Test-Aankoop

Anorexia en boulimie

Anorexia en boulimie

Anorexia nervosa en boulimie zijn twee eetstoornissen die veel voorkomen bij meisjes en jonge vrouwen die absoluut willen vermageren. Bij anorexia is de drang naar vermageren zo groot dat ze voldoening krijgen als ze honger voelen en daarom obsessief diëten. Boulimiepatiënten wisselen eetbuien af met periodes van vasten. Ze braken hun voedsel uit of nemen laxeermiddelen. Hoe herkent u deze eetstoornissen? Zijn ze gevaarlijk? En hoe worden ze het best behandeld?
Meer lezen :
Twee eetstoornissen

- Anorexia: patiënten die lijden aan anorexia nervosa proberen doelbewust hun eetlust en hongergevoel te onderdrukken. Ze hebben een onweerstaanbare drang om af te vallen. Zelfs wanneer ze al erg vermagerd zijn, blijven ze ermee doorgaan.
- Boulimie: bij boulimie verliest de patiënt de controle over zijn eetgedrag. Uit angst voor een gewichtstoename braakt de persoon het voedsel uit en/of neemt laxeermiddelen.
Vooral meisjes en jonge vrouwen kampen met eetstoornissen. Verschillende factoren spelen een rol: erfelijkheid, persoonlijkheid (anorexialijdsters zijn vaak perfectionisten met een tekort aan zelfvertrouwen), ervaringen in het verleden (seksueel misbruik), de gezinssituatie, het beeld van de vrouw dat door de media wordt opgedrongen, de verloedering van onze eetcultuur …

Symptomen

- Anorexia: de patiënte is in overdreven mate bezig met haar figuur en wil absoluut gewicht verliezen. Ze eet minder en de variatie in haar voedselkeuze is beperkt. Het gewichtsverlies gebeurt geleidelijk en is in een vroegtijdige fase niet het belangrijkste kenmerk. Sociale en psychologische kenmerken zijn eerder zichtbaar: obsessief lijnen, minder contact met vrienden (vaak komt de persoon in een isolement terecht), minder sterke gevoelens, neerslachtig, depressief …
- Boulimie: de patiënte heeft een sterke behoefte aan eten om een gevoel van spanning te reduceren. Eten biedt troost. Tegelijk ervaart ze een gevoel van beheersingsverlies. Ze kan moeilijk stoppen met eten en slikt het voedsel vaak door zonder te proeven. Opvallend is dat boulimielijders dan vooral grijpen naar chocolade, koekjes, zoetigheid en vette hapjes. Hun eetpatroon is heel chaotisch: eetbuien worden opgevolgd door pogingen om het lichaam te reinigen. Mensen met boulimie komen open en tevreden over, maar voelen zich innerlijk erg ontevreden en onbehaaglijk. Vaak wordt ze gekweld door schaamte, zelfverachting, een wisselend humeur, depressiviteit … Ook de boulimiepatiënt heeft de neiging zich te isoleren.

Ziekteverloop

- Anorexia: de ziekte duurt gemiddeld 6 jaar. Sommige patiënten genezen na gespecialiseerde begeleiding en opvolging, anderen verbeteren maar raken er niet helemaal van af en nog anderen genezen helemaal niet. Anorexia loopt heel vaak fataal af. De complicaties (en het overlijden) zijn het gevolg van het extreem lage lichaamsgewicht. Ze veroorzaken hartritmestoornissen, een onevenwicht in de hormoonshuishouding, het wegblijven van de menstruaties/erecties en zaadlozing.
- Boulimie: boulimie begint met het iets meer eten dan men zich had voorgenomen en evolueert naar het schranzen van steeds grotere hoeveelheden. De frequentie van eetbuien verschilt van persoon tot persoon. Door het braken komen de mondholte en de slokdarm voortdurend in contact met het maagzuur waardoor die laatste beschadigd wordt, de speekselklieren opzwellen en de tanden worden aangetast. Ook keelpijn en langdurige heesheid kunnen voorkomen. De maag rekt uit en kan beginnen scheuren. Mensen met boulimie kunnen afhankelijk worden van medicijnen, o.a. van laxeermiddelen.

Behandeling

- Anorexia: een intensieve behandeling is noodzakelijk. In ernstige gevallen is zelfs een opname vereist. Anorexiapatiënten moeten terug leren eten en gemotiveerd worden om te verdikken. Dat is heel moeilijk doordat ze zich net goed voelen in hun dun lijf en bang zijn om te verdikken. De meeste patiënten hervallen na het stopzetten van de behandeling, daarom is een intensieve nazorg en opvolging onontbeerlijk.
- Boulimie: boulimiepatiënten worden meestal doorverwezen naar een psycholoog, psychiater of gespecialiseerde dienst die eetstoornissen behandelt. Ook hier kan hospitalisatie aangewezen zijn. De therapie wordt gekozen op basis van de achterliggende problematiek, de leeftijd en de sociale situatie van de patiënt. De behandeling kan bestaan uit individuele gespreks-, gedrags-, groeps- of gezinstherapie. Soms worden kalmeermiddelen en antidepressiva voorgeschreven. Deze medicijnen nemen uiteraard de achterliggende problemen niet weg en moeten daarom gebruikt worden in combinatie met psychotherapie.

Service

Ontvang elke maand onze gratis nieuwsbrief!

> Inschrijven

Word lid

> Meer info

Boek in de kijker

Goed slapen

Goed slapen

€ 18,69. Abonneeprijs: € 14,95.

> Al onze boeken