Waarom gebruiken we cookies? We gebruiken eigen cookies en cookies van derden om de kwaliteit van de navigatie te verbeteren, inhoud te personaliseren, statistieken te genereren, advertenties aan te passen aan je voorkeuren en je interactie met je sociale netwerken te vergemakkelijken. Voor dit doel verwerken we persoonlijke gegevens, zoals je browsergegevens. Als je je bezoek aan onze website voortzet, aanvaard je onze cookies. Als je meer informatie wenst over ons cookiebeleid of alle of sommige cookies wilt annuleren, klik dan hier

Smartphoneverzekeringen hun geld niet waard

30 aug 2018

Bij de aankoop van een nieuwe smartphone is het misschien aanlokkelijk om in te tekenen op een extra verzekering, als waarborg tegen diefstal en (accidentele) schade, maar dat is maar zelden een goed idee. Een analyse van de voornaamste verzekeringen toont aan dat een dergelijke verzekering buitensporig duur is en bovendien zoveel beperkingen bevat dat je in vele gevallen naast een vergoeding grijpt.

Hoge premie, beperkte dekking

Dat er iets schort aan de dekkingsvoorwaarden van de verzekeringen voor smartphones konden we reeds vijf jaar terug vaststellen. Van de 24 geanalyseerde verzekeringen bleek er geen enkele van voldoende kwaliteit. Dat er sinds die tijd niets veranderd is, valt sterk te betreuren, zeker gezien intussen ook de Ombudsman voor Verzekeringen het aantal klachten omtrent dit type verzekering zag toenemen. “Een eerder beperkte omvang van de waarborgen” en zelfs “een lege doos”, zo stond al in het rapport van 2016 te lezen.

De problemen zijn vandaag nog steeds dezelfde als voorheen. Ten eerste is er de prijs. Die is niet in verhouding tot de aankoopprijs van het toestel. Voor goedkope toestellen tot € 200 betaal je een jaarpremie van minstens € 72 voor een – in theorie – voldoende uitgebreide verzekering. Bij toestellen vanaf € 600 loopt dat al op tot minstens € 129 per jaar. In de meeste gevallen komt het erop neer dat de premie ongeveer 20 procent van de aankoopsom bedraagt. Het is alsof je een wagen van € 20 000 zou verzekeren voor € 4 000 per jaar. Daar komt bij dat je in het geval van een schadevergoeding bijna nooit de volledige som terugbetaald krijgt: meestal is er een vrijstelling die varieert volgens de aankoopwaarde van het toestel.

Ten tweede is de kwaliteit van de dekking ondermaats en zijn er tal van uitsluitingen. In de praktijk komt het erop neer dat je bij een schadegeval niet eens zeker bent dat de verzekeraar zal tussenkomen. Materiële schade is geregeld voer voor discussie. Is het scherm van je toestel bv. na een val gebarsten, dan wordt dat niet altijd vergoed, omdat de verzekeringsmaatschappij als voorwaarde kan stellen dat er geen tussenkomst is voor louter ‘cosmetische schade’ – schade die geen invloed heeft op de goede werking van het toestel. Is er daarnaast ook maar enige vorm van nalatigheid mee gemoeid, dan maak je weinig kans. Ook bij gevallen van diefstal kan de dekking enorm variëren en zijn er soms heel specifieke beperkende voorwaarden. Diefstal met geweld of braak valt doorgaans onder de dekking, maar werd je toestel ’s nachts uit je wagen gestolen, dan zullen de meeste verzekeraars niet tussenkomen.

Onvoldoende of vage informatie

Daarnaast is de informatie die je als consument krijgt op het moment van het afsluiten van een contract vaak onvolledig. Hoewel de kwaliteit van die informatie sterk verschilt van verkoper tot verkoper, konden we vaststellen dat maar weinigen op de hoogte waren van de soms heel specifieke, maar toch niet onbelangrijke uitsluitingen van hun verzekeringsproduct. Dit is problematisch omdat je op die manier een verzekering onderschrijft die (zo blijkt meestal achteraf) niet volledig aan je verwachtingen voldoet. Ook de polissen zelf bleken overigens allesbehalve transparant en laten – o.a. omwille van onduidelijke of soms tegenstrijdige formuleringen – ruimte voor interpretatie, wat dan weer tot oeverloze discussies kan leiden over wat nu wel en wat niet onder de waarborg valt.

Dat er eerder dit jaar een wetsvoorstel goedgekeurd werd, die kennisvereisten oplegt aan iedereen die verzekeringsproducten aanbiedt, is in de praktijk een maat voor niets, aangezien de informatieplicht enkel geldt voor verzekeringen die meer dan € 200 kosten, en laat smartphoneverzekeringen daar nu meestal onder blijven.

Wat eist Test Aankoop?

  1. De kwaliteit van de dekking moet omhoog. Smartphoneverzekeringen blijken niet alleen zeer duur maar zijn voor die prijs ook veel te beperkt. Deze polissen bevatten namelijk heel wat uitsluitingen en tal van bepalingen laten ruimte voor interpretatie.
  2. Vandaag zijn verkopers van smartphoneverzekeringen niet gebonden aan de algemene informatieplicht voor aanvullende verzekeringen. De overheid moet de informatieplicht uitbreiden naar (smartphone)verzekeringen goedkoper dan € 200.

Test Aankoop richt dan ook een schrijven in die zin aan het FSMA, de autoriteit voor financiële diensten en markten, en aan Kris Peeters, de minister bevoegd voor Consumentenzaken, die in april nog liet optekenen dat “het verkooppersoneel en zelfs hun verantwoordelijken dikwijls niet voldoende op de hoogte zijn van het verzekeringsproduct dat beantwoordt aan de vraag van de klant.”