Dossier

Kredietopeningen: blijf ervan weg

04 mei 2017
kredietopeningen

04 mei 2017
Krediet via een kredietopening kent de laatste jaren een flinke opmars. Dat is een heel soepele formule, die erg aanlokkelijk kan lijken. Maar ze is superduur. En vóór je het weet, zit je in een schuldenspiraal. Blijf weg van dit krediet of maak er verstandig gebruik van.

Wat is het?

Een kredietopening is een kredietformule die zowel door banken als door winkels wordt aangeboden. Het is een erg soepele formule, er zijn slechts enkele beperkingen. Dat maakt dit krediet zo aantrekkelijk, maar tevens … zo gevaarlijk.

De kredietgever geeft je de mogelijkheid om over een bepaald bedrag te beschikken. Je kunt al naargelang van je noden uit die reserve (“kredietlijn”) putten. Het betreft een specifieke vorm van consumentenkrediet, de spelregels zijn dus bij wet vastgelegd.

Als je eenmaal een kredietopening hebt, mag je gebruik blijven maken van de kredietlijn zonder dat je telkens een kredietaanvraag moet indienen en een nieuw contract moet ondertekenen.

Zodra je een bepaald bedrag hebt terugbetaald, mag je onmiddellijk opnieuw uit de geldreserve putten, zonder enige formaliteit. Het is dus een automatisch krediet (ook "revolving credit" genoemd).

Verder mag je zelf in grote mate bepalen hoe snel je het krediet afbetaalt. Een kredietopening werkt immers heel anders dan een verkoop of lening op afbetaling. In die gevallen is men verplicht om zich aan een vast afbetalingsplan te houden: men moet maandelijks een vast bedrag terugbetalen – dat telkens bestaat uit een deel terugbetaling van het “geleende kapitaal” en een deel intresten op het kapitaal dat nog niet is terugbetaald – tot het krediet volledig is afbetaald. Bij een kredietopening daarentegen kun je het heel rustig aan doen met de afbetaling, volgens je eigen tempo.

De meeste kredietopeningen zijn contracten zonder einddatum.

Je bent alleen verplicht om per maand een minimumbedrag te storten, volgens wat in het contract is vastgelegd. Heel vaak stelt de kredietgever voor de afbetaling een domiciliëring voor ten bedrage van het verplichte minimum. Dat minimum is niet per se elke maand dezelfde som: het is een bepaald procent van het krediet dat is opgenomen, met bovendien een minimumbedrag (bv. € 25).

Normaliter mag je ook niet verder gaan dan de kredietlijn die je werd toegestaan. Als je bv. een kredietlijn hebt gekregen van € 3 000, is dat in principe het absolute maximum dat je mag opnemen.

Tot slot ben je verplicht om af en toe je kredietlijn terug op nul brengen. Tegen een bepaald ogenblik moet je dus het volledige bedrag van je schuld hebben terugbetaald. Men spreekt van de “nulstelling”. De termijn waarbinnen je dat moet doen, bedraagt maximaal tussen één en vijf jaar, al naargelang het contract en de kredietlijn. Maar een kredietgever mag de nulstelling sneller eisen, kijk voor de exacte termijn in je contract. Hij moet je uiterlijk twee maanden vooraf verwittigen. De nulstelling betekent echter niet het einde van het krediet: zodra je je schuld hebt afgelost, mag je opnieuw geld opnemen van je kredietlijn. Er begint een nieuwe nulstellingstermijn te lopen zodra je weer krediet opneemt.