Home > Wie zijn wij
|
De scheiding tussen verzekeringen en privé-leven
Verzekeraars menen op dit ogenblik het recht te hebben verzekeringnemers alle vragen te mogen stellen die ze nodig achten en dit zowel vóór het afsluiten van het contract (om de voorwaarden ervan te bepalen) als tijdens de duur van het contract (om, bij een schadegeval, hun interventie te aanvaarden of af te wijzen) alsook om het contract te beëindigen. De huidige informaticamogelijkheden maken het de verzekeraars mogelijk steeds meer gegevens te bewaren en door te geven (en dus met elkaar te vergelijken). Zodoende kunnen ze de verschillende premies uiterst precies afstellen. De goede risico’s zien hun premies dan ook dalen, de slechte risico’s zien het tegenovergestelde gebeuren of worden, uit naam van de contractuele vrijheid, niet meer aanvaard. Bovendien vinden de verzekeraars het normaal dat ze tijdens de duur van het contract, wanneer zich een schadegeval voordoet, opnieuw alle nuttige vragen kunnen stellen om zich in te dekken tegen het risico dat de verzekerde hen ongewild bepaalde inlichtingen is vergeten overmaken. Er zijn minstens drie bezwaren tegen deze gang van zaken: - vanuit ethisch standpunt: verzekeringen veronderstellen een zo groot mogelijke onderlinge verdeling, temeer omdat heel wat verzekeringen verplicht zijn; - vanuit juridisch standpunt: het recht op respect voor de persoonlijke levenssfeer is een fundamenteel recht dat neergeschreven is in het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden en dat we ook steeds vaker terugvinden in bepalingen van materieel recht. Op vlak van verzekeringen moet het respect voor de persoonlijke levenssfeer des te meer gegarandeerd worden aangezien de verzekerde vaak persoonlijke medische gegevens dient over te maken; - vanuit economisch en statistisch standpunt: heel wat indelingen in risicoklassen zijn slechts ruwe schattingen die de werkelijkheid vervormen. Het resultaat is dat veel indelingen goede cliënten die in hoge risicoklassen geklasseerd zijn, bestraffen en ten onrechte personen die toevalsgewijs bij de goede risico’s zijn ondergebracht, bevoordelen. Het principe van gelijkheid en niet-discriminatie wordt dus met de voeten getreden. Wij zijn tegen het feit dat verzekeraars, zowel vóór het afsluiten van een contract als tijdens de duur ervan, vragen kunnen stellen die betrekking hebben op het privé-leven van de verzekerden. Bovendien verzetten we ons ertegen dat ze dergelijke gegevens, die geen rechtstreeks verband houden met het onderwerp van de verzekering, bewaren en aan derden doorspelen. |
| top |
Standpunten
- Vergelijkende reclame
- All in prijzen
- Het oorsprongslabel "Made in EU"
- Het CE-label
- Neutraliteit van de betaalmiddelen
- De beroepsordes
- Technologische neutraliteit
- De boekenprijs
- Harmonisatie op Europees vlak
- Aandeelhoudersrecht
- De buitengerechtelijke regeling van consumptiegeschillen
- De autoverzekering
- De scheiding tussen verzekeringen en privé-leven
- Discriminatie in verzekeringen
- Natuurrampen: verzekering en solidariteit
- Vervuilende stoffen in huis
- Tabaksgebruik
- Collectieve vorderingen
- Gekloond vlees
- Informatie aan patiënten door de farmaceutische industrie
- Betere wettelijke regeling voor hypotheekleningen