www.bcfi.be/nieuws/index.cfm?welk=629
(2) http://www.fagg-afmps.be/nl/news/news_antitussifs.jsp
(3) http://www.fagg-afmps.be/nl/news/news_antitussifs_arrets_ce.jsp
(4) http://www.fagg-afmps.be/nl/news/news_mucolytiques.jsp?referer=tcm:290-225285-64


Server Error
Server Error