Nieuws

Barrière voor rechtstoegang weggewerkt

10 februari 2017
Griffierechten

10 februari 2017
Als gevolg van onze klacht heeft het Grondwettelijk Hof verschillende bepalingen vernietigd van een wet uit 2015 die de griffierechten hervormde - maar vooral duurder maakte. Een overwinning voor de rechtzoekende burger, waarover wij bijzonder tevreden zijn!

Een wet van twee jaar geleden hervormde het traditionele systeem van de griffierechten. Die rechten vormen als het ware het “entreegeld” om gebruik te mogen maken van justitie. Doelstelling: de werklast en de kosten bij justitie te verminderen. Maar deze hervorming miste volledig haar doel en zorgde ervoor dat de toegang tot justitie onbetaalbaar werd.

Voor de wet van 2015 hing het bedrag van het griffierecht reeds af van de aard van het rechtscollege waarbij het geschil aanhangig werd gemaakt. De nieuwe wet voegde er echter nog een aantal criteria aan toe: het aantal eisende partijen en de waarde van het geschil.

Toegang tot justitie onbetaalbaar

Wij maakten indertijd het sommetje… De rechtsplegingsvergoeding (verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten van de advocaat), de invoering van de btw voor advocaten (21 %) en de griffierechten die reeds met 15% waren verhoogd in de vorige legislatuur. Daar komen nog eens de kosten voor de dagvaarding en soms ook die van een expertise bij.

De wet van 2015 maakte de toegang tot de rechter aldus nòg minder evident!

Om die reden trokken wij naar het Grondwettelijk Hof om de wettekst te laten vernietigen.

De waarde van het geschil

Zoals wij reeds stelden, is de wetgever er verkeerdelijk vanuit gegaan dat er een verband bestaat tussen de waarde van de vordering en de werklast voor het gerechtelijk apparaat.

Het is namelijk zo dat vorderingen met een beperkte financiële inzet een ingewikkeld karakter kunnen vertonen en een hoge werklast voor het gerechtelijke apparaat meebrengen. Omgekeerd kan de behandeling van vorderingen met een hoge financiële inzet eenvoudig zijn.

En daar heeft het Hof ons nu gelijk in gegeven!

Hoe moet het nu verder ?

Een vernietiging impliceert dat men terugkeert naar de voorgaande regeling. Normaal gezien zou men dus een aantal beslissingen van de rechters moeten herzien. Om allerlei administratieve en budgettaire complicaties te vermijden, heeft het Grondwettelijk Hof bepaald dat de gevolgen van de vernietigde bepalingen worden gehandhaafd tot 31 augustus 2017 en dit voor de vorderingen die bij een rechter tot die datum zijn gesteld.

Regering en Parlement kunnen nu de regeling zoals ze bestond voor de wet van 2015 behouden, of een nieuwe hervorming voorstellen.

Wij van onze kant zullen uiteraard de rechten van de burger die toegang zoekt tot justitie blijven verdedigen en proberen te vereenvoudigen.


Afdrukken Versturen via e-mail